zaterdag 29 december 2007


'Idols' voor schrijftalent

Idols voor aanstormend schrijftalent. Zo laat de wedstrijd die een Amsterdamse uitgeverij heeft georganiseerd zich misschien wel het best omschrijven.

Het 75-jarig bestaan van uitgeverij Contact is de aanleiding voor een online-actie met als doel het ontdekken van de nieuwe - schrijvende - Jim of Jamai. De hoofdprijs is een boekcontract.

Rodger Buyvoets was mede verantwoordelijk voor het bedenken van Idols voor jonge schrijvers. Buyvoets: ''Bij het jubileum van de uitgeverij wilden we nieuw talent aantrekken. En dat is toch vooral online te vinden. We zijn in oktober met de actie begonnen, en via de website hebben we al ruim drieduizend inschrijvingen binnen.''

Inschrijven kan nog tot 2 januari, daarna kunnen de schrijvers in spe hun schrijfkunsten laten zien op internet.

Verschillende 'echte' schrijvers hebben een begin gemaakt voor een verhaal, zoals Renate Dorrestein, Midas Dekkers en Vonne van der Meer. Het is aan de deelnemers dit verhaal af te maken. Buyvoets: ''Tot 2 april kan jong talent de verhalen 'afschrijven'. Daarna worden vijfentwintig deelnemers geselecteerd - zij komen in de halve finale. Die krijgen hun verhaal terug, met correcties, tips en aanmerkingen. Op de website krijgen ze een profiel, en kunnen ze een weblog bijhouden.''

Uiteindelijk belanden er vier wannabe-schrijvers in de finale. De jury bestaat uit twee redacteuren van de uitgeverij en de schrijvers Midas Dekkers en Renate Dorrestein. Samen met het publiek bepalen zij wie er wint.

Manya Koetse is één van de deelnemers. ''Ik schrijf mijn hele leven al verhalen. Toen ik hoorde van de wedstrijd, leek het me dan ook een mooie kans om mijn werk naar buiten te brengen, om het te laten beoordelen door mensen die er echt verstand van hebben,'' zegt ze. ''Ik heb al eerder meegedaan aan wedstrijden; op de middelbare school heb ik wel eens gewonnen. Maar nu, met drieduizend andere aanmeldingen, wordt het wel heel moeilijk. Je weet ook niet wie van die drieduizend de wedstrijd serieus neemt.''

''Ik denk dat je met een onverwachte wending in het verhaal wel ver kunt komen. Daarom maak ik het liefst een verhaal van Renate Dorrestein af. Zij heeft in haar boeken ook onverwachte plotwendingen, zoals in Het Hemelse Gerecht.''
(uit Het Parool)


donderdag 27 december 2007


'Boek politiepsycholoog kan onderzoeken schaden'

Het vorige week verschenen boek Tegendraads van voormalig politiepsycholoog Harrie Timmerman kan schadelijk zijn voor lopende politieonderzoeken. Dit schrijven hoofdofficier van justitie Jan Eland en korpschef Oscar Dros van de regiopolitie Groningen in een gezamenlijke reactie. Timmerman werkte zes jaar bij de regiopolitie en doet in zijn boek verslag van die periode.

Doordat Timmerman uitgebreid ingaat op nog lopende moordonderzoeken, en daar ook een beschrijving van geeft, wordt informatie openbaar gemaakt die tot dusver alleen bij de dader bekend was. Dat kan schadelijk zijn omdat daderinformatie in veel politie-onderzoeken een cruciale rol speelt.

Verder bevat het boek volgens Eland en Dros veel hele en halve onwaarheden en dicht Timmerman zichzelf een grotere rol toe in recherche-onderzoeken dan hij in werkelijkheid heeft gespeeld. De opvatting van de auteur dat politie en justitie de strafvervolging van Reinier S., verdacht van de moord (Hoogezand, 1996) op zijn partner Gonda Drent, bewust frustreren, is onjuist, aldus Eland en Dros. Volgens Timmerman wil justitie de zaak laten doodbloeden om gezichtsverlies te voorkomen. Eland en Dros: de zaak komt komend voorjaar voor de rechter.

