zaterdag 30 juni 2007


Recensie: Het geheim van Paros van André Oerlemans

door Annelies Vlaanderen voor BN/De Stem

Je moet het maar durven, je eigen roman zó aanprijzen op de achterflap:
"Het geheim van Paros" wordt de Nederlandse tegenhanger van de "Da Vinci Code" genoemd, maar dat zou het boek toch tekort doen. Behalve een spannende thriller is het een spirituele roman over de zoektocht naar liefde en waarheid.
Aan lef ontbreekt het André Oerlemans (Dongen, 1964) ook niet. Toe maar, opboksen tegen de Da Vinci Code, de natte droom van iedere thrillerschrijver, de nachtmerrie van iedere orthodoxe katholiek. Dan moet je wel met iets komen.



Oerlemans wist waar hij aan begon; hij schreef eerder onder andere de 'humoristische horrorbundel' 13 Verhalen voor het slapen gaan en de thriller Drakendoder middels via eigen uitgeverij De Vrije Dordtse Pers.

Hoewel de oud-Dongenaar vorig jaar aangaf eerder in zijn hoofd bezig te zijn geweest met zijn Geheim dan de verschijning van de Code, liggen de parallellen toch voor het oprapen.

Net als Brown's bestseller is Oerlemans' geesteskind een zoektocht naar de 'waarheid' omtrent het christendom, een zoektocht die vergezeld gaat van psychologische inzichten (de hoofdpersoon leert zichzelf kennen) en uitmondt in de ontdekking van een wereldverpletterend geheim.

De aanpak komt eveneens overeen: de queeste is verpakt in een thriller met als hoofdpersonage een man en als tweede figuur een mooie, jongere vrouw die niet alleen de liefde in het spel brengt, maar ook en vooral een essentiële rol blijkt te vervullen in het plot. Via historische passages wordt de lezer geregeld teruggeworpen in de tijd. Zoomen we in op de locaties, dan valt er wederom een parallel te trekken. Speelt in Brown's geval speelt het grootste deel van het verhaal zich af in het Louvre, Oerlemans heeft gekozen voor een andere toeristische trekpleister, het Griekse eiland Paros. Daar laat hij David Visser wanhopig zoeken naar zijn geliefde Naomi, die van de aardbodem verdwenen lijkt. Hij krijgt hulp van een aardige agent en een mysterieuze monnik, terwijl een domme commissaris en een wraakzuchtige assistent van de paus hem tegenwerken. Hoewel de personages naar bordkarton smaken, levert dat hier en daar spannende momenten op.

De schrijfstijlen ten slotte zijn eveneens vergelijkbaar. Bediende de Amerikaan zich van proza zonder enige literaire pretentie, Oerlemans lijkt evenmin te mikken op de Nobelprijs voor literatuur:
'Gillend, huilend en met ongeloof puilend uit hun oogkassen proberen de passagiers naar een reddingsboot te rennen.'
De cliché's tuimelen over elkaar heen: gekrijs is hysterisch, blikken zijn lonkend en een gat is gapend. Toch wil de schrijver maar al te graag de diepte in, getuige zinnen als 'Hoe kan licht schijnen zonder duisternis' en 'Sindsdien heeft hij ontdekt dat gevoel soms sterker kan zijn dan verstand'.

Echt hinderlijk wordt het om van dit boek te genieten bj het besef dat sommige details pertinent niet kloppen. David Visser en zijn vriendin zijn zwervers, ze leven in Nederland van de wind. Maar ze hebben wél geld voor een uitgebreide Griekse eilandentrip! De Postcodeloterij kunnen ze in elk geval niet gewonnen hebben.

Zo zitten er wel meer inconsequenties in het boek. Oerlemans had die er makkelijk uit kunnen halen als hij er meer tijd voor had genomen en meer afstand had genomen, voordat hij zijn Geheim had prijsgegeven.

Nu blijft zijn thriller steken in een mislukte poging de Da Vinci Code naar de kroon te steken. Hij is daarin overigens lang niet de enige. Tal van andere auteurs roken het succes van dit genre, de ene na de andere kloon verscheen de afgelopen jaren op de markt. Het is te hopen voor Oerlemans dat deze markt nog niet verzadigd is en dat er nog een boek in de koffer kan.


vrijdag 29 juni 2007


Ook planetoïde voor Hella Haasse

Na Harry Mulisch krijgt nu ook Hella S. Haasse een planetoïde naar zich vernoemd. Dat maakt de International Astronomical Union vandaag bekend.

Tijdens een openbaar colloquium over planetoïden, op 19 juli aan het Sterrenkundig Instituut Anton Pannekoek in Amsterdam, wordt de officiële naamgeving gevierd. Haasse (1918) is dan eregast en zal een oorkonde overhandigd krijgen.

Directe aanleiding is de verschijning van de avonturenroman Sterrenjacht bij uitgeverij Querido. Haasse schreef het feuilleton in 1950 onder het mannelijk pseudoniem C.J. van der Sevensterre voor Het Parool. Pas dit voorjaar onthulde de schrijfster dat zij achter deze naam schuilging.

De planetoïde die Haasse is toebedeeld, draagt nummer 10250, en bevindt zich net als collega Mulisch ergens tussen Jupiter en Mars. Een planetoïde of asteroïde bestaat meestal uit steenachtig materiaal en kan verschillen in omvang van een stofje tot een diameter van maximaal 1000 kilometer. Er zweven er naar schatting zo’n 300.000 in banen om de zon.

Toen Harry Mulisch (1927) in oktober 2006 een planetoïde naar zich vernoemd kreeg, ging het om nummer 10251. ‘Nu ben ik in de hemel’, sprak de auteur van De ontdekking van de hemel bij die gelegenheid opgetogen, eraan toevoegend dat de namen van Nobelprijswinnaars vaak worden vergeten, maar die van hemellichamen niet.


donderdag 28 juni 2007


Vondst mummie vorig jaar al in roman

Het is de grootste archeologische ontdekking sinds de vondst van het graf van Toetanchamon: de ontdekking van de mummie van de Egyptische farao Hatsjepsoet afgelopen woensdag. Maar de werkelijkheid is ingehaald door fictie. In de vorig jaar verschenen roman Koortsgloed van Marieke Groen werd de vondst van Hatsjepsoets mummie al beschreven.

