maandag 23 april 2007
Recensie: In de zon kijken van Anne Provoost
In de zon kijken doopte Anne Provoost haar nieuwe roman. Zelden een toepasselijker titel gelezen. Want kijken, begrijpen en observeren vormen het centrale thema van dit doorwrochte juweeltje.
In de zon kijken is het eerste boek dat de uitgever van de riant bekroonde Vlaamse jeugdboekenauteur (Woutertje Pieterse Prijs, Gouden Uil, Gouden Zoen, Boekenleeuw) liet verschijnen in zijn fonds voor volwassenen.
Specifiek gericht op de jeugd kon je boeken als Vallen en De arkvaarders al nooit noemen. Haar cross-overliteratuur laat zich door zowel adolescenten als volwassenen genieten. Het zijn uit losse scènes opgebouwde boeken die worden gekenmerkt door hun gelaagde, knap vervlochten thematiek, door zintuiglijke natuurbeschrijvingen en door uitgebeende zinnen die de lezer ruimte bieden de karakters en gebeurtenissen zelf nader in te vullen.
Beeldend, intelligent, rijk proza kortom, waarin over elk woord is nagedacht. Geen wonder dat het jaren duurt voordat Provoost er weer eentje af heeft. En dat literaire jury's haar boeken zo bejubelen.
Opmerkelijk genoeg is in de eerste voor volwassenen geschreven roman van Provoost de verteller en ik-figuur de kleine Chloë, een meisje van een jaar of zeven, acht. Ze woont met haar vanuit Europa naar Australië geëmigreerde ouders en haar puberende halfzusje Ilana in een afgelegen boerderij, waar haar vader zich onder meer bezighoudt met het stoken van (citroen)jenever. Haar fotograferende moeder worstelt met een oogkwaal, die haar binnen afzienbare tijd blind zal maken. Alsof dat nog niet genoeg is, valt haar vader - na een stevig glas ter viering van een geslaagde jachtpartij, zo wordt gesuggereerd - van zijn paard, raakt verlamd en overlijdt een paar weken later. De gevoelige, mensenschuwe Chloë, op dat moment al een geoefend waarnemer, wordt de chroniqueur van het verdriet. Van het onvermijdelijke afscheid.

Terwijl het blikveld van haar moeder zich dag na dag vernauwt, wordt haar blik scherper. Haarfijn registreert ze de af- en aangolvende perioden van rouw, ziet ze toe hoe haar moeder grip op het leven probeert te houden, neemt ze de bezorgdheid van de omgeving waar. En met zogenaamd onbesuisde acties probeert ze haar naar haar biologische vader gevluchte halfzusje (die het blinde starende oog van haar moeder niet meer kan verdragen) ertoe te bewegen naar huis terug te keren.
Alles klopt in dit van licht, zon, stof, droogte en gevaar zinderende boek. Tot in de finale, waarin een onverwacht pak sneeuw een koele deken legt over de uitgedroogde landerijen en iedereen tot bezinning komt. Tenminste, dat vermoeden we, want geheel in de stijl van Provoost blijft het ook in haar nieuwste pareltje weer de vraag of de verstandige voornemens daadwerkelijk worden uitgevoerd. (door Joke Dieben-Frerich, gepubliceerd in het Parool)
|