Volgens Timmerman werd zijn detacheringcontract bij de politie eind 2005 verbroken omdat hij de misstanden in de Schiedamse parkmoord in de openbaarheid had gebracht. Ook dit wordt door Eland en Dros bestreden.
(uit Dagblad van het Noorden)



Pipo-schrijver Meuldijk overleden

De geestelijk vader van Pipo de Clown, Wim Meuldijk, is op 85-jarige leeftijd overleden. De beroemde clown, gespeeld door Cor Witschge, verscheen in 1958 voor het eerst op de tv bij de VARA. Meuldijk kreeg van die omroep het verzoek een leuke jeugdserie te maken.


Cor en Wim: geestelijk vader met zijn 'kind' (foto: privé-collectie)

Het succes van Pipo was zo groot, dat de serie 22 jaar werd uitgezonden. Pipo kreeg nog een opleving in 2003 toen de film 'Pipo en de P. P.Parelridder' in de bioscoop verscheen.

In 1962 schreef Meuldijk op verzoek van de VARA ook een andere jeugdserie: Mik en Mak. Meuldijk verhuisde in 1973 naar Spanje waar hij is overleden.
(afkomstig van NOS)


woensdag 26 december 2007


Leon de Winter stopt met column in Elsevier

Schrijver Leon de Winter is gestopt met zijn columns voor Elsevier. "Lieve lezer, ik ben uitgeput. Ik stop ermee", schrijft hij woensdag in zijn weblog op de website van het weekblad. De Winter stopt zowel met zijn column in de papieren uitgave van Elsevier als met zijn weblog.

In de laatste bijdrage op zijn weblog vertelt De Winter hoe hij na 'duizenden columns, blogs en artikelen uitgeput is geraakt van het geven van tegengas aan al die gemakzuchtige redeneringen waarmee zovelen hun passiviteit rechtvaardigen'. Hij kondigt aan eerst zijn nieuwe roman na God's Gym te voltooien, 'een project dat voortdurend door de actualiteit opzij werd geduwd'. De Winter overweegt daarna naar Californië te verhuizen. "Ik wil me een tijdje niet meer met lelijkheid en gevaar en dreiging en ondergangsverwachtingen bezighouden."

Hoofdredacteur Arendo Joustra van Elsevier zegt het vertrek van De Winter erg jammer te vinden. "Hij kan natuurlijk geweldig schrijven en met zijn enorme passie en kennis was hij heel erg aanwezig, zoals het hoort bij een goede columnist en blogger." Joustra zegt 'in alle rust' naar een opvolger te zoeken.

Leon de Winter was ruim vier jaar columnist van Elsevier. De eerste column dateert van 13 september 2003 en was gewijd aan de anti-Amerikaanse stemming in de media, twee jaar na de aanslagen op het World Trade Center. Sinds een jaar hield hij samen met Afshin Ellian, eveneens rechts georiënteerd, een 'duoblog' bij op Elsevier.nl. De komende tijd verzorgt Ellian deze blog alleen.
(uit De Gelderlander)



'Wolkers krijgt eigen museum'

,,Jan Wolkers krijgt mogelijk een eigen museum.'' Dat heeft zijn weduwe, Karina Wolkers, gisteravond gezegd in het radioprogramma Met het oog op Morgen. ,,Er komt waarschijnlijk een soort museum of in ieder geval een plek waar Jan z'n schilderijencollectie naartoe gaat en daar moet ook een archief komen van zijn literaire werken en brieven'', zei Karina Wolkers.

De schrijver, schilder en beeldhouwer Wolkers overleed op 19 oktober op 81-jarige leeftijd. Het is nog niet bekend waar het werk van homo universalis Wolkers precies heengaat.



Volgens zijn weduwe zou Wolkers' voorkeur uitgaan naar Leiden. ,,Hij wilde graag dat zijn werk allemaal bij elkaar bleef, dat zijn collectie niet uit elkaar viel. Jan wilde erg graag dat het Leiden wordt. Dat is zijn stad. Dat is de eerste stad waar hij naar de tekenacademie ging, de eerste stad waar hij musea bezocht.''

Hoe de invulling van de ruimte waar Wolkers' collectie verzameld wordt er in de praktijk uit komt te zien is nog onduidelijk. ,,Museum klinkt te statisch'', zei Karina Wolkers. ,,Het moet iets swingenders worden, waar ook films van anderen getoond kunnen worden, met aandacht voor geschiedenis. Met Jan als vertegenwoordiger van de twintigste eeuw.''
(uit NRC)


zaterdag 22 december 2007


Martin Ros neemt in tranen afscheid



Boekenrecensent Martin Ros heeft vanochtend op Radio 1 in de Tros Nieuwsshow met tranen in zijn ogen afscheid genomen van zijn luisteraars. Ruim 21 jaar was Ros het 'boekengeluid' van lezend Nederland.