In 1903 ontdekte Howard Carter, die 19 jaar later ook het graf van Toetanchamon zou ontdekken, twee vrouwelijke mummies in een klein graf in Het dal der koningen. Na DNA-onderzoek is nu gebleken dat een van de twee mummies de vrouwelijke farao Hatsjepsoet was. De andere mummie was Hatsjepsoets min Sitra-In.

In de roman Koortsgloed van Marieke Groen (Nieuw Amsterdam, 2006) vertrekt een Nederlandse vrouw naar Het dal der koningen in Egypte om te assisteren bij een archeologische opgraving. Er wordt een mummie gevonden waarvan het vermoeden bestaat dat het Hatsjepsoet was. In de roman wordt tevens verteld hoe de woensdag geïdentificeerde mummie oorspronkelijk werd ontdekt.

Marieke Groen (Amstelveen, 1966) begon begin jaren negentig, na een halverwege afgebroken opleiding jeugdwelzijnswerk en een reis door Afrika, met schrijven. Na een aantal jaren als freelancejournalist voor met name jongerenbladen te hebben gewerkt, debuteerde Groen in 1999 met de verhalenbundel Net als Barbapapa bij Uitgeverij Podium. In 2001 kwam de roman Zeven meter onder water uit. In dedaaropvolgende jaren schreef Groen in relatieve stilte aan haar roman Koortsgloed, die in mei 2006 is verschenen.



Blom schrijft biografie Jan Wolkers

Onno Blom, literair journalist en publicist, gaat de biografie van schrijver, schilder en beeldhouwer Jan Wolkers (81) schrijven. Dat heeft uitgeverij De Bezige Bij laten weten. "Jan Wolkers verleent zijn volledige medewerking aan de biografie en zal Blom exclusieve toegang verschaffen tot zijn persoonlijk archief."

De Bezige Bij verwacht de biografie in 2012 te kunnen publiceren. Blom is van plan op de Wolkers-biografie te promoveren in Leiden.

Blom (1969) studeerde in 1994 cum laude af in de Nederlandse taal- en letterkunde en Culturele Studies aan de Universiteit van Amsterdam. Hij schreef literaire kritieken en gaf les in dit verschijnsel aan de Universiteit van Amsterdam. Hij publiceerde ook boeken over Harry Mulisch en Gerrit Komrij.



Recensie: Moedig voorwaarts van Gerard Reve

Door Arie Storm voor het Parool

Gerard Reve (1923-2006) was een verwoed schrijver van brieven. In Moedig voorwaarts zijn de brieven verzameld die hij van 1974 tot 1997 schreef aan Bert en Netty de Groot. Bert de Groot was sinds 1974 uitgever van Reve.

We mogen van begin af aan getuige zijn van de zakelijke samenwerking. De eerste brief - de datering ervan is: 11 augustus 1974 - zet in met een welgemeend 'Zeer geachte Heer De Groot'. Vervolgens valt Reve met de deur in huis: 'Na een gesprek met de Heer Han Hoenders heb ik de eer U te benaderen terzake de publikaatsie van een werk van mijn hand door Uw huis.' Reve zit dan met zijn boeken voornamelijk bij Athenaeum-Polak & Van Gennep, toen de uitgeverij van Johan B.W. Polak. Maar hij heeft zo zijn redenen om in dit specifieke geval De Groot, toen werkzaam bij Elsevier, te benaderen.

Dat doet Reve op zakelijke wijze. Maar een en ander wordt direct al doorspekt met persoonlijker ontboezemingen. De correspondentie zal in de loop der jaren aan intimiteit alleen maar toenemen.

In dit boek krijgen we de gehele Reve. Dat wil zeggen: veel gedoe over geld, contracten, kopzorgen van de schrijver, eindeloze uitweidingen over het inspringen van alinea's en waarom sommige uitgevers daar toch niet aan willen, grappen en grollen.

Bert de Groot relativeert overigens in een nawoord het financiële karakter van de brieven: 'Voor Gerard was het een spel dat maar in beperkte mate om de knikkers ging. Veeleer ging het om erkenning van zijn schrijverschap.'

Wat betreft de grappen en oneliners: daarvan zitten er tientallen, zo niet honderden in het boek. De wat primitievere Revefan (Diederik van Vleuten, Theodor Holman) komt volledig aan zijn trekken.

Op reis door Indonesië doet Reve openhartig verslag:
'Het eten is geweldig. Elke 3de of 4de dag schijt je je eigen opeens in acht afleveringen binnen 1/2 uur totaal leeg, maar daarna heb je geen last meer.'
En:
'Verwonderlijk is het ontbreken van muggen en vliegen, al wordt hunne taak zeer efficiënt overgenomen door de rode mieren, die bijten als de ziekte en die je haast niet de baas kunt, omdat ze zoiets als 60 km per uur kunnen lopen, of nog veel sneller, in een sprint tot onder de plint.' (Effectief gebruik van rijm!)
De verleiding is groot hier nog veel van deze gein te citeren. Toch is er iets anders wat blijvender is aan deze brieven.

Hoewel je bij Reve moeilijk zaken van elkaar los kunt koppelen - alles loopt immers op kenmerkende wijze in elkaar over - werd ik het meest geraakt door de opmerkingen van Reve over zijn schrijven en zijn romans.

Van Johan Polak krijgt hij bijvoorbeeld de kritiek te horen dat men niet weet waarom hij eigenlijk in Londen zat. Dit naar aanleiding van Oud en eenzaam, een roman die zich inderdaad gedeeltelijk in Londen afspeelt. Reve merkt op dat hij het ook niet weet: 'Je tijd vermorsen, met de verkeerde mensen naar bed gaan, blijven hangen, mishandelen en mishandeld worden - dat is mijn leven.' Dat beschrijft hij, dat al dan niet gefictionaliseerde leven; hij giet dat hele gedoe niet echt in een fabrieksmatig ontworpen plot.

En dat is één van sterke punten van deze bundeling: de strijd die Reve levert tegen de moderne tijd. Hij schrijft op zíjn manier en op zíjn voorwaarden. Voor hem geen eendimensionaal proza of proza met een goedkope maatschappelijke strekking of met een emotioneel snel en gemakkelijk aansprekende thematiek.

Zoals Reve schreef, wordt nauwelijks meer geschreven.

