vrijdag 30 november 2007


Recensie: The Next Ten Years (3) - Karin Spaink

Jilles Heringa voor de Volkskrant

Het wordt er niet gezelliger op in de nabije toekomst. Acht jonge schrijvers beschrijven een wereld vol kilte, misverstanden, paniek en een alomtegenwoordige Big Brother.

Hun korte verhalen zijn gebundeld in Korte verhalen voor de nabije toekomst, een boekje dat Nijgh & Van Ditmar in samenwerking met internetprovider Xs4all heeft uitgegeven in een reeks publicaties ‘over de maatschappelijke veranderingen die internet teweeg brengt’.

Het is opmerkelijk dat niet één schrijver de nieuwe technologieën in de nabije toekomst als een zegen voorstelt.

Alles gaat wel makkelijker, efficiënter en sneller, maar daar staat tegenover dat de mens zijn technologische omgeving steeds minder goed overziet en ten prooi valt aan eenzaamheid en gebrek aan fysiek contact.

In een verhaal van Sam Gerrits is de hoofdpersoon dolblij als hij eindelijk weer contact heeft met een echte vrouw:
‘Voor het eerst in jaren kon ik mijn harde schijf vol digitale vrouwenvormen in zijn dock laten. Ik bedankte mezelf voor het verversen van de doos condooms onder in het nachtkastje, ieder jaar weer, en voor het verschonen van mijn lakens die week.’
Jonathan van het Reve laat twee wantrouwige geliefden elkaars gedachten lezen door middel van een scanner, zodat ze kunnen besluiten of ze naar de film willen gaan.

Voor de meeste verhalen geldt dat de originaliteit vooral schuilt in de beschrijving van technologische vondsten en wonderlijke uitvindingen, en minder in de soms wat onbeholpen stijl. Daarnaast was het aardig geweest als samensteller Karin Spaink ook een verhaal had opgenomen van een schrijver die seks met een computer wél als bevredigend voorstelt.

Het verhaal van Niels ’t Hooft, Het meisje in de motorsloep, valt op doordat de technologie voor de verandering de mensen nu eens bij elkaar brengt. Een kordaat meisje ontdekt met behulp van een supersonische contactlens wat voor vlees ze in de kuip heeft als ze een jongeman uitnodigt in haar boot te stappen. Maar als ze hem te pakken heeft, verzucht ze: ‘Die technologie. Je komt erachter dat niemand perfect is.’ En op de vraag van de onthutste jongeman wat ze bedoelt, antwoordt ze: ‘Dat jij, met jouw uiterlijk, toch de juiste voor mij bent.’



Boekpresentatie Was alles maar konijnen van Renske de Greef

Donderdagavond 29 november was het zover en werd in Studio 80 te Amsterdam het langverwachte romandebuut van Renske de Greef (23) gepresenteerd. In de donkere voormalige radiostudio van de VPRO pompte een deejay de muziek op, werden er bessenwodka en kaasknabbelkettingen uitgedeeld aan het publiek, dat bestond uit familie, collega-auteurs, Spunk-collega's en vrienden.

Xandra Schutte, uitgever van Meulenhoff, nam het eerste woord en reikte het eerste exemplaar uit aan de schrijfster. Druk op afspelen voor een audio-fragment:


Vervolgens was het tijd voor twee fragmenten uit Was alles maar konijnen:



En gaf Renske háár eerste exemplaar weer uit aan een voor haar dierbare vriend:


Na een muzikaal intermezzo van de deejay waarbij Renske door iedereen gefeliciteerd werd, las schrijver Walter van den Berg een verhaal voor vanuit het perspectief van het konijn dat in het boek van Renske voorkomt, tekende striptekenaars Hanco Kolk en Floor de Goede konijnen en vond er nog een optreden plaats van Herman in een bakje geitenkwark. Nuchtere boekpresentaties in het huis van de uitgeverij met een champagneproost zijn er tegenwoordig niets meer bij.


Klik hier om een exclusief fragment uit Was alles maar konijnen te lezen.


donderdag 29 november 2007


Curaçaose schrijver Boeli van Leeuwen overleden

De Curaçaose schrijver Boeli van Leeuwen is woensdagavond (lokale tijd) op 85-jarige leeftijd overleden. Hij overleed na een kort ziekbed.

Van Leeuwen werd op Curaçao geboren op 10 oktober 1922 en debuteerde in 1959 met ‘De rots der struikeling', een roman die in 1960 in Nederland werd bekroond met de prestigieuze Vijverbergprijs, de huidige Bordewijkprijs.

Hij heeft diverse romans geschreven, waaronder ‘Het teken van Jona’ en de verhalenbundel ‘Geniale anarchie’.

Onlangs ontving hij op zijn 85ste verjaardag de bijzondere oeuvreprijs van het Nederlandse Fonds voor de Letteren.


'Te oud om te schrijven'



Martin Ros stapt naar de rechter

Boekrecensent Martin Ros (70) wil via de rechter regelen dat de TROS Nieuwsshow hem blijft inhuren voor zijn wekelijkse boekenrubriek op zaterdagochtend (Radio 1).

De redactie van dat programma maakt al 21 jaar gebruik van zijn diensten, maar wil verjongen en vernieuwen. Freelancer Martin Ros moet daarom wijken.

Ros is het daar niet mee eens en wil de kwestie op 6 december voorleggen aan de rechter, bevestigde een TROS-woordvoerster donderdag een bericht uit De Telegraaf. Zij hoopt echter dat haar omroep en Ros er voor die tijd in slagen de zaak te schikken. Welke redenen freelancer Ros de rechter wil voorhouden om aan te blijven, weet zij niet. Ros zelf heeft geen telefoon en is dus niet te bereiken.

Via zijn advocaat Bob van der Goen laat Ros weten dat hij moet vertrekken bij de TROS omdat de Nieuwsshow de boekenrubriek wil vernieuwen en hij daar niet toe in staat zou zijn. Ros vindt dat hij wel kan veranderen en wil daartoe eerst in de gelegenheid worden gesteld. Dat gaat hij de rechter voorhouden.

Volgens Van der Goen is niet Ros, maar de TROS met het juridisch steekspel begonnen. ''De omroep is naar de kantonrechter in Hilversum gestapt voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst die zij met Ros hebben. Ons kort geding is daar weer een reactie op. Martin Ros is de langst dienende radiospreker in Nederland ooit. Dat record komt binnenkort in het Guinness Book of Records. Deze meestbelezene van Nederland wil graag verder gaan met zijn rubriek'', schetst Van der Goen, die toevoegt eveneens te hopen dat de kwestie uiteindelijk toch buiten de rechtszaal kan worden geregeld.
(bron: ANP)


woensdag 28 november 2007


Klachten over radiospot van Vladiwostok!

Een radio-reclamespot voor de roman Vladiwostok! van P.F. Thomése (1958) heeft vanwege de daarin gebezigde grofheden tot een groot aantal schriftelijke klachten geleid.

Die zijn verzameld door de Reclame Code Commissie en doorgestuurd aan Contact-uitgever Mizzi van der Pluijm, vergezeld van het verzoek een verweerschrift op te stellen. Dat heeft ze gedaan. Op 11 december doet de Reclame Code Commissie uitspraak.

Van der Pluijm: 'Het spotje bestaat uit een beeldend citaat uit het boek, gevolgd door de aanbeveling die erop neerkomt dat dit een boek voor mensen met ballen is.' In het scherp-actuele Vladiwistok!, dat op 7 september verscheen, worden de daden en gedachten gevolgd van een politiek adviseur en een aspirant-politicus. 'Er bestaat een gigantisch onderdrukt gilles-de-la-tourette-syndroom in de westerse samenleving', aldus Thomése bij het verschijnen van zijn boek, waarmee hij de banaliteit wil tonen 'van dit soort quasi-gedreven, zogenaamd toegewijde figuren.' .

Uitgever Van der Pluijm heeft het stapeltje klachten van de radioluisteraars doorgenomen: 'Moet dat nou, al dat gevloek en die smerige porno, dat is de teneur. Ik ken ook boekhandelaren die hun klanten Vladiwostok! ontraden. Heel vreemd. Dit is nota bene een roman van een auteur die wil laten zien hoe vreselijk zijn personages zijn. Het gaat Thomése om hetzelfde als veel klagers.'

De Reclame Code Commissie kan op 11 december besluiten de reclamespot te verbieden. Van die straf zou Mizzi van der Pluijm niet bijster onder de indruk zijn. 'Het spotje wordt nu al niet meer uitgezonden.'
(bron: Volkskrant)



Roman Renske de Greef 'is géén seksboek'

door Annelies Vermeulen voor DAG

De debuutroman Was alles maar konijnen van Renske de Greef (23) komt morgen uit. Ze werd bekend met haar sekscolumns voor het jongerenmagazine Spunk - vijf jaar geleden.



Nu haar eerste roman bijna uitkomt, breekt een spannende tijd aan voor Renske de Greef. ‘Ik voel me kwetsbaar, omdat dit het beste is wat ik kan. Als mensen het dan afkraken, is het alsof je bestaansrecht als schrijver in het geding komt. Alsof je naakt voor iemand staat en diegene je flink in je gezicht rochelt.’ Ze hoeft zich nog geen zorgen te maken, want de eerste reacties op het boek zijn goed.

Was alles maar konijnen vertelt het verhaal van Sara die op een omslachtige manier contact zoekt met mensen: via briefjes en www.marktplaats.nl. Ze manipuleert haar eigen realiteit tot een wereld die zij graag zou willen zien. Maar bij opa is het anders. Hij is in de war en moet juist in de realiteit gehouden worden. Waren De Greefs columns altijd autobiografisch, dit boek is niet op haar eigen leven gebaseerd. ‘Ik deel veel van Sara’s fascinaties en obsessies, maar haar gedrag is anders.’

Schrijven is wat De Greef het liefste doet en als het soms niet lukt, is dat erg frustrerend. ‘Dan denk ik: haal mij maar door de gehaktmolen. Maar ja, als ik eens een keer toeterlam op de bar heb gedanst, kan ik de volgende dag echt geen scherpe zin meer schrijven.’

De Greef is op een heel andere manier met werk bezig dan veel leeftijdsgenoten. ‘Met boekhouders, facturen en een agent. Soms baal ik daarvan. Ik mis het om met anderen aan iets te werken. Daarom heb ik ook zoveel zin om naar Tanzania te gaan om daar met mijn goede vriend Jan Hoek een tijdschrift op te zetten. Dan kan ik lekker tegen hem aan zeuren.’

‘De Nederlandse Carrie Bradshaw’, of ‘de ideale schoondochter’, wordt De Greef vaak genoemd. ‘Ach, het leuke is leuk en van de rest trek ik me niets aan. Wel ben ik opgehouden mezelf te Googlen, daar word ik verdrietig van.’ Het valt mensen vaak tegen dat de schrijfster in het echt niet zo brutaal is. ‘Ik ben niet ad rem, maar onhandig. Ik kan niet leuk zijn op commando.’

Op haar 16de begon Renske de Greef bij online jongerenmagazine Spunk omdat haar goede vriend Jan Hoek daar ook voor schreef. Ze werd bekend door columns waarin ze haar seksleven in geuren en kleuren beschreef, gebundeld in het boek Lust. Samen met Jan Hoek schreef ze het boek Ja/Nee. En in december 2005 kwam Seks in Afrika uit. De Greef:‘Ik vind het vervelend als mensen mij nog sekscolumniste noemen, dat doe ik al vijf jaar niet meer. Ik schaam me er niet voor, maar het heeft weinig te maken met wat ik nu doe.’ Tegenwoordig heeft de schrijfster een column in de Vlaamse krant De Morgen en schrijft ze maandelijks een reportage voor tijdschrift Onze Wereld.


Klik hier om een exclusief fragment uit Was alles maar konijnen te lezen.


dinsdag 27 november 2007


'Martin Ros is te oud voor Radio 1'

door Reinier Kist voor het NRC Handelsblad

Martin Ros (68) stopt op 22 december als boekrecensent van het programma TROS Nieuwsshow op Radio 1. Sinds 1985 verzorgt hij wekelijks de boekenrubriek op zaterdagochtend. Reden voor zijn vertrek is dat de radiozender wil verjongen.