Tijdens zijn laatste radio-optreden besprak Ros de boeken die op hem de meeste indruk hebben gemaakt van schrijvers als Nabokov, Kafka, Thomas Mann en Dostojevski. "Naast Dostojevski is Mulisch echt een dwerg", stelde Ros. Ook noemde hij een aantal boeken die hem in zijn jeugd tot lezen aanzetten.

In zijn laatste radioshow bedankte de 70-jarige Ros zijn trouwe fans. "Na 21 jaar mag dat wel, alle luisteraars die me brieven stuurden, hònderde...", zei hij. "Ik heb gemerkt dat ik populáir was, wat ik helemáál niet wist." Met tranen in zijn stem nam hij uiteindelijk afscheid. "Dit is mijn leven geweest", snotterde Ros. "En dat is het nog."

Met haar meest recente roman Lucifer was Connie Palmen de enige auteur van Nederlandse bodem in de top tien van Ros.

De laatste dagen sloeg de 70-jarige Ros, die tegen zijn zin afscheid moest nemen, in de media hard om zich heen. In RTL Boulevard beschuldigde hij Nieuwsshow-presentatrice Mieke van der Weij ervan zich omhooggeneukt te hebben in het Hilversumse.
''Mieke ging nogal van bil met deze en gene. Dat heeft haar geholpen in haar carrière.''
In een interview met de GPD-bladen veegde hij de vloer aan met de TROS, die hem na onderhandelingen met een advocaat 15.000 euro 'oprotpremie' gaven.

Van der Weij hield zich tijdens de uitzending op de vlakte. Haar collega Peter de Bie bedankte Ros voor bewezen diensten maar drukte hem op het hart om het in de media de komende tijd wat rustiger aan te doen met zijn uitspraken.

Ros reageerde emotioneel met: ''Het is voorbij, het is geregeld, we gaan als vrienden uiteen.''


vrijdag 21 december 2007


EXIT MARTIN ROS

door Martin Bril

Morgen kunnen we voor het laatst Martin Ros boeken horen bespreken bij de Tros. Ik moet eerlijk bekennen dat ik het volume van de radio altijd een paar puntjes liet dalen als Ros aan het woord kwam, maar hij trok zich daar nooit iets van aan. Zelfs als ik de radio volledig tot zwijgen bracht, hoorde ik hem nog kakelen. Omdat hij er straks niet meer is, heb ik daar nu met terugwerkende kracht spijt van.

Martin Ros.

Ik ken hem niet alleen van de radio, maar ook uit de boekhandel. Daar kwam ik hem wel eens tegen. Een wonderlijke man, om niet te zeggen: een hele rare, rare man. Om te beginnen: het uiterlijk van een dakloze. Ten tweede: de stem van een kip zonder kop. Ten derde: de bezieling van een zendeling. Altijd maar boeken, boeken, boeken. Het is dat ik zelf ook van boeken houd, anders zou ik met een boog om Martin Ros heen lopen.

Een zonderling, dat is het woord.

Zijn plaats bij de Tros gaat bij toerbeurt worden ingenomen door vier jeudige literatuurkenners. Jeugdig wil in dit verband alleen maar zeggen dat ze jonger zijn dan Martin Ros, die tegen de 100 loopt en om die reden door de Tros de laan werd uit gestuurd. Je zou zeggen: uitgerekend de Tros is een omroep voor 100-jarigen, maar nee, dat vinden ze bij de Tros niet - daar gaan ze verjongen. En dus hebben ze hun oog laten vallen op krasse veertigers: Pieter Steinz, Aleid Truijdens, Arie Storm en Ingrid Hoogervorst.

Van mij mag het.

Zelf zou ik als literatuurcriticus niet de ambitie hebben om voor de Tros te werken, maar ik ben dan ook geen literatuurcriticus. Zo'n criticus moet op zaterdagochtend vroeg zijn bed uit en met de trein naar Hilversum, en ik kan lekker thuis in bed blijven liggen en de radio uitdoen als hij aan het woord komt. Het lijkt me duidelijk wie in het beste schuitje zit.