Reve beschrijft gedetailleerd de jaren waarin hij heeft geleefd. De jaren zeventig, tachtig en negentig komen weer geheel tot leven. Het is ook nú nog interessant Reve te lezen, maar ik vrees - met Reve - het ergste.


woensdag 27 juni 2007


Recensie: Hart in hart van Désanne van Brederode

Door Beppie de Rooy in het Reformatorisch Dagblad

Te midden van de stapels nieuwe boeken die elke week opnieuw de boekhandels worden ingedragen, zijn er af en toe titels die opvallen. Een daarvan is de nieuwe roman van Désanne van Brederode (1970). Als schrijver is ze geen nieuweling meer, want ze schreef al drie romans en een pamflet. Hart in hart is haar vierde roman.

Van Brederode valt op omdat ze nadenkt, omdat ze geen genoegen neemt met de werkelijkheid zoals deze zich aandient.
„De geschiedenis vervalsen is de makkelijkste weg, zo houd je je leven dansbaar. Telkens die cirkels eromheen; en ik wil de spiraal naar binnen lopen. Langzaam.”
Désanne van Brederode kiest in haar werk de moeilijke weg; bij alles wat ze tegenkomt, of het nu journalistiek, politiek, filosofie of gewone levensdingen betreft, wroet en zoekt ze net zo lang tot ze bij de ”gebarsten mens” is aangekomen, in het spoor van Graham Greene, die ze dan ook mateloos bewondert.

Hart in hart begint niet alleen met een motto van Graham Greene („I cannot conceive a love that rises gently without a scar”), maar opent ook nog eens met Graham Greene: Van Brederode vertelt hem in een brief hoe hij haar aan het denken heeft gezet. In haast mystieke taal schrijft ze: „Kon ik uw ogen lenen? Mij net zo waarachtig bezien als u mij zag?”

Het verhaal dat Hart in hart biedt is nog niet eens zo boeiend: Lot Sanders gelooft in de Liefde met hoofdletters, in liefde die inslaat als een bliksem, die gek maakt van verlangen. En dan wordt ze ineens weduwe, haar man komt om bij een ongeluk. Schokkend is de ontdekking daarna dat ze haar huwelijk heeft geïdealiseerd, haar eigen hoogverheven huwelijk. Ze wordt wakker uit deze droom van Grote Liefde, ze blijkt haar eigen geschiedenis vervalst te hebben. Ze schuwt niets om daarna haar personages als slecht neer te zetten; een van hen neemt zijn toevlucht tot kinderporno, waarmee ze een ethische grens overschrijdt, niet noodzakelijk voor het boek en eigenlijk jammer voor zo’n veelbelovend schrijver en denker.

De bespiegelingen zijn talrijk. Bij Van Brederode lijkt het alsof het verhaal slechts bijzaak is, de beschouwing is namelijk hoofdzaak. Meestal levert een veelheid aan bespiegelingen een onmogelijke roman op. Niet in haar geval: de waarnemingen zijn zo ijzersterk dat het verhaal helemaal zo belangrijk niet meer is. Hart in hart leest als pamflet, satire.

Terwijl Van Brederode ogenschijnlijk van de hak op de tak springt (anekdotes, reflectie op eigen schrijfproces, dagboekaantekeningen) ligt daaronder een grote gemene deler: alles te willen ontrafelen, tot op het bot. Je komt het overal tegen: „Sophie keek dwars door haar vader heen, ze zag zijn ware drijfveren - of bestaan er geen drijfveren, laat staan ware?” Veel (tamelijk ingeburgerde) ideeën gaan op de schop, zoals de psychologie die herbeleving van jeugdjaren als medicinaal ziet: „Waarom zou je je jeugd moeten herbeleven, veel mensen geloven dat dat belangrijk is (...) om iets van hun ziel terug te vinden, de scherven bijeen te rapen (...) alsof je je kindertijd kunt overdoen, ditmaal met oorspronkelijke, waarachtige emoties - flauwekul.”

Dit boek vraagt er dus niet om gelezen te worden als een roman, waarbij de waarheid door verbeelding verleidelijk en bekoorlijk wordt; dit boek is het omgekeerde, de werkelijkheid wordt door scherpe analyse ontdaan van verheffende verbeelding, het goede en het schone zijn uit zicht. Het is alsof je bij een operatietafel staat: weinig fraai, maar noodzakelijk om te zien wat er allemaal binnenin zit. Geen fijne, veilige, gezellige wereld, maar onthutsend, ontluisterend, lelijk en afstotend. Hoe Van Brederode de seksuele handelingen van Berkman beschrijft, is weerzinwekkend. Alle barsten in de levens van de personages worden zichtbaar.

Je vraagt je al lezend af wat dan nog troost. Waar zoekt de auteur soelaas voor zo veel onthutsende ontdekkingen? Misschien zoekt ze haar heil in het verleden. Want juist dat wat er niet meer is, krijgt waarde in haar roman: ze zal meer van Graham Greene gaan houden, zo schrijft ze, hij is er niet meer, ze kan niet meer met hem praten, maar hij zit naast haar. In haar. Als er toch nog ergens een houvast is, dan is het in wat voorbij is:
„All good things that say, never last; and love, it isn’t love until it is past.”
Wat er niet meer is, krijgt pas waarde.

Dat maakt de roman van Van Brederode misschien wel extra cynisch. Hoe vreemd het ook klinkt, terwijl er weinig hoop is voor de mensen van Van Brederode, haar zoektocht naar het authentieke is verfrissend, hoe teleurstellend de uitkomst ook kan zijn. Maar Hart in hart is wel genadeloos. Want als alles is ontmaskerd, hoe dan verder (leven)? En waarom eigenlijk? Wat is haar troost? Misschien wel het schrijven zelf? De roman die zo vol van ideeën is, laat niets los over enig toekomstperspectief.


dinsdag 26 juni 2007


Schrijversprijs AKO voor onbekend talent

Naar schatting hebben circa een miljoen Nederlanders het idee om zelf een boek te schrijven en uit te geven. De Nieuwe Schrijversprijs 2007 heeft tot doel nieuw en veelal onbekend talent de kans te bieden zich te presenteren aan het grote publiek. De initiatiefnemers van de Nieuwe Schrijversprijs 2007 zijn de landelijke boekenketen AKO en (internet)uitgeverij Free Musketeers.