„De beslissing is genomen door de zendercoördinator die met de zender een jonger publiek wil gaan aanspreken”, zegt Anouk Evers, persvoorlichter van de TROS. Volgens Evers is Ros’ vertrek in goed overleg overeengekomen. „Hij begreep ook wel dat het niet gek is om na 21 jaar plaats te maken voor iemand anders.” De TROS voert momenteel gesprekken met mogelijke opvolgers van Ros.

Als Ros een schrijver bespreekt is dat goed voor de naamsbekendheid van een auteur. Maar luisteraars krijgen van de recensent geen afgewogen oordeel. Daar is nauwelijks tijd voor in het kwartier zendtijd waarin Ros gemiddeld vijf boeken behandeld. Hij kan een boek bevlogen aanprijzen („léés dat boek!!”) of nietsontziend neersabelen.

Dat hij vorig jaar in de TROS Nieuwsshow de roman Komt een vrouw bij de dokter van Kluun de hemel in prees, maar vervolgens in een interview met Volkskrant Magazine datzelfde boek „gru-we-lijk!” noemde, wekte ergernis op bij de auteur en diens uitgever Joost Nijsen. De uitgever schreef in zijn internetcolumn dat Ros „een nationale ramp is”.


(foto: Frans van Ameijde)

Martin Ros, ook bekend als stem van de commercials voor het verzekeringsbedrijf Interpolis, is voormalig hoofdredacteur van uitgeverij de Arbeiderspers. Hij stond aan de wieg van de Privé Domeinserie. Ros schreef zelf boeken over uiteenlopende onderwerpen als wielrennen, keizerin Sisi en de slavenopstand op Haïti. Hij is een fervent boekenverzamelaar en heeft ruim 40.000 boeken in bezit.

Ros was vandaag niet bereikbaar voor commentaar. Nog vier uitzendingen bespreekt hij de nieuwste boeken voor de ruim 700.000 luisteraars van de TROS Nieuwsshow die wordt gepresenteerd door Mieke van der Weij en Peter de Bie.
(bron: NRC.nl)



Leven van Annie M.G. verfilmd tot tv-serie

Annie M.G. belooft een eigenzinnige kwaliteitsdramaserie met zang en dans te worden. De serie gaat over leven en werk van Annie M.G. Schmidt en is geïnspireerd op de biografie Anna van de hand van Annejet van der Zijl. De scenario’s voor deze zevendelige serie zijn van Tamara Bos en Mieke de Jong. Annie M.G. zal worden geregisseerd door Dana Nechustan (bekend van Dunya & Desie, Offers, Nachtrit). Het project heeft nu ook, na eerdere subsidie voor de ontwikkeling van de scenario’s, een productiesubsidie ontvangen van het Stimuleringsfonds.

In de serie, waarin veel gebruik wordt gemaakt van muziek, zang en dans, komen onder meer herinneringen voorbij aan Annie's jeugd en aan haar leven in Amsterdam. Een belangrijke rol is weggelegd voor de talloze gedichten, verhalen, liedjes en toneelstukken die Schmidt in haar leven schreef. Omdat zij leefde van 1911 tot 1995, schetst de serie, door over Schmidts leven te vertellen, indirect ook een luisterrijk beeld van Nederland in de twintigste eeuw.
(bron: Nijgh & Van Ditmar)


maandag 26 november 2007


Youp van 't Hek lanceert YOUP.

De LINDA., de GULLIT., de MATTHIJS., Felderhof, Catherine, Heleen… We konden erop wachten: na al die andere BN-ers met een tijdschrift wilde ook Youp van ’t Hek natuurlijk een eigen glossy. Maar dan wel één met een knipoog van Youp. En die parodie is er nu: vanaf dinsdag 27 november ligt de YOUP in de winkels.


De afgelopen weken gaven Youp van ’t Hek en fotograaf Bob Bronshoff al een voorproefje van de YOUP in hun rubriek ‘Bob & Youp’ in VARA TV Magazine.

Vandaag presenteerde Youp YOUP, bij Joop Braakhekke in restaurant Le Garage in Amsterdam. Vanaf morgen liggen de 180 glimmende pagina’s in de schappen. Met een oplage van 100.000 stuks is de uitgave bij voorbaat als collectors item bestempeld.

Eindelijk komen we te weten met welk BN-koppel Youp en zijn Debby al meer dan zeven jaar kerst vieren. Zijn dat Connie en Hans misschien? Georgina en Jort? Hella en Freek? Leontien en Marco? Of toch Louis en Truus?

YOUP vertelt alles over Youp. Echt alles? Ja alles. Zijn huizen, zijn schnabbels, zijn auto’s, zijn hobby’s, zijn lekkerste plekjes, zijn vriendinnetjes, zijn wijnkelder, zijn knuffeljunk, zijn brillen, zijn Kerstmis, zijn lijk…
(bron: blikopnieuws.nl)


vrijdag 23 november 2007


Onderzoek: 'Vrouwen halen meer uit een boek'

Mannen lezen niet alleen minder dan vrouwen, ze halen ook minder uit een boek. Die conclusie trekt gastschrijver Renate Dorrestein uit de enquête die zij haar studenten liet houden onder bijna 1300 mensen die lezend in de openbare ruimte werden aangetroffen.

Zij kregen een lijst met 31 verschillende leesmotieven voorgelegd, variërend van ‘Om mijn fantasie de vrije loop te kunnen geven’ en ‘Om te zoeken naar herkenning en bevestiging’ tot ‘Omdat literatuur orde schept die de werkelijkheid ontbeert’, lezen als troost, lezen uit verveling en lezen om van een mooie stijl te genieten.

In totaal werden 837 vrouwen en 460 mannen ondervraagd. Op de overkoepelende vraag van de peiling, ‘Waarom leest u?’ gaven zij het vaakst (89,7 procent) als antwoord de mogelijkheid: ‘Om op te gaan in en te worden meegesleept door het verhaal’. Tweede was ‘ter ontspanning en vermaak’ (87 procent). ‘Om te genieten van een mooie schrijfstijl’ was met 74,8 procent de derde meest genoemde optie.

Uit de vergelijking tussen de antwoorden van de mannen en de vrouwen komt aan het licht dat vrouwen meer aan lezen lijken te beleven dan mannen. In ieder geval kennen ze aan bijna alle genoemde leesmotieven meer belang toe, en in ruim de helft daarvan is het verschil in waardering zelfs rond tien procent of meer. Vrouwen geven vaker dan mannen aan dat ze een mooie stijl belangrijk vinden (een estethisch motief), maar ook ‘lezen ter verwerking van de eigen belevenissen’, of ‘lezen om aan de werkelijkheid te ontsnappen’ (emotionele motieven), scoren bij hen hoger.

Het beeld is over vrijwel de hele linie gelijk: mannen honoreren bijna alle leesmotieven lager, en hebben daarmee een negatieve invloed op de statistiek: de eindscore of ‘het nationaal gemiddelde’ van de peiling wordt door hun inbreng stelselmatig lager dan die zou zijn geweest als er uitsluitend vrouwen waren ondervraagd. Er zijn een paar uitzonderingen. Bijvoorbeeld ‘lezen om verstandelijk uitgedaagd te worden’ (een utilitair motief) scoort onder mannen een paar procent hoger.
(bron: NRC.nl, foto: Vincent Mentzel)


donderdag 22 november 2007


Recensie: Siciliaanse vespers van Geerten Meijssing

door Arie Storm voor Het Parool

De nieuwe roman van Geerten Meijsing, Siciliaanse vespers, wordt voorafgegaan door twee waarschuwingen. Voorin het boek staat:
'Alle overeenkomsten met plaatsen, personen en situaties die in de werkelijkheid bestaan of bestaan hebben, berusten op toeval en kwade wil van de lezer.'
Op bladzijde twaalf - we zitten dan eigenlijk al in de roman zelf - wordt deze waarschuwing gevolgd door de volgende opmerking:
'Ik heb uitsluitend voor de schrijverij geleefd: de werkelijkheid steekt bleek af bij de schriftuur.'
De verteller legt uit dat voor hem iets pas echt tot leven komt wanneer hij het heeft verwoord; eerst dán wordt een en ander vastgelegd 'met een begin, midden en eind'.

Nogal wat lezers gaan, veronderstel ik, na deze waarschuwingen direct aan de slag om te kijken wie nú weer in deze roman voorkomen. Die lezers worden op hun wenken bediend. De ik-vertellende hoofdpersoon heet weliswaar Erik Provenier - het al vaker gebruikte alter ego van Geerten Meijsing - maar die heeft wel degelijk een eveneens schrijvende zus. En die heeft op haar beurt 'een verraderlijke vriendin', die hoofdredacteur is van het opinieweekblad Hollandse nieuwe. En daar werkt de in dit boek als 'nieuwe vriend' van Erik geïntroduceerde Jochem Suckert.

Alles combinerend en, niettegenstaande de waarschuwingen, details uit de werkelijkheid vergelijkend met die in het boek (en ook even afgezien van enkele cosmetische veranderingen), kom je op die manier redenerend op het volgende uit: Erik Provenier is Geerten Meijsing zelf, die zus is Doeschka Meijsing, de hoofdredacteur is Xandra Schutte, het weekblad, waarvan zij hoofdredacteur wás, is Vrij Nederland en de nieuwe vriend van Erik is de recensent Jeroen Vullings. Ja, het is een kleine wereld, de literaire wereld in Nederland!

Kan dit nu allemaal zomaar?

Laat ik eerst vaststellen dat voor de meeste lezers deze informatie wellicht helemaal niet zo interessant is. Die kennen alle achtergronden toch niet van Vrij Nederland en de personen die daar werk(t)en. Die weten evenmin of Geerten Meijsing werkelijk bevriend is geweest met Jeroen Vullings, een vriendschap die, als we dit boek mogen geloven, een onverwachte wending heeft gekregen, een wending die de intrige van Siciliaanse vespers voor een belangrijk deel vormgeeft (maar laat ik niet te veel over de plot van deze roman weggeven).

Uiteindelijk heeft Meijsing met zijn waarschuwingen gelijk: dit is een roman en het hoort eigenlijk niet dat je die ontraadselt door de gebeurtenissen die erin worden verteld, naadloos te reduceren tot de werkelijkheid. De elementen uit de werkelijkheid die Meijsing ge- of misbruikt, versterken de authentieke indruk van de roman: Siciliaanse vespers is een leesavontuur waarin je opgaat en waarin je gelooft. Dáár gaat het om.

Er wordt heel wat afgereisd in dit boek. Van het heden naar het verleden en weer terug. En, concreter, van Nederland naar Italië en ook weer terug.

Tijdens die reizen spelen twee relaties een belangrijke rol: de al genoemde vriendschapsrelatie tussen Erik en Jochem én de liefdes- c.q. seksrelatie tussen Erik en Elizabeth.

Jochem en Elizabeth groeien uit tot onvergetelijke personages. Elizabeth is een soort jeugdliefde van Erik en nu, nu zij veertig is en hij een man van over de vijftig, zien ze elkaar terug. Dat beschaafde leeftijdsverschil weerhoudt Erik er overigens niet van Elizabeth te introduceren op een wijze die herinneringen oproept aan de openingsalinea's van de roman Lolita van Vladimir Nabokov, namelijk als volgt: 'Iedereen uit het uitgaansleven kende haar als Wolf, ze noemde zichzelf Lee, ze heette Elizabeth, was in haar jeugd Betty genoemd en had dat op tijd veranderd in de androgyne roepnaam.'

Hoeveel Meijsing ook uit de werkelijkheid heeft geput, hij heeft zich, zo blijkt - en er zijn meer voorbeelden van aan te wijzen - evenzeer laten inspireren door allerlei literaire teksten.