Aan de andere kant: ik leef ook wel mee met zo'n criticus: die doet toch maar mooi zijn best om prachtige boeken onder de aandacht van de massa te brengen, ik bedoel; ik heb wel eens in mijn pyjamabroek een ei staan bakken, terwijl Martin Ros een boek te berde bracht waar ik nog nooit van had gehoord en dat zelfs in de boekwinkel onbekend bleek toen ik het diezelfde ochtend nog wilde aanschaffen.

Wat me nou zo tegenvalt, alleen, is dat de Tros er geen wedstrijd van heeft gemaakt. Waarom kunnen wij als mondige luisteraars nou niet per sms en website onze stem uitbrengen op Pieter, Arie, Aleid of Ingrid? Waarom is er geen format bedacht waarin die vier giganten van de literatuurkritiek het tegen elkaar opnemen? Waarom zitten ze niet in een glazen huis of een gouden kooi? Slapen ze bij de Tros, of wat? Literatuur is oorlog, en anders moet je het er maar van maken.

Ach, Martin Ros.

Ik mis hem nu al. Hij was altijd zo enthousiast, je hoefde nooit op te letten. Hij vond alles goed, want hij hield van boeken en slechte boeken bereikten hem gewoon niet. Hij prees zijn boeken aan alsof hij stroopwafels op de markt verkocht, knollen voor citroenen en parels voor de zwijnen. Echte critici, saaie types per definitie, gemankeerde schrijvers, gaan nu zijn plaats innemen, bij toerbeurt, tot de Tros beslist wie Ros' uiteindelijke opvolger wordt. Maar ik wil op zaterdagochtend helemaal geen literatuurcritici horen - weg ermee. Ik wil gewoon het ware werk, Martin Ros zelf, een zonderling en liefhebber.



Recensie: Het dovemansorendieet - Maarten 't Hart

Door Aleid Truijens voor de Volkskrant

Na Montignac, Sonja Bakker en Dr. Atkins hebben we er een nieuwe dieetgoeroe bij: Maarten ’t Hart. De schrijver haat sport en is naar eigen zeggen een ‘schrokop’ met een eeuwig rammelende maag. Toch is hij zo mager als een lat. Hoe kan dat? Dat wilde ’t Hart wel eens weten.

Daartoe keert hij terug naar de keuken van zijn ouderlijk huis, een schrieperige schraalhanskeuken. Op maandag broodpap, op dinsdag gruttenbrij, op woensdag gehaktdag snotandijvie zonder gehakt, donderdag het hoogtepunt – bruine bonen met stroop! –, vrijdag soms een mootje kabeljauw, zaterdag rijstebrij en op zondag reeds op zaterdag verpeste aardappelen en groente, omdat op de Dag des Heren niet gekookt mocht worden.

Niet per se een caloriearm dieet, maar wel zo smerig dat je er onmogelijk dik van kunt worden. Pas op zijn dertiende ontdekte Maarten het wereldwonder van het goudgele, gefrituurde staafje. Zelf prutten met stukken aardappel in vet op een petroleumbrandertje werd een hartverscheurende deceptie.

Om nu te zeggen dat de succesvolle schrijver het er later flink van nam – nee. Hij ruilde het gereformeerde geloof in voor de reformwinkel en de tuin met eigen teelt. In de supermarkt, met zijn zachte muzak en verleidelijk licht, wordt hij bijkans gek van zoveel overdaad. Als dierenliefhebber neemt hij geen vlees van gemaltraiteerd vee en geen uitstervende vissoorten tot zich. Dan blijft er weinig over om je mee vol te proppen.

Het dovemanorendieet is een geestig en opgewekt boek. Het bevat verstandige analyses van voedingsmythes en ontkracht de onzinnige aanname dat je van bewegen snel afvalt. Hier spreekt de bioloog. Tot zijn verbazing reppen de dieetboeken zelden van de stoelgang. Voor ’t Hart – minstens zes bolussen per dag – geldt de gezonde stelregel: ‘Overal mag ik in bijten, mits ik daarvan flink ga schijten.’ Een andere pijler van zijn dovemansorendieet is dat voedsel vooral niet lekker mag zijn. Als de schrijver een winterwortel heeft opgeknaagd, is hij zo misselijk dat de trek hem vergaat. Slechte wijn drinken behoedt hem voor alcoholisme. Het is vast waar, maar ja, tegen dovemansoren gericht.

Klik hier voor de prijsvraag van uitgeverij De Arbeiderspers en maak kans op een exemplaar van Het Dovemansorendieet.