Dagelijks ontvangt de uitgeverij veel interessante manuscripten. Met de uitreiking van de Nieuwe Schrijversprijs geven AKO en Free Musketeers de onbekende schrijverstalenten achter deze manuscripten de kans zich te bewijzen naast de gevestigde schrijvers. Het insturen van een manuscript naar Free Musketeers kan tot en met 1 augustus 2007. Eind augustus zal er door AKO en Free Musketeers een shortlist van vier manuscripten worden samengesteld. Een deskundige jury, bestaande uit vakmensen uit de boeken- en mediawereld, zal de winnende schrijver bekendmaken.
(bron: Reclameweek.nl)



Recensie: Witte veder van Sanneke van Hassel

door Maarten Moll voor het Parool

Twee jaar geleden debuteerde Sanneke van Hassel met de verhalenbundel IJsregen. De verhalen werden enthousiast ontvangen. Nu is er een tweede bundel: Witte veder. Van Hassel schreef opnieuw fraaie verhalen.

IJsregen verscheen in 2005 net te laat om te worden opgenomen in de dat jaar verschenen, door Joost Zwagerman samengestelde verhalenbijbel De Nederlandse en Vlaamse literatuur vanaf 1880 in 250 verhalen. Maar als ooit een herziene druk zal verschijnen, maakt Van Hassel (1971) grote kans alsnog met een verhaal in de canon van het Nederlandstalige korte verhaal te belanden. Want in haar onlangs verschenen tweede bundel, Witte veder, staan een paar zeer fraaie verhalen.

In Witte veder draait het in alle verhalen om wachten en verwachtingen, en daarbij om zekerheden die geen zekerheden blijken te zijn, om het te laat in de gaten krijgen dat iets is veranderd. Een alledaagse thematiek, want wat is het leven meer dan wachten en verwachten, zonder dat je wordt tevredengesteld? Van Hassel laat dit in de meeste verhalen op een onnadrukkelijke wijze zien, waarbij het suggereren een grote rol speelt.

In Ik zit hier goed gaat een kleindochter op bezoek bij haar dementerende oma. Het is een vrij onopmerkelijk verhaal. De oma beantwoordt aan het beeld van een demente oma, compleet met 'komische' versprekingen en grappen. Allemaal pijnlijk, want het leven heeft voor oma niets meer te bieden. Ze wacht op bezoek - wat is er anders nog om naar uit te kijken? - maar weet eigenlijk niet wie tegenover haar zit.

Wat dit verhaal toch bijzonder maakt, zijn die paar zinnen waarin Van Hassel een complete roman stopt. In de kamer staat een bank. Maar niet de leren sofa uit haar vorige huis, 'die vanaf het begin van haar huwelijk meeging'. Van Hassel schrijft dan: 'Dit hier is een aardige tweezitter, goed voor een paar jaar.' Dat 'goed voor een paar jaar', daar gaat het om. De zin staat in het begin van het verhaal, en in die paar woorden zit een bijna wrede uitzichtloosheid, die toch begrensd is, en die alleen maar erger wordt door de rest van het verhaal. Je ziet haar zitten, het leven uitzittend. Aan het slot staat nóg zo'n zin die een wereld oproept die niet beschreven hoeft te worden: 'Ze staat niet voor het raam te zwaaien, zoals vroeger.' De beelden van een tijd dat oma nog oma was, verschijnen als vanzelf.

In het titelverhaal, over een bejaarde weduwnaar die een nieuwe relatie begint en zijn leven volledig afstemt op de afspraakjes, staat: 'De halte is vlak bij mijn huis. Als ze er tussen vijf over vier en kwart over vier niet is, weet ik dat ze niet meer komt.' Je weet hoe die man er die tien minuten bij zit, voor het raam. Een ongelooflijk krachtig beeld roept dat op.

De bundel staat vol met deze terloopse zinnen, die de verhalen een extra dimensie geven. Zinnen als geheime doorgangen. Tegelijkertijd geven die zinnen aan dat de situatie in het verhaal zal veranderen. Die zinnen zijn scharnieren, de verhalen schemergebieden.

Een moeder wacht in Zich aan hem tonen op haar zoon, die overkomt uit New York. Ze maakt zijn oude bed voor hem klaar en trekt de gele sprei glad. 'Dit was zijn trampoline.' Weer zo'n doorgang. Ze krijgt slecht nieuws te horen, voelt zich verschrikkelijk. Ze opent een raam. Van Hassel schrijft dan: 'Stilte en kou. Dit is het uur dat de gezinnen eten.' Meedogenloos.

De werelden in Witte veder zullen tegen het einde van de verhalen niet meer dezelfde zijn. Wat zeker leek te zijn, is dat niet. Het wachten draait uit op een desillusie, verwachtingen worden niet ingelost. En zo eindigen veel verhalen in deze bundel, die helaas met een paar mindere verhalen afsluit, op harde wijze. Maar wat hadden we eigenlijk verwacht van het leven? Dat heeft Sanneke van Hassel ons nog eens krachtig en mooi verwoord laten meebeleven.
(bron: Het Parool)



Bruna opent winkelketen in Second Life

Boek- en tijdschriftenketen Bruna gaat enkele honderden winkels neerzetten in de driedimensionale wereld van Second Life. Bruna is daarmee de eerste retailketen ter wereld die zoveel filialen opent in Second Life.

Bruna ziet Second Life als een nieuwe belevingswereld en verwacht ook daar Bruna klanten te kunnen benaderen. Een van de producten die Bruna in de driedimensionale wereld gaat verkopen is het onlangs verschenen Nederlandstalige boek met cd-rom over Second Life.



Klanten kunnen een willekeurige virtuele Bruna winkel binnenlopen waar zij het boek op de toonbank zullen vinden. Een simpele muisklik is voldoende om de bestelling verder af te kunnen handelen via www.bruna.nl. De bestelling wordt vervolgens binnen enkele dagen thuisbezorgd of in een Bruna-winkel naar keuze worden afgehaald.
(bron: Telegraaf)



Dorrestein schrijft Boekenweek-essay 2008

Renate Dorrestein schrijft het essay voor de Boekenweek 2008 over het thema ‘Van oude menschen... – De derde leeftijd en de letteren’. Dat heeft de organiserende Stichting CPNB vandaag bekend gemaakt.