Hoe dan ook: Meijsing heeft een overtuigend en geheel eigen warmbloedig universum gecreëerd. Dit is het echte schrijven en verdichten. Maar ik moest af en toe wel stiekem lachen om het venijn. Zo veel kwade wil heb ik soms toch wel.
(bron: Het Parool)



Boekpresentatie "Wat er niet meer is"

Afgelopen maandag is de nieuwe roman van Susan Smit gepresenteerd: Wat er niet meer is.

Bekijk het videoverslag van deze avond op de videopagina.


woensdag 21 november 2007


Koningin Beatrix niet blij met boek

Koningin Beatrix is niet gelukkig met het boek Voor de troon wordt niemand ongestraft geboren van de schrijvers Dorine Hermans en Daniele Hooghiemstra. Dit liet de koninklijke hoogheid weten via de Rijksvoorlichtingsdienst. Het boek schetst het leven van de voorvaderen van koninging Beatrix, Willem I, II en III.

"Bij hun schets van de koningen Willem I, II en III hebben de auteurs zeer selectief gebruik gemaakt van vooral die documenten uit het Koninklijk Huisarchief die een minder positief beeld van de hoofdpersonen kunnen oproepen", verwoordt de dienst de gevoelens van de koningin.

De koningin heeft Hermans en Hooghiemstra toestemming gegeven om de documenten te bekijken en te gebruiken. "Dat het gebruik van deze documenten door de koningin is toegestaan, wil niét zeggen dat zij de inhoud van het boek heeft geautoriseerd", benadrukt de Rijksvoorlichtingsdienst nu. "Toestemming voor het gebruik van deze documenten betekent ook niet dat de koningin van mening is dat het beeld zoals dat, ook in de publiciteit, door de auteurs is geschetst, recht doet aan de persoonlijkheden van de koningen en aan hun verdiensten voor ons land."

De documenten waren al eerder aan anderen ter inzage gegeven. De onthullingen in het boek waren voor een selecte groep ingewijden geen nieuws. Het gaat onder meer om de biseksualiteit van Willem II en de 'onbehouwen' levensstijl van koning Willem III. Koning Willem I was vlgens Hermans en Hooghiemstra hebberig en eigenwijs.
(bron: RTL)


maandag 19 november 2007


Wie doen er mee aan het Groot Dictee?

Karina Wolkers, de weduwe van de in oktober overleden schrijver Jan Wolkers, zal de tekst die haar man schreef voor het Groot Dictee der Nederlandse Taal gaan voorlezen. Zij doet dat aan het begin van de TV-uitzending op woensdag 19 december op Canvas en Nederland 1. Daarna nemen Philip Freriks en Martine Tanghe het dicteren over. Karina Wolkers zal ook deel uitmaken van de jury.

Het Groot Dictee der Nederlandse Taal beleeft alweer zijn achttiende jaargang. Dertig bekende Nederlanders en Vlamingen doen de ultieme spellingtoets in de statige ambiance van de Eerste Kamer der Staten Generaal op het Haagse Binnenhof.

Zij nemen het op tegen dertig taaltalenten, die zich door de voorronden van de Volkskrant en De Standaard hebben heen geschreven. Op zaterdag 15 december gaan 60 kinderen hen voor in het Kinderdictee op Z@pp (Nederland 3) en Ketnet.

Nederlandse prominenten die o.a. hun medewerking hebben toegezegd zijn: Khadija Arib, Tweede Kamerlid voor de PvdA - Derk Bolt, verslaggever van o.a. Spoorloos - Bart Chabot, schrijver en dichter - Bas van de Goor, ex-volleybalspeler - Angela Groothuizen, zangeres/actrice/presentatrice – Monic Hendrickx, actrice – Gerrit Hiemstra, weerman NOS Journaal – Viola Holt, presentatrice - Joost Karhof, presentator NOVA - Sara Kroos, cabaretière – Jan-Hein Kuijpers, advocaat – Joris Linssen, presentator – Lex Runderkamp, onderzoeksjournalist NOS Journaal – Mirjam Sterk, Tweede Kamerlid voor het CDA en Klaas de Vries, Eerste Kamerlid voor de PvdA.

Uit Vlaanderen komen Guido Belcanto, zanger/muzikant – Stefan Brijs, schrijver – Freddy de Kerpel, bokser – Agnes de Nul, actrice – Bettina Geysen, voorzitter Spirit – Ruth Lasters, schrijfster – Nele Somers, Miss Belgian Beauty – Peter Terrin, schrijver en Daisy van Cauwenbergh, ex-Miss België.

De jury van het Groot Dictee bestaat uit voorzitter Jeltje van Nieuwenhoven (voormalig PvdA-Kamerlid en Kamervoorzitter), prof.dr. Henk Verkuyl (emeritus hoogleraar Taalkunde aan de Universiteit van Utrecht), Ludo Permentier (Vlaams journalist, auteur leidraad Groene Boekje en redacteur Van Dale) en Karina Wolkers.


zondag 18 november 2007


Van de Coevering over Sneeuweieren

door Peter van Vlerken voor het Eindhovens Dagblad (GPD)

Waarom is het toch dat boeken over het platteland momenteel zo'n hoge vlucht nemen? Gerbrand Bakker schreef zijn veelgeprezen en -gelezen boerenroman Boven is het stil. Het bijzonder fraaie debuut Sneeuweieren van Ricus van de Coevering wordt er al mee vergeleken. "Plattelandsromans zijn van alle tijden", meent de in Amsterdam woonachtige Van de Coevering echter. Hij wijst bijvoorbeeld op Flaubert. "Maar de laatste jaren hebben schrijvers hun verhalen vooral in steden laten afspelen. Het zou best kunnen dat we dat gehad hebben. Het platteland leent zich voor romantiek. Het boerenleven laat zich graag idealiseren."


Dat wilde hij in zijn roman overigens persé niet doen. In Sneeuweieren voltrekt zich in een boerengezin juist een groot drama, dat menig lezer niet onberoerd zal laten. Diezelfde lezer zal de moerassen en turfgaten van de Peel in het boek menen te herkennen, maar volgens de auteur zou het vrijwel elk afgelegen, christelijk gebied kunnen zijn. "Wel ken ik de Peel natuurlijk goed. Het is een wereld op zich. Ik ben vlakbij boerderijen opgegroeid en speelde altijd tussen de maïs."

Volgens zijn biografie werd Ricus van de Coevering (1974) in Asten van de middelbare school verwijderd, onder meer vanwege een fictief opstel over de vrouw van de rector. Hij maakte zijn school af op het Peelland College in Deurne om vervolgens leraar economie te worden. Nu heeft hij een baan als beveiliger, omdat hij tijdens dat werk kan schrijven. De korte verhalen die hij in literaire tijdschriften en bloemlezingen publiceerde, kunnen wat hem betreft worden gezien als vingeroefeningen voor zijn roman.

Hij zegt nogal wat research te hebben gedaan voor zijn roman. Zo verdiepte hij zich terdege in het boerenbestaan. Ook zijn ervaringen als vakantiehulp op een Astense kippenslachterij kon hij goed gebruiken, want hij laat het echtpaar uit zijn boek een pluimveehouderij runnen. Het gaat er nogal wreed aan toe met kippen: "Ik spreek daar geen oordeel over uit. Ik zou best boer kunnen zijn, misschien niet met kippen, maar met koeien zou heel mooi zijn."

Van de Coevering heeft een beeldende schrijfstijl, met hier en daar typisch Brabantse woorden als 'kiep', 'middageten', 'opkamer' en 'het goeie servies'.

Enig symbolisme is hem niet vreemd. Verwijzend naar het doodgeboren kind van het echtpaar, laat hij eieren stukvallen. De sneeuweieren uit de titel zijn een nagerecht te zijn met opgeklopt eiwit. "Heel zoet. Toen ik het zelf klaarmaakte, vond ik het niet echt lekker. Wel is het een mooi woord." Het is verleidelijk Sneeuweieren een katholieke roman te noemen, omdat het geloof er een prominente rol in speelt. "Alle personages in mijn roman zijn religieus in de zin dat ze verlangen naar een volmaakte wereld. De één denkt dat die maakbaar is op aarde, de ander meent die te vinden in de hemel en een derde gelooft dat je in het hier en nu volmaakt gelukkig kunt zijn."

"Het is spannend hoe mensen er op zullen reageren. Ik denk dat niet-gelovigen het als een katholiek boek zullen ervaren en katholieken als kritiek op het geloof."

Een van zijn personages spreekt de verwachting uit dat de kerken over tien jaar weer vol zitten. "Het zou best kunnen dat het geloof weer gaat opleven. Het zou raar zijn als het helemaal verdwijnt."

lees verder!
Lees hier een exclusief fragment uit Sneeuweieren.


vrijdag 16 november 2007


Susan Smit: 'Geld, macht en status zijn surrogaten'

door Annemart van Rhee voor het Algemeen Dagblad

Mediahype, columnist, heks, auteur en oh ja ex-model. Susan Smit (33) presenteert maandag haar tweede roman Wat er niet meer is. ‘Een decolleté degradeert niet. Schrijven en sensualiteit kunnen naast elkaar bestaan.’

Heleen van Royen, Saskia Noort, Susan Smit. De mooie schrijfster als popster. Is het een trend?
,,Ik weet niet wat het is. Van Royen is natuurlijk een heel bijzonder portret en het laatste dat ík moet doen is ‘ja’ zeggen tegen de Playboy.
Dan ondergraaf ik alles waar ik voor sta. Maar je ziet me deze maand wel in een sexy fotoreportage voor het mannenblad JFK. Er is nogal veel huid te zien en de sfeer is rafelig met een rauw randje. Dat past bij het boek. Tijdens de shoot komt mijn modellenverleden naar boven, wil ik laten zien wat ik kan en dan pak ik die jarretelgordel en dat bh’tje automatisch aan.’’

Is dat dan niet op het randje, wanneer je je vooral wilt profileren als serieuze schrijfster?
,,Ik heb geen publiciteitsplan en het is geen imagokwestie. Ik wil aantonen dat sensualiteit en het schrijven van beschouwelijk proza naast elkaar kunnen bestaan. Dat is mijn statement. Een decolleté degradeert niet. Hoge hakken en je vak goed uitoefenen hebben niets met elkaar te maken. Ik weet wel dat ik zo’n sexy fotoreportage voorlopig uit de weg ga, want zo’n beeld is zo krachtig, daar kun je geen boeken tegenop schrijven.’’

Jouw uiterlijk in de literaire wereld: een lust of een last?
,,Het is soms heel ironisch. Ik vermoed dat ik vanwege mijn uiterlijk regelmatig een aanbod krijg om programma’s op televisie te presenteren. Dat is leuk, maar het zijn vaak onderwerpen waarvan ik denk: veel te oppervlakkig entertainment. De zwaardere dingen krijg ik niet, omdat ik een jonge vrouw ben. Of zoals een dikke Duitse uitgever laatst op de Frankfurter Buchmesse zei: ‘wat voor inzichtjes denk jij dan wel niet te hebben op jouw leeftijd?’ Een totaal misverstand dat je ouder moet zijn om je met literatuur bezig te houden.’’

Je non-fictie is lichtvoetiger. Wat er niet meer is draait om dood, (onbereikbare) liefde, eenzaamheid. Vanwaar die zware thema’s?
,,Ik durf het nu over wezenlijke dingen te hebben, de grote kwesties van het leven. Ik wilde de vraag beantwoorden: wat is liefhebben? Want liefde is echt dé verrijkende én ontwrichtende kracht van het bestaan. Iets wat alles op zijn kop zet en waarvoor je alles in de waagschaal stelt. Ook wanneer het platonisch is. Begeren is namelijk net zo belangrijk als beminnen. Ik bedoel: Casanova had één vrouw nooit bezeten en juist zij bleef door zijn hoofd spoken. Smachten kan mooi zijn, het is een hele sterke kracht.’’

Heb jij in de liefde dan heel erg gesmacht?
,,Ik heb een relatie met een piloot. Wanneer hij weg is, is hij ook heel ver weg. Voor langere tijd, aan de andere kant van de wereld. Dan rest je weinig meer dan sms’en en een verzameling eenzame nachten. Natuurlijk weet ik dat hij terugkomt, maar dat maakt de dynamiek van het verlangen er niet anders op. Op belangrijke momenten voor mij is hij er niet. Ik vind dat wel mooi, dat weemoedige.’’