Recensie: Held - Saskia de Coster

Door Daniëlle Serdijn voor De Volkskrant

Schoonheid kan op de raarste plaatsen huishouden. Neem Lien uit Held, de vierde roman van de alom bejubelde Vlaamse Saskia de Coster (1976). Lien steekt een doofstomme, blinde jongen een schaar in de bips, poert daar wat in het rond om hem aan het praten te krijgen, en wat merkt ze tot haar verrassing: ‘Hij sprak de mooiste taal en jammerde zachtjes.’

Je moet er oog voor hebben, voor zulk soort schoons. En een eigenzinnig karakter. Maar dat heeft de 9-jarige Lien wel. Zij ontdekt dat een goede vijand goud waard is.

Met ijzersterke eerste regels opent De Coster haar roman: ‘Er zijn mensen die als een belediging je leven binnenvallen. Kwelgeesten wier enige bedoeling het lijkt om tot het einde van je bestaan je struikelblok te zijn, de steen waaraan je je keer op keer zult stoten.’

Dat struikelblok heet Marcus, een kwetsbare, contactgestoorde klasgenoot. Zij noemt hem Misbaksel, en koestert hem. Hij laat zich alles aanleunen. Ze vormen een secuur opgebouwde twee-eenheid.

De Costers liefde voor duo’s bleek al uit vorige romans: Charlotte en Atlantis in Vrije val, Carl en Boris in Jeuk, Julie en Babs in Eeuwige roem. Steeds zijn het personages met contrasterende karaktereigenschappen, wat romantechnisch gezien altijd de mogelijkheid geeft tot fijne conflicten.

Toch bouwt De Coster het conflict niet verder uit, maar laat het daarentegen bestaan in die ene briljante vondst, namelijk dat je vijand je beste vriend is. In Lien voltrekken de tegenstellingen zich. Zij heeft haar vijand lief als een minnaar. Wanneer zij, jaren na hun kindertijd, Marcus weer opzoekt, bedenkt ze: ‘iemand doden was de intiemste daad’. En zo delft Misbaksel definitief het onderspit.

Een raar soort schoonheid kenmerkt de roman van De Coster. Grimmig, consequent, haast abstract, maar gevoelig in woorden. Het is het één, én het ander, een Magritte in taal: ceci c’est ne pas une pipe. Dat geeft spannend proza. Maar omdat De Coster zo jong is, schroeft het de verwachtingen voor een volgende roman verder op, en dan liever niet weer zo’n novelleformaatje van 120 bladzijden. Het echte werk moet nog komen.



Karakter van Bordewijk krijgt toneeluitvoering

De Rotterdamse theatergroep Bonheur brengt eind maart een theaterversie van de roman Karakter van Ferdinand Bordewijk op de planken. Dat heeft een zegsman donderdag bekendgemaakt. Het is voor zover hem bekend de eerste maal dat er een toneelbewerking van het boek wordt gemaakt.

De roman uit 1938 verhaalt over de complexe en grimmige relatie tussen de kantoorbediende Katadreuffe en zijn vader, de hardvochtige deurwaarder Dreverhaven. De bewerking en regie zijn van Peter Sonneveld. De hoofdrollen worden vertolkt door Peter Bolhuis, Marike van Weelden en Thomas Oerlemans. Eerder maakte regisseur Mike van Diem al een filmbewerking van het boek. Deze won in 1998 een Oscar voor beste buitenlandse film.

Het toneelstuk Karakter gaat op 28 maart in première in theater Bonheur in Rotterdam. Daarna is de voorstelling in elk geval een maand te zien.
(uit Trouw)


donderdag 20 december 2007


Dictee: "Alles zat erin: erotiek, de Bijbel, humor"

door Angela de Jong voor het AD

Meedoen aan het Groot Dictee der Nederlandse Taal verbroedert. Voor aanvang zitten de prominente Nederlanders en Vlamingen nog wat ongemakkelijk naast elkaar in de bankjes van de Eerste Kamer. Viola Holt, ster van de regionale zender RNN7, naast Lex Runderkamp, justitieverslaggever van het Journaal. Schuin daarvoor, hoe toevallig, Jan-Hein Kuijpers, advocaat van Willem Holleeder.



Bij het buffet in de pauze, als de jury de dictees nakijkt, is het echter één grote familie. Kuijpers, weerman Gerrit Hiemstra, Viola Holt en NCRV-presentator Joris Linssen nemen boven een bord eten het dictee nog eens door.