Renate Dorrestein (1954) schreef tien jaar geleden al het ‘gewone’ Boekenweekgeschenk: Dit is mijn lichaam. Ze is ‘erg verrast’ dat de CPNB juist haar heeft uitgekozen om volgend jaar haar licht over de ouderdom te laten schijnen: "Het is een grote eer om een tandem te mogen vormen met Bernlef, die het Boekenweekgeschenk schrijft. Die lees ik al sinds mijn veertiende met grote bewondering."

Dorrestein vermoedt dat de keuze voor haar als auteur van het Boekenweekessay te maken heeft met haar vorige roman, Mijn zoon heeft een seksleven en ik lees mijn moeder Roodkapje voor. "Dat boek heeft in thematiek natuurlijk veel met de derde leeftijd te maken. Maar ik ambieer zeker niet om de rest van mijn leven over ouderdom te schrijven."

Renate Dorresteins twintigste en meest recente roman, Echt sexy, gaat overigens juist over jongeren en het geseksualiseerde leven van met name opgroeiende meisjes.

De essays voor de Boekenweek hebben een traditie van een zekere kalmte en onthechtheid, maar Dorrestein is van plan haar opdracht anders uit te voeren. "Mij staat een ouderwets manifest voor ogen." Waar vóór of tegen wil ze nog niet zeggen. "Ik heb wel een idee, maar dat is nog te embryonaal om me daar al op vast te leggen. Gelukkig heb ik nog even de tijd."
(bron: NRC.nl)
Deze herfst is Dorrestein gastschrijver aan de Universiteit Leiden, maar haar ervaringen aldaar zullen niet in het essay belanden. "Ik moet mijn tekst geloof ik al in september inleveren." De Boekenweek 2008 duurt van 12 tot en met 22 maart.



Schrijfster maakt eigen boektrailer

Lorna Minkman heeft onlangs haar nieuwste boek gepresenteerd: Jongensdroom. De roman gaat over de zeventienjarige transseksuele David. Hij gaat al als jongen door het leven en krijgt al hormonen, maar heeft nog het lichaam van een meisje. Hij draagt bijvoorbeeld een speciaal hesje om zijn borsten af te binden.

Om het boek onder de aandacht van jongeren te brengen heeft zij een filmpje gemaakt en dat op YouTube gezet.

"Ik had het boek nooit kunnen schrijven zonder twee transjongens, die mij eerlijk en open hun moedige verhalen vertelden, me meenamen naar het VU medisch centrum en humanitas. Om David geloofwaardig neer te zetten hebben ze mijn tekst van commentaar voorzien en meegedacht over zijn reacties," aldus Minkman.


maandag 25 juni 2007


Literair debuteren op Trouw.nl

Veel Nederlanders blijken schrijfambities te hebben. Door het starten van een eigen weblog kan iedereen vanaf vandaag literair debuteren opTrouw.

Nederland heeft miljoenen inwoners met schrijfambities. Dat blijkt uit onderzoek voor Trouw onder ruim 2000 mensen.Omgerekend ruim drie miljoen Nederlanders zijn het eens of geheel eens met de stelling ’Ik zou graag een goed verhaal of gedicht willen (leren) schrijven’.

Speciaal voor deze grote groep aspirant-auteurs wordt de website Schrijf!, Trouws digitale schrijfgemeenschap, vandaag volledig vernieuwd. Door het starten van een eigen weblog kan iedereen vanaf nu literair debuteren bij Trouw. Schrijfster Renate Dorrestein geeft de komende week adviezen.

Al langer geeft Trouw schrijvers de kans zich te manifesteren op haar website. Dat gebeurt vooral via schrijfwedstrijden, waarvan de beste inzendingen ook worden gepubliceerd in de krant. Op de vernieuwde site geeft columniste Hella Kuipers, zelf voortgekomen uit de Schrijf!-gemeenschap, stap voor stap inzicht in de honderd valkuilen waarmee iedere beginnende literator zich ziet geconfronteerd.

Schrijf! past in het streven van Trouw om speciale digitale gemeenschappen te starten op domeinen waar de krant zich op profileert. Zo ging afgelopen december Groen! de lucht in, de community voor liefhebbers van natuur en milieu. Met succes; www.trouw.nl/groen! trok de vorige maand alleen al 32.000 bezoekers.


zondag 24 juni 2007


Recensie: Echt Sexy van Renate Dorrestein

door Anne Jongeling voor Nu.nl

Dorrestein kruipt in de huid van een dertienjarige, en doet als een Malice in Wonderland verslag van de actuele, op seks beluste maar vooral bizarre jongerencultuur.

Twee en een halve ster hebben we helaas niet. Want Dorrestein krijgt 3 sterren voor haar intenties, maar twee voor de uitvoering. Ze vertelt het vanuit het perspectief van de dertienjarige Fiebie Koolveld (wat al echt zo'n gekunstelde boekennaam is).

Via Fiebie krijgt de lezer 'inzicht' in de hedendaagse jongerencultuur van TMF, MTV, pillen, drank, mobieltjes, Big Brother, internet, spijbelen, blote middenrifjes, onverschillige ouders, loverboys en veel seks. Heel veel seks.

Het verhaal is dat een vriendinnetje van Fiebie vermist wordt, en Fiebie wil haar vriendinnetje terug. Ze doorkruist de straten, en komt alleen maar oppervlakkige, op seks beluste, platte, vloekende, onverschillige mensen tegen. Iedereen jaagt zijn eigen wensen na, en als ze niet meteen krijgen wat ze hebben willen, roven ze het gewoon of dwingen de persoon in kwestie met lichamelijk geweld.

Echt Sexy komt nogal onwerkelijk en futuristisch over, maar Dorrestein beweert toch echt fiks onderzoek te hebben gepleegd voor dit boek, dat een verontruste j'accuse is over 'de jeugd van tegenwoordig'. Helaas is de schrijfster met haar vertelperspectief zóver van haar eigen wereld afgedreven, dat Fiebie tot karikaturale proporties wordt opgerekt, evenals de overige personages.

Werkelijk, staat de moderne moeder alleen nog maar aan de schoolpoort te kwetteren over botox en Pilates? Meurt elke schoolplee tegenwoordig naar zaad en cannabis? Naait iedereen iedereen een oor aan?