Je ik-persoon is een man. Hoe anders moet je gaan denken om de verschillen tussen man en vrouw te overbruggen?
,,Ik denk dat die verschillen worden overschat. Dat er juist meer overeenkomsten zijn. Ik bewonder mannen om hun eigenzinnigheid. Ze passen zich niet aan en het oordeel van anderen kan hen minder schelen. Vrouwen willen worden aardig gevonden en hebben last van behaagzucht. Mannen kunnen ook respect afdwingen door te laten zien dat het goed met ze gaat. Terwijl vrouwen juist de neiging hebben zich kleiner te maken om geliefd te worden. Jezelf wegrelativeren zodat je niet bedreigend bent en je kwetsbaarheden tonen, dat is de lijm die vrouwenvriendschappen bijeenhoudt. Uiteindelijk willen we echter allemaal beminnen en bemind worden. Iedereen is enkel op zoek naar pure liefde. Geld, macht, status, roem; het zijn slechts schamele surrogaten.’’

Je hebt het over behaagzucht. Wat zijn jouw mindere kanten?
,,Dat ik narcistisch ben. En monomaan. Wanneer ik schrijf heb ik weinig behoefte aan anderen. Vrienden die me bellen, bel ik gewoon niet terug. Ik laat mijn moeder twee weken niets van mij horen, terwijl ik weet dat ze daar verdrietig om is. Als ik eenmaal in mijn verhaal zit, is de werkelijkheid minder urgent. Ik zoek pas weer contact met mensen op het moment dat het mij uitkomt.’’

Groots en meeslepend zijn sleutelwoorden in jouw roman. Leven Nederlanders volgens die begrippen?

,,Te weinig. Wij hebben de neiging de boel dicht te timmeren en ons vast te klampen aan schijnveiligheden. Hypotheek, pensioen, vaste baan. Daardoor sta je angstvallig in het leven, terwijl het soms verstandig is om niet verstandig te zijn. Ik neem voortdurend beslissingen die voor mijn gevoel kloppen, maar waarvan een ander zegt: ‘hoe kun je dat doen?’ Ik heb geen pensioen, wijs programma’s af waarmee ik geld kan verdienen en ik woon in een schoenendoos waaraan ik me helemaal scheel betaal. Voor hetzelfde geld kan ik een groot huis verder uit het centrum van Amsterdam krijgen. Maar ik heb gekozen voor de Jordaan en de schrijfbaarheid van het appartement: het is er stil en licht.’’

Vind je het belangrijk wat oudere schrijvers van je werk vinden?
,,Ik wou dat ik kon zeggen: ‘nee’. Toch is het absoluut ‘ja’. De mening van Esther Verhoef, Saskia Noort en Kluun stel ik op prijs, maar wanneer Arthur Japin, Jan Siebelink of Connie Palmen zeggen wat ze er mooi aan vinden, raakt me dat ontzettend, omdat zij al zoveel prachtige dingen hebben gemaakt. Ik heb ontzag voor ze en dan betekent commentaar heel veel.’’

Wat er niet meer is is vanaf volgende week verkrijgbaar.


woensdag 14 november 2007


Daphne Deckers aangeklaagd door roddeljournalist

Guido den Aantrekker, "Story's meest gezellige verslaggever" en "beroepsrat", die maandag door Daphne Deckers verwond werd, heeft een aanklacht tegen haar ingediend. Dat vertelde hij woensdagavond in RTL Boulevard. "Ik maak me niet druk om dat sneetje op mijn hals", zei hij over het incident. "Ik vind alleen dat je een statement moet maken om te laten zien dat dit niet geaccepteerd kan worden. Voor hetzelfde geld was het een paar centimeter lager geweest en raak je een slagader."

Den Aantrekker zou onlangs een negatief artikel hebben geschreven over de 39-jarige schrijfster. Deckers was hier zo kwaad over dat ze, toen ze de journalist op een feestje zag, het glas champagne dat Den Aantrekker in zijn hand had over zijn blouse wilde gooien. Omdat hij net een slok wilde nemen brak het glas af en veroorzaakte zo een snee in zijn kin.


(foto: ANP/CRIS TOALA OLIVARES)

De schrijfster en presentatrice noemt het een ongeluk en zegt haar excuses aangeboden te hebben, maar Den Aantrekker neemt daar geen genoegen mee.

De redactie van GeenStijl.nl vond het wel een beetje overdreven allemaal en maakte het hele verhaal nog erger, volledig in Story-stijl:
Aanvankelijk leken de verwondingen van DEN AANTREKKER mee te vallen en kon worden volstaan met poliklinische behandeling, maar vanochtend is zijn toestand ernstig verslechterd. "Het was een bloedbad," aldus een chirurg, die onbekend wenst te blijven. "Opeens kwam DEN AANTREKKER uit coma, en het bloed SPOOT in het rond. De arteria carotis communis lag finaal open. Er was geen redden aan."



Boek atheïstische dominee is een hit

Het boek Geloven in een God die niet bestaat van dominee Klaas Hendrikse vliegt de boekwinkels uit. Deze week komt de tweede druk van 3.000 exemplaren uit en volgende week volgt de derde druk, die evenveel exemplaren omvat.

Het boek kwam anderhalve week geleden uit. Hendrikse, protestants predikant in Middelburg, noemt zich een gelovige atheïst. Hij gelooft niet dat God bestaat, maar gelooft wel in God. Volgens de vrijzinnige predikant is God niet onder te brengen in de categorie verschijnselen die met het woord 'bestaan' kunnen worden aangeduid.

Bij drie presentaties van Hendrikse vorige week in Zeeland waren de tweehonderd meegebrachte exemplaren van het boek al verkocht voor de predikant aan het woord kwam. De eerste druk van het boek bedroeg 2.000 exemplaren.

Bij het centrale bureau van de Protestantse Kerk in Nederland (PKN), waarvan Hendrikse lid is, zijn tientallen e-mailtjes en brieven binnengekomen van kerkleden die bezorgd zijn over de ideeën van Hendrikse en het kerkbestuur vragen om "hieraan een einde te maken".

Volgens de woordvoerder van de kerk krijgen zij te horen dat niet de synode, maar alleen de classis (regionale kerkvergadering), waaronder Hendrikse valt, over de zaak kan oordelen. Leden van het synodebestuur, onder wie voorzitter Gerrit de Fijter, hebben in diverse media duidelijk gemaakt het met de Middelburgse predikant oneens te zijn.
(bron: ANP)



Kluun, de nieuwe Mulisch?

door Ivo van Woerden voor DAG

In Kluun presenteert: Het beste van Nightwriters heeft schrijver Kluun de mooiste bijdragen aan de Nightwriters-avonden gebundeld. De avonden met muzikale en literaire optredens in de Amsterdamse club Panama zijn daarmee weer terug op papier.

In uw nieuwe boek Het beste van Nightwriters staan vooral columns. Kom je als lezer dan wel in contact met het soort verhalen dat een schrijver vertelt in zijn boeken?
'Als je iets voorleest moet het een kop en een staart hebben, columns lenen zich daarvoor.'

Na anderhalf jaar voorlezen in bibliotheken wilde schrijver Kluun boeken wel eens in een nieuwe setting presenteren. Hij bedacht Nightwriters: een avond in de Amsterdamse club Panama met voorlezende schrijvers, interviews en optredens van bands en dj’s.

Kluun bundelde alle exclusieve bijdragen van bijvoorbeeld Tommy Wieringa, Herman Brusselmans, Saskia Noort, A.F.Th. van der Heijden (met een hoofdstuk uit de aangekondigde roman De vondeling) en hemzelf in het net verschenen boekje Kluun presenteert: Het beste van Nightwriters. Ook trekt hij samen met de schrijvers door het land met Nightwriters On Tour.
'Wat ons opvalt is dat het publiek ook meer van de schrijver wil weten. Daarom hebben we tijdens de avonden ook een talkshow waarin de schrijver over zijn inspiratiebronnen kan praten. Verder is het zo dat schrijvers dingen altijd mooi kunnen vertellen. Met alle respect, maar een half uur naar de rechtsback van Feyenoord kijken die in een talkshow praat, is niet zo boeiend. Het doet er bijna niet toe wat schrijvers ergens van vinden, het gaat om hoe ze dat verwoorden.'
U introduceert Tommy Wieringa en Arnon Grunberg in het boek als twee van de nieuwe grote drie van de 21ste eeuw. Bent u zelf de derde?
‘Nee, die aspiratie heb ik helemaal niet. Van de nieuwe generatie vind ik hén de mannen die een grote impact hebben. Ach, de eeuw duurt nog lang. Wat ik leuk vind, is dat de geschiedenis zich herhaalt. Couperus werd in zijn tijd neergesabeld, dat was geen literatuur. Wolkers werd verguisd in de jaren zestig omdat hij over seks schreef. Giphart kon echt niet, totdat hij Troost schreef. Dat bevatte minder seks en ineens werd hij salonfähig. Ik ben het gedweep van het establishment met Mulisch en Hermans wel zat.’

Gaat u een nieuw boek schrijven?
‘Volgend jaar begin ik aan een dramatisch verhaal over de vriendschap tussen een puber en zijn oom.’
(bron: DAG)


dinsdag 13 november 2007


Susan Smit komt met tweede roman

De tweede roman van Susan Smit, Wat Er Niet Meer Is, verschijnt aanstaande maandag 19 november. Het boek komt twee jaar na Smits romandebuut, Elena's Vlucht, waarvan bijna 20.000 exemplaren zijn verkocht.

Boekennieuws.com publiceert maandag ook exclusief fragment uit het boek via de BoekennieuwsBrief.

Smit (33) werkte jarenlang als fotomodel, maar maakte de overstap naar de literatuur. Inmiddels schrijft ze columns in tijdschriften, recenseert boeken in het televisieprogramma Goedemorgen Nederland, organiseert ze samen met Kluun de Nightwriters, geeft lezingen en is een veelgevraagde tv-persoonlijkheid.

Een jaar lang liep ze rond met een idee voor Wat Er Niet Meer Is. ,,Maar ik had het veel te druk, pas in de zomer kwam ik aan schrijven toe.'' Smits tweede roman is een ,,mystiek liefdesverhaal'' over een operaschrijver en een pianiste. ,,Waarbij de eigenlijke liefdesaffaire zich pas afspeelt na haar dood.''
(bron: Brabants Dagblad)



Auteur stuurt geld naar kranten voor recensie

door Arjen Fortuin en Reinier Kist voor het NRC Handelsblad

Een boek, een brief, een dvd en een biljet van honderd euro. Met dat ongebruikelijke pakket probeert schrijver Lex Pieffers kranten en tijdschriften ertoe te verleiden zijn debuutroman Verliefd op Adolf te recenseren.

De roman is gebaseerd op historische feiten. Vier vrouwen maken de lezer deelgenoot van hun passie voor een geniaal monster.

Lex Pieffers probeert kranten en tijdschriften met geld ertoe te verleiden zijn debuutroman Verliefd op Adolf te recenseren. In de brief, die ook is verstuurd aan de boekenredactie van deze krant, schrijft Pieffers dat voor de productie van zijn publiciteits-dvd een beperkt budget beschikbaar was. Alle medewerkers zouden genoegen hebben genomen met honderd euro. Hij voegt daaraan toe: „Wellicht dat ik u kan verleiden tot het lezen van het boek en/of kijken naar de dvd... maar natuurlijk ook uw tijd is kostbaar!” Op de dvd is Pieffers zelf te zien, die in een hotel in Amsterdam een deel van een seksscène uit de roman voorleest.



Pieffers boek is in juli verschenen, maar heeft nog nauwelijks aandacht getrokken. „Niemand kent mij natuurlijk”, licht hij per telefoon toe, „Je moet iets doen om de aandacht te trekken. Toen ik mijn contract tekende, zei de uitgever al dat ik nergens op moest rekenen. men vond het al mooi als we 300 exemplaren zouden versturen.”

