maandag 10 december 2007
Beurs van kleine uitgevers hoeft niet groter
door Judith Hornman voor De Pers
‘Volgend jaar krimp ik weer een beetje in’, zegt Nico Keuning van uitgeverij Reservaat. ‘Een oplage van 750 is toch wel aan de hoge kant, het moet wel te behappen blijven.’ Misschien niet direct een uitspraak die je van een uitgever zou verwachten, maar het geeft goed weer hoe het eraan toe gaat op de Beurs van kleine uitgevers.
Die werd gisteren voor de dertigste keer gehouden in Paradiso. Zo’n 95 uitgeverijen presenteerden zich daar aan het publiek. Hoe verschillend de uitgeverijen en hun specialismen ook zijn, allemaal hebben ze één ding gemeen: een grote liefde voor boeken in het algemeen en voor uitgeven in het bijzonder. Het is die persoonlijke passie die de uitgevers drijft, want om het geld hoeven ze het niet te doen.
Keuning: ‘Het blijft een beetje parelduiken. Als je een boek goed vindt en er spreekt iets uit van de persoonlijkheid van de schrijver, dan is de kans groot dat je het in het echt goed met diegene kunt vinden. Dan kun je kijken of je iets kunt gaan uitgeven.’ Die persoonlijke manier van werken herkennen ook Belinda Visser en Caroline Boone van stichting uitgeverij Brokaat, uit Middenbeemster. Het uit louter liefhebbers bestaande vijfkoppige bestuur brengt elk najaar één uitgave uit van een auteur die ze zelf selecteren.

Door de uitverkoren schrijver vervolgens veel ruimte en inspraak te geven, onderscheidt Brokaat zich van grotere uitgeverijen. De nauwe samenwerking die zo tussen uitgever en auteur ontstaat, is iets bijzonders, zeggen Visser en Boone. ‘Met een kleine oplage behoud je wel iets speciaals. We kiezen er echt voor om elke uitgave zo mooi mogelijk te maken.’
Elke nieuwe uitgave wordt bekostigd door de verkoop van de uitgave het jaar ervoor. ‘Het boek zelf is deel van het honorarium van de schrijver, juist omdat het zo bijzonder is’, vertelt Boone, in het dagelijks leven ook werkzaam voor een uitgeverij.
Het is echter een misvatting te denken dat alle uitgeverijen op de beurs klein willen blijven. Uitgeverij Douane uit Rotterdam heeft duidelijk grote ambities als het gaat om uitgeven. ‘We willen best de Beurs van kleine uitgevers ontstijgen’, zegt uitgever Arie van der Ent.
Doaune heeft in het fonds de serie Nieuwe Russen. Van der Ent, naast uitgever ook vertaler Russisch, probeert met nieuwe Russische schrijvers een groter publiek aan te spreken. ‘Maar ja, een boek maken is makkelijk, een boek verkopen is weer een heel ander verhaal. De jonge schrijvers worden ondergesneeuwd door de klassiekers, wat volkomen onterecht is. Blijkbaar is Rusland uit de mode. Misschien dat het weer onder de aandacht komt als het er heel erg slecht gaat in Rusland. Of heel erg goed’, voegt hij er lachend aan toe.
Of ze nu op zoek zijn naar een groter publiek of niet, het uitgeven lijkt bij alle deelnemers in het bloed te zitten. Zoals Nico Keuning het treffend zegt: ‘Je zou zeggen dat je na tien jaar wel weer eens wat anders wilt proberen, maar als ik mijn eigen boeken op de plank zie staan, begint het toch weer te kriebelen.’
|