Dorrestein chargeert nogal. Maar wat vooral storend is, is als volwassenen het turbotaaltje van jongeren gaan kopiëren. Dat is tot nu toe niemand gelukt, dus het is merkwaardig dat Dorrestein tóch als een lemming die afgrond is ingelopen. Het werkt niet, en als er bovendien ook opeens weer een woord als 'saamhorigheid' tussenstaat, is dat gewoon slordig. Welke tiener zegt er nou 'saamhorig'.

De intellectueel Dorrestein laat zich toch niet helemaal opzij drukken. Bovendien is de lijn van het verhaal volgens de klassieke condities. Begin, eind, kop, staart, overpeinzingen, karakterontwikkeling, observaties. De schrijfster komt een heel eind met haar verbeelding van de jeugdige sekscultuur, maar heeft toch te veel de rol van wijze toeschouwer.


donderdag 21 juni 2007


Gouden strop voor Roel Janssen

Roel Janssen heeft de Gouden Strop 2007 voor het beste Nederlandstalige spannende boek gewonnen. Voor zijn thriller De tiende vrouw kreeg hij gisteravond in de Melkweg in Amsterdam een cheque van tienduizend euro en een beeldje overhandigd door juryvoorzitter Clairy Polak.

Volgens de jury heeft Janssen met zijn roman een effectief geschreven en bij tijd en wijle zeer geestige sfeertekening van het criminele milieu afgeleverd. Ook weet hij, aldus de jury, de verwevenheid tussen boven- en onderwereld inzichtelijk te maken.

Janssen vertelt in De tiende vrouw over journaliste Tessa Insinger die om haar moverende redenen aan boord stapt van een zeiljacht, eigendom van de megalomane projectontwikkelaar Eric Pincoff, bewonderaar van Karel de Grote. Eenmaal op zee ontdekt ze dat de sleutel tot Pincoffs financiële netwerk verborgen ligt in de namen van de tien 'vrouwen' van Karel de Grote. Ondertussen blijkt aan wal een crimineel duo nog een rekening te hebben uitstaan bij Pincoff.

De tiende vrouw is de vijfde thriller van Janssen (1947), gepromoveerd socioloog en als economisch redacteur in dienst van NRC Handelsblad.

Naast Janssens roman waren nog drie andere thrillers genomineerd voor de Gouden Strop 2007: Close-up van Esther Verhoef, Moord van de Vlaamse auteur Rudy Soetewey en Duivelsrug van Peter de Zwaan.
(bron: Brabants Dagblad)


dinsdag 5 juni 2007


Marieke Pril debuteert met Tja

Het is maar een dun boekje, maar Marieke Pril is er niet minder blij mee. De eerste boreling van de schrijfster uit Enschede is er immers en dat terwijl ze al negen jaar aan het schrijven is aan een ander boek. "Het schrijven zat er altijd al in".

Marieke Pril, 34 jaar en moeder van drie kinderen, geeft in Tja haar visitekaartje af. Op frisse en fruitige toon neemt ze de lezer mee in de relatieperikelen van een dertigjarige vrouw die de juiste man maar niet aan de haak kan of wil slaan.

Volgens de auteur is het geen autobiografisch verhaal: "Het is een humoristisch verhaal, gebaseerd op waargebeurde ervaringen van twee vrouwen met mannen, gecombineerd in één vrouw, Sela, die ze beleeft. Herkenbaar voor elke vrouw én man". Het boekje laat zich gemakkelijk in één ruk uitlezen. Uit hoeveel bladzijden 'Tja' bestaat, weet Pril niet. "Een beetje eigenwijs van me, maar ik heb de pagina's niet genummerd…".

Na het verhaal van Sela volgt een veertiental gedichten van de Enschedese. "Een gevoelige gedichtenbundel", noemt Pril haar poëzie. "Het is een tegenstelling op het verhaal, want dat is grappig. Ik heb nog drie gedichtenbundels op de plank liggen, twee in het Nederlands en een in het Engels. Die komen elke keer bij een kort verhaal". De Engelse gedichten zijn een gevolg van een paar jaar wonen en werken in Engeland. "Ik was er personal assistant bij een bedrijf. Ik heb mbo-detailhandel gedaan, maar het schrijven zat er altijd al in. Ik schrijf ook songteksten en artikelen over armoedebestrijding".

Dat Tja eigenlijk een tussendoortje is ontkent Pril niet. Ze hoopt namelijk de opvolgster te worden van Jean M. Auel die wereldfaam verwierf met 'De Stam van de holenbeer'. De Enschedese: "Ik ben al negen jaar bezig met een historisch fictieve roman, 'Vannah, het dal der beslissing'. Het gaat over de voorouders van de Zwartvoet-indianen die zo'n tienduizend jaar geleden leefden in Canada en Noord-Amerika. Ik had altijd al veel gevoel voor geschiedenis en antropologie. En Jean M. Auel vind ik geweldig. Maar je moet wel tijd hebben om te schrijven. Ik ben best druk geweest en het boek vergt veel research. Maar het begint best mooi te worden. Ik hoop het op het eind van het jaar af te hebben.

Ik hoop er mee door te breken, ook internationaal, zodat ik van schrijven mijn beroep kan maken. Het zal waarschijnlijk een trilogie worden, maar ja, dan moet ik er niet elke keer negen jaar over doen".

Mocht Marieke Pril zich inderdaad ontpoppen tot de nieuwe Jean M. Auel, dan zal ze haar rijkdom delen met andere mensen. De schrijfster is namelijk ook de voorzitter van SaBe, de afkorting van Stichting Armoede Bestrijding Enschede.

Een deel van de opbrengst van Tja gaat naar de stichting. "Ik neem elke vrijdag twee dames mee naar de Voedselbank, maar als je ziet wat in die pakketten zit, dat is diep triest. Een potje knakworsten dat over de datum is en onzinnig bakpoeder, maar geen vlees en geen aardappels. Doe er fatsoenlijke dingen in, vind ik. Onze stichting bestaat nu twee maanden en binnenkort hebben we een gesprek met wethouder Koomen."

Tja kost tien euro en wordt uitgegeven door uitgeverij Zuijderduijn. Het is te bestellen via helpsabe@gmail.com en telefonisch via 06-36137731.