Schrijf je ‘allang’ aan elkaar of niet? En gedweeë, moet de trema dan op de tweede of de derde e? En is het Bethel of Betel? Als je er maar lang genoeg over praat, ga je vanzelf aan alles twijfelen.

Holt is een beetje in mineur: ,,Ik had van tevoren het Groene Boekje bestudeerd. Ik had de versie uit 2006 en nu hoor ik net dat ze 2005 als uitgangspunt nemen. Vorig jaar had ik 22 fouten. Ik vond het dit keer makkelijker, maar je zal zien dat ik nu meer fouten heb.’’ Wat ze nog wel kwijt wil: jonge mensen kunnen echt niet meer spellen. ,,Er zit in de redactie van mijn programma een meisje dat maîtresse schrijft als matras.’’

De Vlaamse presentatrice Daisy van Cauwenbergh, voormalig Miss België en pas uitgeroepen tot mooiste getrouwde vrouw van de wereldbol, maakt zich geen zorgen over haar imago als ze veel fouten heeft. ,,Mijn blonde haar komt uit een flesje. Ik ben burgerlijk ingenieur, weet van mezelf dat ik geen dom blondje ben. Als er allemaal wiskundige formules zouden worden gevraagd, zou ik het heel goed doen.’’

Dictee-veteraan Bart Chabot stuitert er met zoon Maurits in zijn kielzog tussendoor. Vanaf de allereerste editie in 1990 is hij er bij. ,,Het is een fantastische reünie.’’ Portier, buffetmeisjes, bodes, cameramensen, iedereen wordt begroet als een verloren gewaande vriend.

Hij is lyrisch over de tekst van Jan Wolkers. ,,Schitterend. Het is Jans literaire testament. Alles zat erin: erotiek, de Bijbel, humor, liefde voor taal, levenslust, rock-’n-roll. Een stukje Terug naar Oegstgeest, een stukje Turks Fruit. En gelukkig geen gekunstelde constructies om er maar zoveel mogelijk moeilijke woorden in te stoppen. Jan heeft echt het verhaal het verhaal willen laten zijn. Alhoewel,’’ fronst hij achter zijn bril: ,,Schrepel en Tiepolo, ik heb er nooit van gehoord.’’

Een schatting van het aantal fouten? ,,Moeilijk, moeilijk. Twee jaar geleden maakte ik mijn beste dictee, had ik vijftien fouten. Maar toen had ik ook het Kinderdictee geschreven, dus zat ik er kennelijk beter in. Ik blijk juist elk jaar slechter te scoren. Hoe dat kan? Ik ben nu 53 en heb geen zin meer me voor te laten schrijven hoe ik moet schrijven. Het ene jaar moet het zus, het andere jaar zo. Dat is toch niet bij te houden.’’

Hij blijkt het overigens helemaal niet zo slecht te hebben gedaan. ,,21 fouten,’’ klinkt het na afloop opgetogen. ,,Nou, daar doe ik het voor.’’

Gerrit Hiemstra, Joris Linssen en Jan-Hein Kuijpers hebben hetzelfde aantal fouten gemaakt. Angela Groothuizen heeft er 24, Sara Kroos schatert luidkeels tegen ieder die het maar wil horen dat ze 32 fouten heeft weten te produceren.

In het schrift van Viola Holt staan 25 fouten. ,, Dat moeten er 24 zijn,’’ corrigeert ze. ,,De jury heeft iets wat goed was fout gerekend. Dat hebben ze ook erkend.’’

De onbekende Mady van Goethem (46) staat na afloop met een blos op haar wangen tussen cameraploegen en fotografen. Ze heeft gewonnen met slechts vijf foutjes. ,,Ik heb ‘ontwaarde’ met dubbel d geschreven. Ik snap er niets van. Ik denk dat dat toch komt doordat het zo snel moet.’’

In haar werk -,,We hebben een praktijk in osteopathie en kinesitherapie en daar doe ik het secretariaat van’’- is ze niet echt met taal bezig. ,,Het interesseert me wel. Als ik iets schrijf, wil ik dat het correct is. Het werkt me op de zenuwen als er een foutje in de tekst staat.’’

De top-drie bij de prominenten bestaat louter uit schrijvers. De Vlamingen Stefan Brijs en Peter Terrin hebben ieder tien fouten gemaakt, Nederlander Christiaan Weijts eindigt met één foutje meer als derde.

