dinsdag 11 maart 2008
Wat geven schrijvers aan hun oma?
Het thema van de boekenweek deze week is ‘Ouderdom’. Drie schrijvers over welk boek zij hun oma cadeau zouden doen.
Wiegertje Postma schreef het boek Vijf Strippen: ‘Never let me go van Kazuo Ishiguro wil ik zeker aan mijn oma geven. Het gaat over een ouderwetse kostschool en is heel ouderwets, bijna nostalgisch, geschreven. Tevens staat het boordevol futuristische ideeën en dat zal mijn oma wel aanspreken. Een boek dat ik niet aan mijn oma zal gevenishetruimzevenhonderdpagina's dikke boek House of Leaves van Mark Z. Danielewski. Fantastisch boek, maar door de bijzonder dik bovenop liggende post-moderniteit niet heelergomafahig. Er zitten drie verschillende verhaallijnen in, een rare bladspiegel en hypertekstualiteit. Of ik pas iets van een Nederlandse schrijver heb gelezen? Nee, ik lees bijna alles in 't Engels.’
Robert Vuijsje gaf gisteren nog zijn eigen roman Alleen maar nette mensen aan zijn oma van 94 cadeau. Vuijsje (1970): ‘Voor ik haar het boek gaf, vroeg ik eerst of ze nog wel las. Dat deed ze nog, maar niet meer zo snel. Er zitten inderdaad wat seksscènes in – iedereen begint steeds over de gangbang in de berging – dat zijn dingen die voor haar wat moeilijker te begrijpen zullen zijn. Maar dat hou ik niet voor haar geheim. Ze weet immers al dat ik een boek heb geschreven. Misschien krijg ik daar nog een telefoontje over. Ook zou ik haar mijn lievelingsboek American Psycho van Bret Easton Ellis cadeau doen; dat boek moet iedereen toch gelezen hebben. Hoewel mijn oma liever Max Havelaar leest. Ik zou haar nooit iets van Kluun of Saskia Noort geven. Zelf nooit gelezen, maar die boeken zijn niet goed geschreven. Noch hebben ze een mooie stijl.’
Cindy Hoetmer, schrijfster van het boek Schop Me!: ‘Ik heb net het boek van Robert Vuijsje Alleen maar nette mensen uit. Dat zou ik echt nooit aan mijn oma geven. Zelfs ik voelde me te oud voor dat boek. Veel seks en de negerinnendisco; dat sluit niet echt aan bij de belevingswereld van mijn oma. Ik lees af en toe passages uit mijn eigen boek voor en dan zit er weleens iemand van een jaar of 70 bij. Dan voel ik me tamelijk ongemakkelijk als ik expliciete stukken voorlees. Zinnen over drugsgebruik en wilde seks wil ik dan weleens overslaan. Niemand die het merkt. Laatst kwam mijn oud tante op bezoek. Ik raus dan snel mijn boekenkast voor haar door en dan kom ik toch terecht bij Geert Mak, Racha Peper en Hella Haasse.’ (uit DAG)
|