Radio-DJ schrijft boek over Noordpool.FM

Radio 3FM-dj Michiel Veenstra is bezig het schrijven van een boek rondom de belevenissen tijdens de uitzendingen van Noordpool.FM. Het boek van de dj moet dit najaar in de winkel liggen.

Om aandacht te vragen voor het veranderende klimaat heeft Michiel Veenstra zijn 3FM-programma MetMichiel in de week van 23 tot en met 27 april dit jaar uitgezonden vanuit het ijskoude Spitsbergen, met als hoogtepunt de eerste live radio-uitzending ter wereld ooit vanaf de Noordpool.

Tijdens zijn radioprogramma wordt Veenstra overstelpt met vragen wanneer hij de online dagboeken van Noordpool.FM gaat afmaken. "Ik maakte elke dag een dagboekje, maar dat werd door tijdgebrek na dag vier een daaag-boekje. Ik ga de verslagen nog wel afmaken, maar niet meer op de site. Er komt namelijk een boek," zo vertelde hij op de radio.

In het boek zal uiteindelijk alles te lezen zijn over het ontstaan van het project, de totstandkoming van de monsterproductie en een dus een uitgebreid verslag van een week op de Poolcirkel en de allereerste rechtstreekse uitzending vanaf de Noordpool.
(bron: Radiofreak.nl)


maandag 4 juni 2007


Recensie: Close-up van Esther Verhoef

door Joke Langbroek, op verzoek van Boekennieuws.com
Het is elf maanden geleden, mijn laatste nacht met Edith, maar ik herinner me elk klein, ogenschijnlijk onbenullig detail met een verbijsterende scherpte, alsof het pas gisteren heeft plaatsgevonden. Ik denk er regelmatig aan terug, en in het begin hielp het om de drang onder controle te houden, maar de effectiviteit ervan begint af te nemen. Het gevoel dat het me gaf om haar te laten sterven, precies zoals ik het had gepland en op die juiste avond, alsof ik God was, is het beste gevoel dat ik ooit heb ervaren.
Wij zijn altijd een beetje huiverig voor de combinatie ‘thriller’ en ‘literair’. In de meeste gevallen had de verwijzing naar de literatuur weggelaten kunnen worden. Zo niet bij Close-up van Esther Verhoef. Dit is met recht een literaire thriller. Hier vinden we geen klungelig clichématig taalgebruik met allerlei stijlmiskleunen, want alles klopt aan dit boek: het is bloedstollend spannend en nergens zit je met gekromde tenen vanwege het obligate taalgebruik.

Close-up vertelt het verhaal van de 32-jarige Margot Heijne. Zij heeft moeite om na de pijnlijke scheiding van John haar draai weer te vinden. Haar zelfvertrouwen heeft een flinke deuk gekregen en zelfverzekerd was ze eigenlijk toch al nooit. Margot voelt zich altijd onzeker door haar lichaam dat te mollig is. Maar dan ontmoet ze de mysterieuze Leon Wagner, een zelfverzekerde fotograaf uit Amsterdam en ze worden verliefd. Margot vindt het te mooi om waar te zijn. Ze kan bijna niet geloven dat zo’n interessante man iets in haar ziet. Leon Wagner lijkt nog steeds te lijden onder de mysterieuze dood van Edith, zijn vorige vriendin die hij dood in bad heeft gevonden. Maar de lezer weet beter: ze is vermoord! Tussen de hoofdstukken over Margot bevinden zich de confidenties van de moordenaar die het ook op Margot voorzien heeft. Deze vorm maakt Close-up tot een letterlijk adembenemend spannende psychologische thriller. Als je Close-up uit hebt, wil je het eigenlijk meteen weer lezen.

Esther Verhoef heeft het druk. Close-up is –terecht- een enorm succes en prijkt al wekenlang in de top van de Bestseller Top 60. In hoge stapels ligt het bij de boekhandel, de eerste oplage alleen bedroeg al 75 duizend exemplaren, bestselleraantallen waaraan alleen auteurs als Connie Palmen, Youp van ‘t Hek en Geert Mak gewend zijn. Half mei was Verhoef, die in Frankrijk woonachtig is, even in Nederland om haar boek te promoten. In een interview met NRC Handelsblad karakteriseert ze haar ‘oestrogeenthrillers’ Rendez-vous en Close-up als ‘Verhoef light’.

Close-up is met voorsprong de beste Nederlandse thriller die de laatste tijd door een vrouw geschreven is. Andere vrouwelijke Nederlandse thrillerauteurs zoals Saskia Noort of Simone van der Vlugt mogen niet eens in Verhoefs schaduw staan. Zo snel mogelijk vertalen, deze potentiële internationale bestseller!

Meer over Esther Verhoef is te vinden op haar eigen website www.estherverhoef.nl.



Mai Spijkers koopt uitgeverij Prometheus/Bert Bakker

Uitgever Mai Spijkers zet de uitgeverij Prometheus/ Bert Bakker zelfstandig voort. Vanmorgen is hij met moederconcern PCM een uitkoop overeengekomen.

De hoogte van de koopsom is niet bekendgemaakt. De verzelfstandiging van Prometheus komt niet als een verrassing. PCM praat met het boeken- en krantenconcern NDC-VBK over een fusie. Enkele weken geleden werd duidelijk dat er onder de boekenuitgevers van NDC-VBK grote weerstand bestond tegen een fusie met PCM zolang Spijkers daar werkzaam was. Een aantal auteurs en personeelsleden van NDC-VBK vertrok eerder bij PCM na conflicten met Spijkers, die daar van 1999 tot 2004 leiding gaf aan de boekendivisie.

In een brief aan zijn auteurs heeft Spijkers het over „een jarenlang gekoesterde droom”.

Bert Groenewegen, interim bestuursvoorzitter van PCM Uitgevers, vindt verzelfstandiging voor beide partijen een goede oplossing: „Continuering biedt onvoldoende perspectief op toegevoegde waarde voor zowel PCM als Prometheus. Na goed overleg met de overige uitgevers hebben we de wens van Mai Spijkers gehonoreerd.”

De bestaande contracten met schrijvers worden voortgezet, evenals de samenwerking in het boekenfonds ven Prometheus en NRC Handelsblad. De bekendste auteurs van Prometheus zijn Connie Palmen, Martin Bril, Herman Brusselmans en Tom Lanoye. Bij Bert Bakker publiceert een groot aantal vooraanstaande historici en politici. Onder hen Herman Pleij, Frits van Oostrom en Wouter Bos.