Moet je schrijver zijn om als prominent het Groot Dictee te kunnen winnen? Brijs: ,,Het is toeval, denk ik. Voor hetzelfde geld had ik ‘oudtestamentische’ met hoofdletters en los geschreven en had ik er zo drie fouten bij gehad. Wat scheelt is dat je als schrijver vaker bezig bent met onbekende woorden, maar als ik achter mijn computer zit gaat de spellingscorrector er overheen.’’


woensdag 19 december 2007


"Weerwoord Hans Vervoort was nodig"

In de laatste Vrij Nederland van dit jaar staat een vreemde advertentie: een paginagroot artikel van Hans Vervoort waarin hij weerwoord geeft op een VN-recensie van zijn laatste boek Opwinding, deel 1 van de kantoor-trilogie Het bedrijf. In die recensie van 14 november veegde Jeroen Vullings de vloer aan met het boek: ‘Vervoort schrijft veelal als een dorre, door onderzoeksrapporten en cijfers bevangen boekhouder’.

“Hans wilde weerwoord geven in de vorm van een artikel,” legt zijn uitgever Vic van de Reijt uit, “maar toen zijn tekst zou worden ingekort en later ook voor die ingekorte versie geen ruimte bleek te zijn, heeft hij voor de advertentievorm gekozen.”

In dezelfde Vrij Nederland staat een tweede forse advertentie voor Opwinding: een romanfragment van twee pagina’s.

Vervoort schrijft in het advertentie-artikel het niet eens te zijn met de gronden waarop zijn boek is beoordeeld. Het boek, dat is gebaseerd op Vervoorts kantoorervaringen bij de Weekbladpersgroep (WPG), zou volgens Vullings geen roman zijn. Vervoort gebruikte die genreaanduiding juist om te benadrukken dat zijn geheugen de zaken die hij beschrijft vertekend kan hebben weergegeven.

De stunt heeft de schijn van een WPG-onder onsje. Vervoort werkte er van 1975 tot 2000 onder andere als directeur-uitgever, uitgeverij Nijgh & Van Ditmar valt onder de WPG, en Vrij Nederland wordt door dat bedrijf uitgegeven. Volgens Van de Reijt maakte Vervoorts voormalige functie het juist eerder moeilijker dan makkelijker om het stuk geplaatst te krijgen.

Wel kreeg Nijgh & Van Ditmar een korting op de advertenties. Welk bedrag er precies is overeengekomen heeft de pr-afdeling van Nijgh & Van Ditmar niet paraat. Karin van Gilst, uitgever van Vrij Nederland, houdt het bedrag “liever intern”. Het zou om “enkele duizenden euro’s” gaan. Het standaardtarief voor een paginagrootte advertentie in de VN is 5840 euro.

Dat de stunt een aardige duit heeft gekost kan Van de Reijt niet deren: “Soms moet je niet naar je eigen portemonnee kijken, maar naar je recht van spreken.” Hij laat weten dat Vervoort heeft aangeboden om een deel van de kosten voor zijn rekening te nemen.
(uit NRC Boeken)



Het laatste werk van Jan Wolkers op tv

Is het nou pannekoek, of pannenkoek? Schrijf je make-up met of zonder streepje? En hoe zit het ook alweer met 't kofschip en fokschaap? Vanavond kunnen Nederlanders en Vlamingen hun spelling weer een beetje opkrikken in alweer het achttiende Groot Dictee der Nederlandse taal.

De tekst van het dictee is dit jaar geschreven door de in oktober overleden Jan Wolkers. Ter nagedachtenis aan haar man zal zijn weduwe Karina Wolkers de tekst aan het begin van de uitzending voorlezen. Daarna nemen Philip Freriks en de Vlaamse presentatrice Martine Tanghe het dicteren over.



Freriks: "Het is echt een tekst van Jan Wolkers. Zijn gedachtengoed zit er duidelijk in. Hij vond het een eer om dit te mogen schrijven. Wij vinden het een eer om het te gebruiken."

Dertig bekende Nederlanders (onder andere Gerrit Hiemstra, Viola Holt en Monic Hendrickx) en Vlamingen doen vanavond de ultieme spellingstoets in de statige ambiance van de Eerste Kamer der Staten Generaal op het Haagse Binnenhof. Zij nemen het op tegen dertig taaltalenten, die door de voorronden van De Volkskrant en de Belgische krant De Standaard zijn gekomen. De jury wordt voorgezeten door Jeltje van Nieuwenhoven.