Pieffers zegt behalve aan NRC Handelsblad aan nog drie kranten en tijdschriften geld gestuurd te hebben. Het NRC Handelsblad heeft de honderd euro gisteren teruggestuurd. Per telefoon laat Pieffers weten dat ook Het Parool de honderd retourneerde. Het AD en De Pers hebben echter niets van zich laten horen.

Ook heeft Pieffers twee verzoeken om interviews gekregen, van Adformatie en het VRT-nieuws. Beide interviews zouden over omkoping gaan. “Ik heb die aanvragen afgewezen, omdat ik niet aan omkoping doe,” zegt Pieffers. “De opzet was om recensenten te vragen, tegen betaling, in hun vrije tijd mijn boek te lezen. Iedereen weet immers dat recensenten weinig vrije tijd hebben, omdat ze al zoveel boeken moeten lezen.”

Pieffers is nog niet klaar met zijn actie. Binnenkort stuurt hij een bewerking van de NRC-cartoon (zie hierboven) over zijn actie naar Pauw & Witteman. Ook gaat hij proberen om Verliefd op Adolf verfilmd te krijgen. Zijn uitgeverij Aspekt weet pas over anderhalve week of de extra media-aandacht zich ook heeft vertaald in een stijging van het aantal verkochte exemplaren. De eerste recensie van het boek is nog steeds niet geschreven.
(bron: NRC.nl)


maandag 12 november 2007


Schrijfster Van Royen nu ook als tijdschrift

HELEEN, het eenmalige tijdschrift van Heleen van Royen, ligt vanaf woensdag 14 november in de winkel. „Of ik nou een boek maak, een roman of een tijdschrift, ik vind het allemaal leuk. Maar een magazine maken is moeilijker dan je denkt.” De schrijfster is trots op het resultaat, dat maandagavond feestelijk werd gepresenteerd in Amsterdam.



„Een roman schrijf ik in mijn eentje, maar dit was heel veel samenwerken, veel plannen. En dan ben ik zo'n controlfreak dat ik me ook overal mee bemoei, de koppen en intro's ook doe.” De oplage is 135.000.

Van Royen maakte eerder dit jaar samen met zakenvrouw Marlies Dekkers het boek Stout, waarvan 100.000 exemplaren zijn verkocht. In dit tijdschrift opnieuw aandacht voor carrière, seks, moederschap en relaties, de vier pijlers van Van Royens werk.

„Na Stout hadden zich zoveel vrouwen gemeld met hun eigen verhalen dat ik er wel iets mee móest doen. Stoute vrouwen, dat leeft gewoon. Dit is uitgegroeid tot een dik blad met niet alleen verhalen en foto's, maar ook een top 100 van powervrouwen, vrouwen met stoute beroepen (zoals een wapenhandelaar en een autocoureur), een sm-cursus voor beginners, een interview met Christie Hefner (dochter van de Playboy-oprichter), geborduurde porno-kunst enzovoort. „Maar geen shopping en beauty, want dat vond ik zonde van de ruimte.”

Van Royen schreef zelf een kort verhaal, deed het interview met Hefner en vergast de lezers op haar ervaringen met een gigolo. „Die zijn trouwens nauwelijks te vinden. Er zijn wel bureaus, maar dan mag je geen seks met ze hebben. Of je komt uit bij een soort Harry de Heipaal...”

Helemaal onvindbaar was een vrouw die zich met miljonairs inlaat om er zelf rijk van te worden. „Ik dacht dat ik wel zo'n golddigger zou kunnen vinden, maar helaas.”

Lingerieontwerpster Marlies Dekkers moest zich wegens tijdgebrek terugtrekken uit het project. „Daar baalde ik wel even flink van, maar ik begreep het. En inmiddels is het weer aan, hoor, met Marlies.”

„Ik heb me hier met hart en ziel in gestort. Bovendien is een magazine wat laagdrempeliger en trekt het mensen misschien sneller naar de boekwinkel om ook fictie te gaan kopen. Mijn boeken zijn voor een breed publiek, maar hoe meer, hoe liever natuurlijk.”

Hoe leuk de schrijfster het werken aan HELEEN ook vond, in januari trekt ze zich terug om een nieuwe roman te schrijven. Het idee is er al. „Het zal wel omschakelen zijn, want het is in feite natuurlijk erg saai om een jaar lang als een kluizenaar aan een boek te werken.”
(bron: ANP)

Bekijk ook de video van de lancering van het tijdschrift bij De Pers.

De introductie van het blad liet de schrijfster, die tegenwoordig in Portugal woont, gisteravond over aan ex-model en schrijfster Daphne Deckers. Die stond enigszins ontdaan op het podium.

Luttele minuten daarvoor had ze roddeljournalist Guido den Aantrekker een glas wijn in zijn gezicht willen gooien. Maar ze schoot uit, waardoor niet de wijn, maar het glas in zijn gezicht belandde en de man licht bloedend afdroop. Deckers probeerde zich nog te verontschuldigen, maar daar had Den Aantrekker geen boodschap meer aan. ‘Hij heeft me met woorden pijn gedaan', verklaarde ze haar actie.

Met haar klap had Deckers zo maar een prominent plekje in het blad kunnen opeisen. In plaats daarvan staat ze in de top 100 van stoute vrouwen nu op plek 53. Wat Van Royen betreft blijft het overigens bij dit ene nummer. In januari trekt ze zich terug om een nieuwe roman te schrijven. De Ontsnapping, Van Royens jongste roman, is inmiddels verkocht aan Rusland en is daarmee in 22 landen verschenen. Het blad HELEEN verschijnt in een oplage van 130.000 exemplaren.
(bron: de Stentor)


zaterdag 10 november 2007


Roman Bingo! wordt film èn musical

De roman Bingo! van schrijver Clark Accord is verkocht aan een onafhankelijke Nederlandse filmproducent. Het boek zal in 2009 verfilmd worden.

In april dit jaar vertelde hij Boekennieuws.com al over het filmproject. Accord: “Ik ben benaderd door de regisseur van de bekende film Shouf Shouf Habibi, Albert Ter Heerdt, om het filmscript te bewerken.”

Bingo! verscheen in februari 2007. De reacties binnen de Surinaamse gemeenschap op dit boek waren heftig. Volgens Clark Accord hebben Surinamers de illusie dat ze een geslaagde integratie achter de rug hebben, terwijl de problemen binnen de groep levensgroot zijn. Eén van die problemen is de bingoverslaving.

In de film komt de nadruk echter te liggen op de menselijke verhoudingen binnen de Surinaamse gemeenschap zoals Clark Accord die in zijn boek beschreef.

Tevens is er ook een musical van Bingo! in de maak. Accord werkt in samenwerking met componist Orville Breedveld onder begeleiding van M-lab aan de musicalbewerking .

Naast dit alles werkt Accord momenteel aan een jeugdroman. Malik en de geheimen van het regenwoud, dat in april 2008 zal verschijnen, wordt zijn eerste kinderboek. Het gaat over een Nederlandse jongen van Surinaamse afkomst, die dreigt te ontsporen omdat hij met de verkeerde vrienden omgaat.
(bron: ANP)



Hagen schrijft kinderboekengeschenk 2008

Hans Hagen, winnaar van de Gouden Griffel van 2004 voor De dans van de drummers schrijft het geschenk van de Kinderboekenweek van volgend jaar. Dit heeft de Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB) laten weten.

Hans Hagen (1955) was eerst leraar Nederland en geschiedenis en werkte als spel-docent bij jeugdtheatergroep Stennis. De schrijverscarrière van Hans Hagen begon in 1987. Hij heeft in totaal vier Zilveren Griffels op zijn naam staan. Zijn boeken zijn in elf landen vertaald uitgebracht. Samen met zijn vrouw Monique schreef hij twee prentenboeken en vier dichtbundels.

De Kinderboekenweek 2008 staat in het teken van poëzie.De 54ste editie is van woensdag 1 tot en met zaterdag 11 oktober.
(bron: ANP en NOVUM)



Recensie: Rode regen van Cees Nooteboom

door Arie Storm voor Het Parool

Enkele malen benadrukt Cees Nooteboom in zijn nu net verschenen boek Rode regen - een bundel vol herinneringen en anekdotes - dat hij geen goed geheugen heeft. Tegelijkertijd constateert hij dat één van de eigenaardige dingen van het oud worden is dat 'zo ongeveer alles een herinnering oproept'.

Ja, ook voor Nooteboom beginnen de jaren te tellen: aantrekkelijke meisjes staan spontaan voor hem op in de tram (in plaats van dat ze woeste liefdesaffaires met hem beginnen), vrienden die jonger zijn dan hij, sterven en de op een avond genoten drank komt de volgende ochtend harder aan. 'Komt er iets voor in de plaats?' vraagt Nooteboom zich bijna vertwijfeld af. Hij geeft zelf het antwoord: 'In mijn geval een plotselinge terugtocht in de tijd.'

Nooteboom begint rustig. In het eerste stuk van Rode regen haalt hij herinneringen op aan nota bene zijn kat, Vleermuis (dat is haar naam). Die herinneringen doen enigszins lollig aan. Nooteboom stelt bijvoorbeeld vast dat hij niet echt weet wat in haar omgaat: 'Ze schrijft niet, neemt geen telefoon aan, en houdt geen dagboek bij.' Allemaal zaken die hijzelf wel doet of heeft gedaan! Als om dit te bewijzen citeert hij verderop in het boek zelfs uit zijn eigen oude dagboekschriften.

Het verhaal over Vleermuis eindigt treurig, met een soort in cursief gedrukt overlijdensbericht: 'De eeuwigheid van Vleermuis zou nog acht jaar duren.'

Iedereen gaat dood en geleidelijk krijgt Rode regen een niet te stuiten serieus karakter. Na de op schrift gezette herinneringen aan Vleermuis vertelt Nooteboom gedurende een bladzijde of zeventig over het Spaanse eiland waar hij een deel van het jaar woont, en dan vooral over de tuin die hij daar heeft. Over die tuin schrijft hij hartverscheurend prachtig.

Blader je snel door dit boek heen, dan zie je tekeningen van Jan Vanriet. Die begeleiden de tekst en bij dat snelle bladeren doen ze misschien een beetje kinderachtig aan. Maar dat is een vergissing. De illustraties versterken de tekst en al lezend en kijkend beland je in een soort eeuwig verleden. Want die tuin van Nooteboom is er weliswaar nog steeds - we lezen over het hier en nu - maar toch lijkt het alsof je wegglijdt in de tijd. Elke actualiteit verdwijnt. En daar dragen die nostalgisch stemmende tekeningen aan bij.

Vervolgens haalt Nooteboom herinneringen op aan zijn eerste reizen. Dat wil zeggen, voor zover dat lukt, want zelfs reisgenoten met wie hij toen intensief moet hebben opgetrokken, ziet hij nu niet meer voor zich: 'Ik sluit mijn ogen en zie niets.' Of zoals Nooteboom zich plotseling verbaasd afvraagt terwijl hij door zijn eigen dagboekaantekeningen bladert: 'Wie was Arthur Edell?'

Nooteboom demonstreert al doende op fraaie wijze dat wat hij heeft geschreven, als het ware het beleefde verleden heeft uitgegumd. Schrijven is geen vorm van herinneren, maar een vorm van vergeten.

En schrijven is een vorm van aanvullen. Uit een Engelse recensie - over welk boek die bespreking ging, weet hij kenmerkend genoeg niet meer - citeert Nooteboom een zin waarin wordt beweerd dat de waarheid omtrent het verleden, net als de waarheid aangaande de toekomst, uitsluitend verbeeld kan worden. Nooteboom voegt daaraan toe dat je voor verbeeld ook verzonnen kunt lezen.

Dat is het opstapje naar één van de sterkste stukken van deze bundel: Een ontmoeting in Recanati. Nooteboom verplaatst zich in dat verhaal helemaal in de huid en de gedachtewereld van de Duitse dichter, romancier en uitgever Michael Krüger. Die bestaat echt en Nooteboom is de Nederlandse vertaler van zijn poëzie.