Mai Spijkers geldt als het symbool van de verzakelijking van de Nederlandse uitgeversmarkt. In de jaren tachtig en negentig boekte hij successen met bestsellers van onder anderen Umberto Eco en Connie Palmen. Spijkers’ periode als directeur Algemene Boeken werd gedomineerd door conflicten, waarvan dat rondom uitgeverij Meulenhoff het bekendste is. Daar vertrok in 2001 redacteur Tilly Hermans met meer dan 20 schrijvers. Na een nieuw conflict in 2004 bleef van het eens vermaarde Meulenhoff weinig over.
(bron: NRC.nl)
‘Het is het leukst om eigen baas te zijn’
U was al jaren de baas bij Prometheus/Bert Bakker, maar steeds als onderdeel van een concern. Waarom wilt u zelfstandig verder?
„Ik heb met Prometheus laten zien dat ik in concernverband een literaire uitgeverij tot bloei kan brengen. Maar het is voor iedere uitgever natuurlijk het leukste om helemaal eigen baas te zijn.”

Als het uw droom was, waarom bent u niet veel eerder voor zichzelf begonnen?
„Bij mij speelde de gedachte al jaren door het hoofd. Sinds ik drie jaar geleden stopte als directeur Algemene Boeken bij PCM kreeg het idee steeds vastere vorm. Toen is ook vastgelegd dat ik bij een eventuele verkoop van de uitgeverij kandidaat-koper zou zijn. Maar PCM-topman Theo Bouwman had er geen oren naar zo’n transactie. Bij zijn [inmiddels ook alweer vertrokken] opvolger Theo aan de Stegge lag dat anders. Medio vorig jaar is het balletje gaan rollen.”

PCM praat nu met NDC-VBK over een fusie. In dat laatste bedrijf leefden bij de uitgevers bezwaren uitgesproken tegen een fusie met PCM zolang u daar werkt. Heeft dat de onderhandelingen bespoedigd?
„Ik heb daar nooit naar gevraagd. Het kan me ook niet zoveel schelen. Het besluit over de verzelfstandiging was in elk geval al veel eerder genomen.”

Heeft het verzet bij VBK de prijs gedrukt?
„Ik weet niet of dat invloed heeft gehad.”

Hoeveel heeft u voor Prometheus betaald?
„Daar doen we geen mededelingen over. PCM en ik zijn allebei tevreden. Er is geen derde partij bij de transactie betrokken, ik word de enige eigenaar. Er is niks spannends aan.”

Heeft u deelgenomen aan de lucratieve aandelenregeling bij het aantreden van Apax, de vorige eigenaar van PCM?
„Nee, daar voelde ik niets voor. Ik was net gestopt als directeur Algemene Boeken en ik had niet het gevoel dat ik mentaal nog onderdeel uitmaakte van het concern.”

U bent nu vol enthousiasme over de mogelijkheden van een zelfstandige literaire uitgeverij. Toen u nog directeur van de boekendivisie van PCM was, zong u juist de lof van samenwerking en synergie.
„Voor een procesgerichte, meer industriële uitgevers als Unieboek of Het Spectrum kan samenwerking veel voordelen opleveren. Maar voor literaire uitgeverijen is de synergie betrekkelijk. Daarin draait het veel meer om eigenheid en zelfstandigheid.”

Is dat een kwestie van voortschrijdend inzicht?
„Ik heb dat op een gegeven moment wel ingezien, ja. Je ziet bij veel uitgeverijen dezelfde beweging.”

Mag al het personeel blijven?

„Ja. Alle 21 mensen gaan mee. Ik ben niet bewust gaan versoberen. Ik wil ook een van de grootste literaire uitgeverijen van Nederland en Vlaanderen zijn. Dan moet je iedere kans pakken die je kan krijgen.”

2007 is door Connie Palmens ‘Lucifer’, waarvan 120 duizend exemplaren zijn verkocht, een goed jaar voor Prometheus. Wat gebeurt er met de opbrengsten van dat boek tot nu toe?
„We zijn overeengekomen dat het bedrijf met terugwerkende kracht per 1 maart van mij is.”

Dat is de dag waarop ‘Lucifer’ verscheen.

„Die datum was inderdaad mijn voorstel.”
(door Arjen Fortuin in het NRC)

Uitgeverij Prometheus/Bert Bakker zal zich in de loop van augustus vestigen op Herengracht 540, 1017 CG Amsterdam, meldt Boekblad.



Deze website verzamelt het laatste nieuws over Nederlandse boeken en schrijvers en geeft dit weer in één overzicht. Daarnaast vindt u hier ook videobeelden, recensies, fragmenten uit èn beschrijvingen van de laatste nieuwe boeken en verslagen van boekpresentaties. Word ook lid van de wekelijkse BoekennieuwsBrief en blijf helemaal op de hoogte!

Overzicht laatste nieuws:

www.assistme.nl advertentie


BoekennieuwsBrief
Wilt u op de hoogte blijven van het nieuws op deze site via e-mail? Word dan lid van de (wekelijkse) BoekennieuwsBrief! Naast het laatste nieuws treft u hierin ook voorpublicaties, recensies en/of fragmenten van nieuwe boeken.


Nog warme boeken:
Fragmenten:



Gebruik de RSS-feed
Blijf met Boekennieuws.com van moment tot moment op de hoogte van het actuele nieuws of wijzigingen op deze website. Per onderdeel wordt RSS-feed (ook wel XML-feed genoemd) aangeboden.

U kunt voor Windows FeedReader gebruiken. Deze reader is gratis, en werkt op alle Windows-platforms. Browst u over het internet met de Firefox-browser, dan ziet u een rss-knopje rechts in de adresbalk, waarmee u een abonnement op een feed kan starten. Mac-gebruikers kunnen kiezen voor NetNewsWire Lite. Ook deze is gratis. Niet alle RSS-programma's plakken onderstaande links automatisch in de lijst met favorieten. Klik met de rechtermuis op de link, kies voor Snelkoppeling kopiëren en plak deze in uw RSS-programma.

Laatste Boekennieuws
Laatste nieuwe boeken
Laatste nieuwe fragmenten

website monitoring

 Reageer
Tips? Nieuws? Commentaar? Complimenten?
Een mail naar is zó verstuurd.