Dit verhaal is een kolfje naar Nootebooms hand. Hier lopen waarheid en verdichting prachtig in elkaar over.

En dat gaat al met al eigenlijk voor het boek Rode regen in zijn geheel op. Dit is Nooteboom op zijn best, dit is Nooteboom zoals ik hem dolgraag lees en zoals ik hem iedereen kan aanraden.

Bij deze dus.



Arts-microbioloog over zijn 'doktersromantrilogie'

door Pieter Steinz voor het NRC Handelsblad

Miquel Bulnes schrijft over medische misstanden, moordende dienstroosters, afstompende bureaucratie en ijdele chirurgen. Maar karikaturaal wil hij zijn romans niet noemen.

Zijn achternaam is een pseudoniem, zijn voornaam een vergissing. Miquel Bulnes, geboren Ekkelenkamp, noemde zich naar zijn Spaanse moeder toen hij als schrijver debuteerde: ,,Zoiets schept afstand, en die kon ik bij het soort romans dat ik schrijf wel gebruiken.’’ De eigenaardige spelling van zijn voornaam – met een q in plaats van de g – dankt hij aan zijn vader, die zijn Castiliaans prompt vergat toen hij in 1976 aangifte van de geboorte van een zoon kwam doen.

Komisch? ,,Tja”, zegt Bulnes ,,Dingen die serieus bedoeld zijn, worden door anderen vaak grappig gevonden. Zo is het ook bij mijn boeken. Ik beschrijf de gang van zaken in een ziekenhuis en mensen spreken van een medische zedenkomedie. Ik schrijf op hoe het er bij een laboratorium aan toe gaat, en recensenten lezen er een humoristische campusroman in. Ik lees voor: ‘Een spijker uit je hand trekken doet ongeveer net zoveel pijn als een spijker in je hand slaan’ en iedereen begint te lachen.”

Drie romans publiceerde Miquel Bulnes sinds 2003, de een nog geestiger dan de andere. In Zorg, opvallend genoeg in de jij-vorm geschreven, schetste hij aan de hand van een 27- jarige chirurge-in-opleiding de teleurstellingen, de gruwelijkheden en vooral de absurditeiten van het artsenbestaan (zoals de wachtlijst voor wachtlijstbemiddeling en een plastisch chirurg die wil bezuinigen op medische onderzoeken om het budget voor borstvergrotingen te kunnen verhogen).

In Lab (2005) neemt hij de wereld van het fundamentele kankeronderzoek onder de loep (‘Mijn professor zou zorgen voor een algemene opzet, mijn collega voor morele ondersteuning en het enige wat ik hoefde te doen was al het werk’).

En in het in september verschenen Attaque! schakelt hij tussen een academisch ziekenhuis in Nederland en een psychiatrisch ziekenhuis in Spanje, waarbij het moeilijk te zeggen is waar de chaos groter is.

Bulnes was nooit van plan om een trilogie te schrijven, zegt hij. ,,Zelf vond ik mijn tweede boek niet te vergelijken met het eerste; medische wetenschappers zijn compleet andere mensen mensen dan clinici. En eigenlijk had mijn derde boek een historische roman over de Spaanse Burgeroorlog moeten worden. Maar zoiets kost heel veel uitzoekwerk, dat zich moeilijk laat combineren met een 50-urige baan als arts-microbioloog. Alleen al daarom heb ik met ingang van 1 oktober een sabbatical genomen.”

Attaque!, een combinatie van dokters-satire en familieroman, is het verhaal van een arts die mislukt in Nederland en opnieuw begint in de privékliniek van zijn Spaanse verwanten.

Oorspronkelijk was het een appendix bij Bulnes’ debuut, dat in manuscript nog uit twee delen (‘Vo o r - zorg’ en ‘Nazorg’) bestond. Maar Bulnes’ toenmalige uitgeverij wilde liever een kortere roman. Bulnes: ,,Vorig jaar vroeg mijn nieuwe uitgeverij Prometheus of ik niet een boek kon schrijven voor de aan humor gewijde Boekenweek. Toen ben ik gaan bewerken wat ik nog had en kwam ik er achter dat alles anders moest. De roman was niet af voor de Boekenweek en eindigde met heel andere personages dan Zorg.”

‘Wat mensen willen is realisme, en niet zozeer realiteit’, luidt de openingszin van de jonge cardioloog Daniel Vliegenthart in Attaque!. Daniel heeft het over medische reallife-programma’s, maar de uitspraak weerspiegelt het literaire credo van Miquel Bulnes. Die laat zich op de binnenflap van zijn boek beschrijven als ‘ervaringsdeskundige op het gebied van ziekenhuizen, failliete psychiatrische privéklinieken en familieruzies’, maar licht mondeling toe dat we Attaque! niet al té autobiografisch moeten lezen. Ja, hij heeft familie in Spanje, en ja, die bezit een vervallen kliniek op peperdure grond. Verdere gelijkenis met bestaande figuren of situaties berust op toeval. Bulnes: ,,Er is in de literaire journalistiek toch al te veel aandacht voor het verhaal en niet voor de manier waarop het is opgeschreven.”

Het belangrijkste kenmerk van Bulnes’ stijl is de humor. Hij is een meester van de deadpan, de running gag, de oneliner (zie kader) en al die andere bouwstenen van de Angelsaksische comedy. Gevraagd naar zijn voornaamste invloeden, noemt hij vóór alles de Amerikaanse en Engelse sitcomswaar hij al jong een fan vanwas, ,,series als Friends, The Cosby Show en Blackadder die draaien om timing – al doen ze inmiddels oubollig aan. Niet alleen is het tempo van huidige opvolgers als The Green Wing en Coupling veel hoger, ook zijn we met z’n allen door de wol geverfd, en cynischer geworden.”

Een andere inspiratiebron voor het soort humoristische ziekenhuissoap dat Bulnes bedrijft, is Samuel Shems jaren-zeventigklassieker The House of God, ,,veel gelezen door artsen als ze hun co-schappen lopen.” Bulnes’ favoriete literaire schrijvers zijn Arnon Grunberg (hoewel diens ,,surrealistische humor” weinig gemeen heeft met zijn eigen ,,doorgetrokken realiteitszin”), Jay McInerney (uit wiens Bright Lights, Big City hij de jij-vorm in Zorg leende), Chuck Palahniuk (die in onder meer The Fight Club veel werkt met herhalingen, terloopse informatie en tragikomische zinnetjes) en Eduardo Mendoza, om zijn ,,on- Spaanse gevoel voor humor.”

On-Spaans? Bulnes: ,,Spanje lacht om andere dingen. Satire kennen ze, maar ironie komt niet aan. In Nederland houdt iedereen er rekening mee dat een zin ironisch kan zijn; in Spanje moet je zoiets altijd aanzetten met gebaren of met je stem. Onhandig voor een schrijver.” Schrijft Bulnes daarom niet in zijn moedertaal? ,,Dat zou een elegante verklaring zijn, maar de waarheid is gewoon dat mijn Spaans beduidend slechter is dan mijn Nederlands.”

Dat Nederlanders een fijne antenne hebben voor ironie, heeft voor Bulnes ook negatieve consequenties. Zijn lezers zien het beeld dat hij geeft van de misstanden in ziekenhuizen en andere medische knooppunten – moordende dienstroosters, afstompende bureaucratie, ijdele chirurgen – als pure karikatuur. Terwijl Bulnes naar eigen zeggen niets anders doet dan de werkelijkheid zo direct mogelijk weergeven.

,,Zoals ik al zei: als je de dingen echt maakt, is dat voor iedereen al gauw grappig. Mensen vragen me vaak of ik geen boze collega’s op mijn dak krijg. Maar die vinden wat ik schrijf juist heel herkenbaar. Ik heb maar één keer problemen gehad met iets wat ik schreef, en dat was toen ik in een column op internet opperde dat veel mensen zich de ziekte van Lyme laten aanpraten. De reacties waren furieus: ik was ongevoelig en kleineerde patiënten. In Attaque! komt ook een ingebeelde Lyme-lijder voor, maar daar heb ik niets op gehoord. Kennelijk lezen mensen meer columns dan romans.”

Luister naar een interview met Miquel Bulnes tijdens de talkshow ‘Lezen &cetera Live’ (mp3)

Lees hier een exclusief fragment uit Attaque!.
(bron: NRC Handelsblad)



Recensie: Koude lente van Lieneke Dijkzeul

door Gert Jan de Vries voor het NRC Handelsblad

We zijn ze sinds Sjöwall & Wahlöö als een typisch Scandinavisch verschijnsel gaan zien – filosofisch ingestelde politiemensen met een privéleven dat niet over rozen gaat. We komen ze te midden van hun levensecht door de maatschappij klossende collega’s tegen bij Mankell, Indridason, Marklund en Håkan Nesser. Diverse Nederlandse thrillerschrijvers hebben hun eigen Wallander, Beck of Erlendur geïntroduceerd – zonder succes. Maar nu is er dan echt een die helemaal klopt en deugt.

Een integere, loyale, nauwgezette en diepmenselijke politieman van wie je hoopt dat hij in het echt voorkomt: Paul Vegter en zijn schepster heet Lieneke Dijkzeul.

De kunst van het creëren van zo’n degelijk karakter dat een boek of wat mee kan, ligt ironischer wijze in het feit dat hij niet spectaculair mag zijn maar interessant genoeg om de aandacht vast te houden. Vegter mijmert over Bach, koopt een huis buiten de stad om zijn zinnen te verzetten, wikt en weegt zijn emoties en zoekt als weduwnaar naar evenwicht in de relatie met zijn dochter en haar vriend. Daarnaast tracht hij misdrijven op te lossen met een team van mensen met alledaagse afwijkingen.

Aan het begin van Koude lente wordt er een kinderlijkje gevonden in een stadspark. Een groot drama in een kleine wereld, want bij Lieneke Dijkzeul is de horizon altijd dichtbij. Vanaf de vondst beginnen de ontwikkelingen, stuk voor stuk op menselijke maat.

Geen hi-tech, geen plastische narigheid en geen hippe internetoplossingen, maar het oude handwerk van buurtonderzoek en observeren, van ondervragen en hypothesen toetsen. En dat alles sociaal- realistisch. We treffen een bejaarde die moeite heeft om de tijd zinvol door te komen, criminele hangjongeren, mensen die zijn vastgelopen, ontspoord of op de dingen uitgekeken.

Het mag dan zelden feest zijn in Dijkzeuls wereld, lachen kun je er wel. Haar kernachtige typeringen en rake beschrijvingen pakken van tijd tot tijd humoristisch uit. Als de topfitte rechercheur Brink wordt geconfronteerd met de rug van een een dikke, alcoholistische vrouw met een verwaarloosd uiterlijk, staat er: ‘Brink keek naar haar achterkant, waar de bh-sluiting het golvende vlees op haar rug scheidde met de onverbiddelijkheid van de Afsluitdijk.’

Vegter spreekt en denkt in een ander register, zoals iedereen van- Dijkzeul een eigen stijl en stem heeft. Daarin schuilt misschien wel haar grootste kracht, in haar vermogen om de klankkleur van de zinnen aan te passen aan personage en situatie. En dat werkt in al zijn onmodieuze ambachtelijkheid erg goed.


vrijdag 9 november 2007


Tv-serie rond In Europa zondag in première

Door Maud Effting voor De Volkskrant

‘Mijn kinderen van 18 en 20 zijn helemaal niet zo geïnteresseerd in geschiedenis. Maar toen ze de eerste aflevering zagen, zaten ze met open mond te kijken’, zegt eindredacteur Roel van Broekhoven.

Hij maakte samen met een aantal VPRO’ers In Europa, een documentairereeks die aan de hand van de gelijknamige bestseller van Geert Mak de geschiedenis van Europa in de vorige eeuw beschrijft. De serie bestaat uit 35 delen, en is waarschijnlijk de langste documentairereeks die in Nederland is gemaakt.

Het geld – 3 tot 4 miljoen – kwam er vooral vanwege de bekendheid van Geert Mak. ‘Als we hadden gezegd dat we 35 documentaires over Europa gingen maken, waren we waarschijnlijk weggehoond.’ Nu had hij een publiekstrekker: In Europa van Mak won in 2004 de NS Publieksprijs, en was het best verkochte Nederlandse boek dat jaar.

De makers zochten naar persoonlijke verhalen om de geschiedenis te vertellen. Ze vonden bijvoorbeeld een achternicht van Hitler, en de kleinzoon van Franz Ferdinand, wiens dood de Eerste Wereldoorlog ontketende. ‘We focussen niet op jaartallen’, zegt Van Broekhoven, ‘maar op wat mensen meemaakten. Hoe voelde het? Welke keuzes maakten ze?

‘Zo hebben we het bedrijf gevonden dat de verbrandingsovens leverde voor concentratiekamp Buchenwald in de Tweede Wereldoorlog. Eerst waren die ovens voor dode tyfuspatiënten, maar dat werd geleidelijk anders. Niettemin bleven die installateurs er aan sleutelen – dat is toch eigen aan technici. Op een gegeven moment hadden ze de ovens zelfs zo goed afgesteld dat er geen brandstof meer nodig was; ze brandden 24 uur per dag op het vet van de lijken. We spraken de zoon van de bedrijfsleider; heel indrukwekkend. De vraag bekruipt je: wat zou jij gedaan hebben? Het is niet zo zwart-wit als het lijkt.’

Ze volgden het boek van Mak, maar zochten wel eigen verhalen. ‘Mak praatte veel met schrijvers, maar dat laat zich niet goed vertalen op tv. Zo’n 80 procent van de mensen die we spreken, is anders. Wij konden ook veel meer research doen. We stonden gewoon een dag bij het graf van Hitlers ouders, en toen ontmoetten we ineens zijn achternicht. Mak was er maar een half uurtje geweest. Hij zei: ik ben jaloers op wat jullie allemaal boven tafel krijgen.’

Volgens Van Broekhoven gaat het na tijden van ellende beter met de VPRO. ‘Natuurlijk zijn we traag en zelfgenoegzaam geweest, maar we hebben ook de wind tegen gehad. De publieke omroep dreigde te infantiliseren. Netcoördinator Ton F. van Dijk was erg van de kijkcijfers. Geen man van de publieke taak zoals ik die voor ogen heb. De VPRO heeft nóóit gescoord, behalve met Van Kooten en De Bie, en ineens waren we de risée van de klas. Gelukkig slaat de sfeer hier om. De hoofdredactie staat niet meer als een mokkend kind in de hoek. En de rest van omroepland beseft nu ook dat de publieke omroep een taak heeft die verder gaat dan alleen een groot publiek bereiken. Je moet programma’s durven maken die er toe doen.’



Grunberg stapt uit de literaire openbaarheid

Schrijver Arnon Grunberg trekt zich volledig terug uit de literaire openbaarheid. "Nooit meer zal ik aanwezig zijn tijdens een literaire activiteit in Nederland", liet de schrijver vrijdag optekenen in de Vlaamse krant De Morgen.

De uitspraken van Grunberg zijn een reactie op de tumultueuze ruzie die de schrijver uitvocht met zijn collega A.F. Th. van der Heijden in de aanloop naar de uitreiking van de AKO-literatuurprijs. De prijs werd door Van der Heijden gewonnen. Bij de uitreiking weigerde Van der Heijden aanvankelijk om bij Grunberg aan tafel te zitten maar na de prijsuitreiking schudden beiden auteurs elkaar de hand. Voor Van der Heijden was hiermee de kous af.
(bron: Novum)

Over de woordenstrijd en het afbranden van A.F.Th. van der Heijdens boek Mim, schrijft hij:
“Kennelijk had ik iets gedaan dat verder ging dan het doden en verwonden van burgers. Ik had in het openbaar verkondigd dat ik een boek van een collega erg slecht vond en daar argumenten voor aangevoerd. Ik had vervolgens getwijfeld aan de geestelijke gezondheid van die collega.

Had ik maar geschreven dat Wolkers en Mulisch dienen te worden doodgeknuppeld in een concentratiekamp zoals Reve deed in de jaren tachtig. Want dat is ironie. Aangezien ik voor assimilatie ben, zal ik mij aanpassen aan de zeden van de Nederlandse literatuur. Vanaf nu zal ik zwijgen over de Nederlandse collega’s en mij beperken tot een beleefde glimlach. Ook wil ik niet het risico lopen dat ooit nog iemand vanwege mijn aanwezigheid apart moet dineren of voortijdig de zaal moet verlaten.”
(bron: De Morgen)



Nominaties Academica DebutantenPrijs 2007/2008

Pas in september 2008 zal voor de eerste keer de Academica DebutantenPrijs voor het beste Nederlandstalige fictiedebuut worden toegekend, echter als 'DebutantenPrijs' voor de dertiende maal. Literaire uitgeverijen zonden totaal 107 debuten, verschenen in de periode 1 april 2006 t/m 30 september 2007, in.

Uit deze 107 debuten heeft de nominatiejury voor de Academica DebutantenPrijs 2007/2008 de volgende 5 debuten geselecteerd:

  • Art. 285b – Christiaan Weijts
    Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam
  • Bruidsvlucht – Marieke van der Pol
    Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam
  • De steniging – Frénk van der Linden
    Uitgeverij Contact, Amsterdam
  • Zondagsgeld – Philip Snijder
    Uitgeverij Mouria, Amsterdam
  • Vijf strippen – Wiegertje Postma
    Uitgeverij Rothschild & Bach, Amsterdam

Vanaf heden heeft u, de lezer, de gelegenheid de boeken te lezen en te beoordelen, middels dit beoordelingsformulier.

Lees hier het rapport van de NominatieJury waarin zij hun oordeel toelichten.

De formule voor deze literaire prijs is uniek. Na de selectie van bovengenoemde titels door de nominatiejury worden de debuten door lezerspanels, -groepen en individuele lezers bij openbare bibliotheken in Nederland gelezen en beoordeeld. Het hieruit voortkomende beste debuut wordt de winnaar. De lezers bepalen dus wie de prijs van € 15.000 in ontvangst mag nemen. Dit bedrag is beschikbaar gesteld door de Gemeente Dordrecht en Academica.


donderdag 8 november 2007


Adriaan van Dis terug op TV

Vanaf 4 december is het legendarische praatprogramma Hier is ... Adriaan van Dis (VPRO) iedere dinsdag weer terug op televisie, maar wel bij het digitale themakanaal Cultura (te bekijken met digitale televisie en op internet). Daarna presenteert Van Dis vanaf 6 januari 2008 Van Dis in Afrika op Nederland 2.

Voor Hier is... heeft de schrijver samen met regisseur Ellen Jens uit alle 400 gesprekken 'van vroeger' de honderd meest bijzondere geselecteerd. Elke uitzending beslaat ongeveer een uur, waarin Van Dis met drie gasten spreekt. Bovendien heeft Adriaan van Dis bij elke uitzending een nieuwe inleiding gemaakt waarin hij herinneringen ophaalt aan de gesprekken van destijds, de anekdotes, de flaters en natuurlijk de aanleiding om die bepaalde gast op dat moment uit te nodigen.

Alle grote internationale schrijvers hebben aan tafel gezeten bij Van Dis; de gesprekken varieerden tussen goed en legendarisch (Willem Oltmans, W.F. Hermans, Annie Solal Cohen), tot historisch (Roald Dahl, Frederick Forsyth). Niet voor niets ontving Adriaan van Dis voor dit programma in 1986 de Zilveren Nipkowschijf voor het beste televisieprogramma.

De trailer van het vernieuwde programma is hier te bekijken.

Afgelopen zomer reisde Van Dis door Zuid-Afika, Namibië en Mozambique. Vanaf 6 januari 2008 presenteert hij ook zijn nieuwe televisieprogramma Van Dis in Afrika waarin hij verslag doet van zijn reizen en hij met politici, schrijvers en journalisten spreekt over het koloniaal verleden, burgeroorlogen en apartheid. Naar aanleiding van deze televisieserie verschijnen in één bundel de twee klassiekereisboeken Het beloofde land en In Afrika.


woensdag 7 november 2007


Van Lieshout krijgt hoger bedrag voor gedichten in Kinderkomrij

De kinderkomrij - slot, meldt het bericht op het weblog van schrijver/dichter Ted van Lieshout. Van Lieshout voerder daar de laatste weken een eenzame kruistocht tegen uitgeverij Prometheus, die Komrij’s onlangs verschenen bloemlezing De Nederlandse kinderpoëzie in 1000 en enige gedichten uitgeeft. Van Lieshout was verbolgen over het feit dat de uitgeverij pas zijn toestemming vroeg voor het overnemen van zijn gedichten toen de bloemlezing al in de winkels lag. Hij kon het óók niet waarderen dat de vergoeding die dichters kregen, 5 euro per gepubliceerd gedicht, veel lager ligt dan het gangbare bedrag van 27 euro.

'Ik heb via de Stichting Rechtshulp Auteurs juridische steun gezocht. Ik vond het onaanvaardbaar dat Prometheus mij op basis van de zogenaamde onderwijsexceptie (Artikel 16 van de Auteurswet) probeerde te bewegen tot medewerking. Zo'n onderwijsexceptie maakt het mogelijk teksten zonder toestemming van de auteur over te nemen in publicaties die worden gebruikt in het onderwijs. De tussenkomst van een advocaat leidde tot een gesprek met Prometheus dat heeft geresulteerd in een overeenkomst. '

Er is dus een overeenkomst bereikt tussen de dichter en de uitgeverij. Prometheus betaalt nu een ‘substantieel hoger bedrag’ voor de overname van Van Lieshouts gedichten, zo meldt hij.

Op zijn weblog verweert Van Lieshout zich alvast tegen het verwijt dat het hem alleen maar om geld te doen is geweest. Hij schrijft:
‘Mijn eis was dat mijn gedichten zouden worden verwijderd uit de bloemlezing, maar hieraan werd geen gehoor gegeven. Prometheus voerde aan dat mijn gedichten onmisbaar zouden zijn voor de bloemlezing (persoonlijk had het mij wel leuk geleken om dat argument te betwisten voor de rechter, maar zo ver is het dus niet gekomen).

Vanwege het succes van het boek was de derde druk inmiddels verschenen; mijn eis verloor bij elke nieuwe drukgang aan kracht, want wat heeft het voor zin om je gedichten uit een boek te halen als er inmiddels al 15.000 exemplaren zijn verschenen? De eis dat het hele boek uit de handel genomen zou moeten worden is voor mij nooit een optie geweest, omdat ik dat te overdreven vond.'
De uitspraak heeft Van Lieshout echter niet geheel kunnen bevredigen: ‘er is geen enkele garantie dat Prometheus in het vervolg wél zorgvuldig zal omspringen met het auteursrecht.’ Hij spreekt ook de verwachting uit dat de door Prometheus aangevoerde reden waarom de uitgeverij niet bijtijds alle nog levende dichters om toestemming heeft gevraagd in een rechtszaak niet houdbaar zou zijn.
(bronnen: Boekblad.nl, NRC Handelsblad)



Recensie: De eenzame snelweg van Hulst & Deleo

Over On the road wordt verteld dat Jack Kerouac zijn roman in 1951 in drie weken schreef, zonder noemenswaardige onderbrekingen, op een rol telexpapier. En toen hij het verslag over z’n reis dwars door de Verenigde Staten en de krochten van van zijn geest had voltooid, wilde geen uitgever het hebben. Te experimenteel, te ruw, te subversief. Pas in 1957 verscheen het als roman. Ingekort.

Vijftig jaar later kan de impact van On the road het best vergeleken worden met de eerste singles van Elvis Presley en een film als The wild one met Marlon Brando. Het boek ontsteeg in de jaren zestig de cultstatus en groeide uit tot een moderne klassieker waarin de ongepolijste stem van de na-oorlogse jeugd de Amerikaanse droom aan flarden schreeuwt.

Auke Hulst en Raoul Deleo trokken dit voorjaar in het spoor van Kerouac (1922 – 1969) door de Verenigde Staten een keerden terug met een nieuw verslag: De eenzame snelweg. Hulst (1975) nam de woorden voor zijn rekening, Deleo (1968) leverde illustraties gemaakt op een papierrol in een speciaal vervaardigd kistje. Ze begonnen hun reis op 10 maart in New York en eindigden 27 maart in San Francisco.



De eenzame snelweg is een fraai vormgegeven boek. Door de illustraties van Deleo op de bovenste helft van de pagina te plaatsen en door te laten lopen, roept de uitgave ongewild de Tom Poes-verhalen van Marten Toonder in herinnering. Doordat de tekst van de begenadigde stilist Hulst geen gelijke tred houdt met de tekeningen is het verstandig het boek minimaal twee keer te lezen: een keer voor Deleo en een voor Hulst.

Die laatste toont zich onmiskenbaar schatplichtig aan Kerouac, in ritme, toon en themathiek. Net als de hoofdpersoon in On the road worstelt Hulst met een achtergebleven liefde. Interessant is in dit verband dat hij vorig jaar debuteerde met een geslaagde roman waarin die thema’s ook al aan de orde kwamen. De eenzame snelweg is echter eerder een kruising tussen dagboeknotities en een reisverslag, dan een tweede roman.

De (potlood)tekeningen van Deleo doen denken aan illustraties die eind jaren zestig, begin jaren zeventig veelal in cultblaadjes en poptijdschriften werden afgedrukt – de geest van Robert Crumb en Will Eisner is nooit ver weg. Van kaders trekt Deleo zich weinig aan, hij mag graag engelstalige woorden gebruiken en voortdurend aan popcultuur refereren. Met een goed scenario moet hij een prachtige graphic novel kunnen maken.

Toch valt er wel iets op De eenzame weg af te dingen. Het duet van de onmiskenbare talenten is nadrukkelijk een ode, op den duur wordt een oorspronkelijk geluid gemist. De autoradio is vervangen door een iPod en het schrijfblok door een notebook, maar zelfs als na twee weken wordt besloten de route van Keroauc te verlaten, gebeurt dat geheel in de geest van diens spontaneous flow. Echt op eigen benen staan is er nog niet bij.

Jack zou het zo gewild hebben, zullen we maar denken.

(bron: Woestenledig.com)


dinsdag 6 november 2007


Stefan Brijs wint de Boek-delenprijs

Stefan Brijs heeft met De engelenmaker de Boek-delenprijs gewonnen. Deze prijs van literaire leesclubs is bestemd voor 'het boek dat hen de meest inspirerende discussiebijeenkomst'. Onlangs werd De engelenmaker ook bekroond met de Provinciale Prijs voor Letterkunde van de Provincie Antwerpen.

Het boek werd gekozen uit een lijst met zowel binnenlandse als buitenlandse boeken, zoals Jonathan Safran Foers Extreem luid & ongelooflijk dichtbij, Orhan Pamuks Sneeuw, Ian Mc Ewans Zaterdag, maar ook Anna Enquists De thuiskomst, Jan Siebelinks Knielen op een bed violen, Een schitterend gebrek van Arthur Japin en De helaasheid der dingen van Dimitri Verhulst.

De prijs is in het leven geroepen door het Lezersfeest in Rotterdam, het Vlaams Centrum voor Openbare Bibliotheken (VCOB) en het tijdschrift Boek-delen. De leesclubs konden tussen april en september stemmen op de genomineerde boeken.


Lees hier een exclusief fragment uit De Engelenmaker.


maandag 5 november 2007


Het schervengericht wint AKO Literatuurprijs 2007

Op maandag 5 november 2007 heeft juryvoorzitter Gerlach Cerfontaine bekendgemaakt dat het boek Het schervengericht van A.F.Th. van der Heiden bekroond is met de AKO Literatuurprijs 2007. Van der Heijden geeft daarmee het nakijken aan Arnon Grunberg die voor Tirza een derde grote literaire prijs op rij binnen één jaar door de vingers ziet glippen.



De uitreiking vond plaats in een speciale live-uitzending van Pauw & Witteman vanuit Paleis Het Loo. De schrijver van het bekroonde boek ontving een sculptuur van Eugène Peters en een cheque ter waarde van 50.000 euro. Dit bedrag wordt beschikbaar gesteld door de Stichting Jacques de Leeuw.

De andere genomineerden waren Arnon Grunberg (foto onder, applaudiserend voor de winnaar) met Tirza, Willem G. van Maanen met Heb lief en zie niet om, Dimitri Verhulst met Mevrouw Verona daalt de heuvel af, Frank Westerman met Ararat en Joost Zwagerman met Transito.



Van moddergooien was geen sprake, tijdens de uitreiking. Als twee kemphanen hadden de genomineerde schrijvers Arnon Grunberg en A.F.Th. van der Heijden zich de afgelopen weken opgesteld in diverse periodieken, maar in de Balzaal van Paleis Het Loo in Apeldoorn viel vannacht geen onvertogen woord. Daar was wel wat voor nodig geweest: Van der Heijden had besloten om niet met Grunberg en de anderen vooraf te dineren in het Theehuis van Het Loo, maar had zich met zijn gezelschap teruggetrokken in het nabijgelegen hotel De Keizerskroon. Van daar bekeek hij gedwee de rechtstreekse tv-uitzending.

Desgevraagd wilde Van der Heijden niet teveel woorden meer vuil maken aan de controverse. "Ik pleit voor herstel van omgangsvormen, ook onder schrijvers", aldus Van der Heijden. Kort daarna bleek dat het allemaal wel meevalt met de animositeit. Tegenover het NOS Journaal zei Van der Heijden dat Grunberg naar hem toe was gekomen en hem een hand had gegeven. "Ik denk dat onze controverse niet heel diep gaat", aldus Van der Heijden. "Het was een polemiek en een spel."

Naar Vlaams voorbeeld had Pauw & Witteman zes ‘ambassadeurs’ gekozen die de genomineerde boeken om het hardst prezen. Frédérique Spigt bracht zelfs zingend een hommage, aan de essayist Zwagerman.

Vlak bij hem zat Arnon Grunberg, met op zijn schoot een klein jongetje, zijn petekind, dat druk in de weer was met een stickerboek. De schrijver, die al twee grote prijzen won voor zijn roman Tirza, leek niet al te gespannen te hopen op een ‘grand slam’, wellicht in de wetenschap dat nooit de twee grote commerciële prijzen naar hetzelfde boek gaan.

Het schervengericht gaat over een door het leven al zwaarbeproefde filmregisseur die eind jaren zeventig wegens ontucht met een minderjarig meisje achter de tralies van een Californische gevangenis verdwijnt - incognito. Hij maakt er kennis met een tot levenslang veroordeelde die door een ingezwachteld hoofd onherkenbaar is. Tussen de twee mannen ontstaat een onwillige verstandhouding, een stugge vriendschap bijna, totdat de cineast ontdekt dat achter de winselen de persoon schuilgaat die zijn leven heeft verwoest. Dan pas komt het tot een écht gesprek. Geen berouw, geen vergiffenis. De regisseur gaat met zijn aanklacht tot op het bot, maar de ander blijft vasthouden aan de duistere, pseudo-politieke idealen die tot zijn daad hebben geleid, een van Amerika's smerigste moordzaken van de twintigste eeuw.



Internationaal succes voor Weg van Lila

Amper drie weken na de Nederlandse publicatie van Weg van Lila, de autobiografische roman van debuterend schrijver Patrick van Rhijn, zijn de Duitse rechten voor een aanzienlijk bedrag verkocht aan Piper Verlag.

Op 7 juli 2006 verloor Patrick van Rhijn, na drie jaar alleen voor zijn dochtertje te hebben gezorgd, de laatste rechtszaak om haar hoofdverblijfplaats. Zijn nu 4-jarige dochtertje woont sindsdien bij haar moeder in Zweden. Zijn romandebuut Weg van Lila is het aangrijpende, maar vaak ook hilarische verslag van deze turbulente jaren.


zondag 4 november 2007


Baantjer écht opgehouden met schrijven

Hoewel volgend jaar nog de twee allerlaatste delen uitkomen, schrijft Appie Baantjer écht niet meer. Deel 69 en 70 liggen namelijk al een tijd klaar in de kluis. ,,Ik heb zeven miljoen boeken verkocht. Ik mag er toch wel een keer mee ophouden.’’

Nou liever niet, vinden de fans van de misdaadboeken rond rechercheur De Cock, met ce-oo-ce-ka. Zaterdag kwamen ze in groten getale naar boekhandel Van Rietschoten in winkelcentrum Keizerswaard in Groot-IJsselmonde, waar de 84-jarige Baantjer bij hoge uitzondering nog één keer zijn boeken signeerde. Als vriendendienst voor de boekhandelaar, met wie hij al zeventien jaar contact onderhoudt en wiens zoon in een van de Baantjerboeken figureert.



,,Ik begrijp wel dat hij stopt hoor, maar ik vind het zó jammer,’’ zegt Baantjer-fan Helmie Hoveling. Vijftien jaar geleden leende de Rotterdamse een politieboek van een collega en sindsdien is ze verkocht. ,,Ik heb ze alle 68,’’ zegt ze trots.

Wat er zo leuk aan Baantjes is? ,,De boeken zijn makkelijk om te lezen. En ze zijn spannend, maar niet bloederig of eng.’’ En dan is er Baantjer zelf nog. ,,Dat is zo’n leuke man.’’

De schrijver nam zaterdag alle tijd voor een praatje met zijn trouwe lezers. Want hoewel hij in verband met zijn leeftijd eigenlijk al was gestopt met signeren, vond hij alle aandacht stiekem toch wel leuk.
(bron: AD)


vrijdag 2 november 2007


A.F.Th. van der Heijden dineert liever alleen

Schrijver A.F.Th. van der Heijden wil maandag, tijdens de uitreiking van de AKO Literatuurprijs in paleis Het Loo, niet met Arnon Grunberg dineren. Hij heeft een aparte eetruimte bedongen. De twee auteurs zijn al enige weken in een felle polemiek verwikkeld, sinds Grunberg zich in een open brief laatdunkend over Van der Heijden uitliet. Van der Heijden bood Grunberg aan tijdens de AKO-avond de twist te bespreken. Na een nieuwe strafrede van Grunberg komt hij daarvan terug:
(bron: ANP)
Maandag wordt, aan het slot van een diner in paleis Het Loo, de AKO Literatuurprijs uitgereikt. Na overleg met de organisatie heb ik ervoor gekozen met mijn gezelschap in een aparte ruimte de maaltijd te gebruiken. Dit besluit zal ik hier kort toelichten, in de hoop misverstanden voor te zijn.

In de week na het bekendworden van de nominaties schreef mijn medegenomineerde collega Arnon Grunberg een tegen mijn werk en persoon gerichte open brief, die eerst werd afgedrukt in het Vlaamse blad HUMO en enkele dagen later in Het Parool.

Hij hanteerde als gewoonlijk geen argumenten, dus ik had zijn aanval zonder reactie kunnen laten, als ik mij er niet zo onaangenaam van bewust was dat ik mij op dat moment in een competitie bevond met iemand die tegelijkertijd vanaf de zijlijn een smerig soort hooliganisme wenste te bedrijven.

Omdat nog HUMO noch Het Parool mij ruimte had geboden op de open brief te reageren, was ik aangewezen op een genereus aabod van HP/De Tijd, dat mij 2.300 woorden ter beschikking stelde om mijn verbijstering over Grunbergs dubbelrol te uiten. Ofschoon de polemiek niet mijn favoriete genre is, meende ik me heel aardig binnen de regels van het steekspel van mijn taak te hebben gekweten.

Grunberg bleek dergelijke regels intussen geheel verlaten te hebben, net als die van het menselijk fatsoen. Een week nadat mijn stuk werd gepubliceerd, lic