Freriks presenteert het Groot Dictee al zolang het bestaat; achttien jaar. Op de vraag of Nederlanders en Vlamingen in de loop der tijd beter zijn geworden in spellen, antwoordt hij: "Het kan altijd beter."

Na de uitzending is het Nationaal Dictee integraal ook online terug te lezen of te herhalen: alle dictees zijn ook in video op de website beschikbaar.


dinsdag 18 december 2007


Ros opgevolgd door vier recensenten

Boekbespreker Martin Ros wordt bij de Tros Nieuwsshow opgevolgd door een kwartet dat bij toerbeurt boeken bespreekt: Pieter Steinz, Ingrid Hoogervorst, Aleid Truijens en Arie Storm.

Volgens een woordvoerster van de Tros wordt er 'voorlopig' gerouleerd, in principe wordt er naar één echte opvolger gezocht. Volgens haar is niet zeker dat Ros' opvolger één van deze vier is. Het team kan nog worden uitgebreid.
(uit Het Parool)


vrijdag 14 december 2007


P.C. Hooftprijs voor Abram de Swaan

De P.C. Hooftprijs 2008 is toegekend aan de socioloog Abram de Swaan (Amsterdam, 1942) voor zijn essayistische oeuvre. De prijs, waaraan een geldbedrag van 60 duizend euro is verbonden, wordt op 22 mei uitgereikt in het Letterkundig Museum.

De Swaan heeft volgens de jury een indrukwekkend oeuvre op zijn naam staan, dat bijzondere literaire kwaliteiten heeft. ´Hij schrijft zowel over ingewikkelde als over simpele zaken in glasheldere en lenige taal, waar het plezier in het schrijven vanaf vonkt’ schrijft de jury, en ook: ´Hij is kortom een meester van de analyse, iemand die dol is op denken’.

De P.C. Hooftprijs is een oeuvreprijs die jaarlijks wordt toegekend, afwisselend voor proza, essay en poëzie. De winnaar van vorig jaar was Maarten Biesheuvel.

De Swaan, die van 2002 tot januari dit jaar universiteitshoogleraar sociale wetenschap aan de Universiteit van Amsterdam was, is een van de grootste sociologen van Nederland. Hij heeft een brede interesse en schreef over de meest uiteenlopende thema’s: over de verzorgingsstaat, maar ook over de genocide in Rwanda of het wereldtalenstelsel. Naast zijn hoogleraarschap oefende hij geruime tijd het vak van psycho-analyticus uit. Meer dan de meeste andere sociologen heeft De Swaan dan ook grote belangstelling voor psychologische drijfveren.

Van hem is de term ‘de mensenmaatschappij’ (de titel van een boek dat in 1996 verscheen), waarmee hij mensen onderscheidt van sociale dieren als mieren en bijen, maar waarmee hij ook wilde zeggen dat de maatschappij het resultaat is van wat mensen afzonderlijk en gezamenlijk – bedoeld of onbedoeld – verrichten.

Hij begon zijn carrière als stukjesschrijver in het studentenblad Propria Cures. Zijn eerste boek, Amerika in termijnen; een ademloos verslag uit de USA, verscheen in 1968. In 1973 promoveerde hij cum laude op Coalition theories and cabinet formations over coalitievorming. Hetzelfde jaar werd hij lector, enkele jaren later hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam. Ook heeft hij verschillende gasthoogleraarschappen aan buitenlandse universiteiten bekleed.

Van 1969 tot 1991 was hij redacteur van het algemeen cultureel maandblad De Gids. Hij maakte met Paul van den Bos een reeks tv-documentaires. In 1971 verschenen een televisiereportage en een boek onder de titel Een boterham met tevredenheid; gesprekken met fabrieksarbeiders, dat door de VARA werd uitgezonden en arbeiders aan het woord liet over hun werk en leven.

De Swaan schreef voor lange tijd wekelijks in NRC Handelsblad, stukken die werden opgenomen in drie bundels.
(bron: De Volkskrant)


donderdag 13 december 2007


Iris Koppe's Rosiri wordt verfilmd

Het debuut van Iris Koppe wordt verfilmd. Paula van der Oest heeft de filmrechten gekocht en de film wordt geproduceerd door Motel Films. Van der Oest werkt momenteel samen met Koppe aan het scenario.

Rosiri werd als feuilleton in NRC Handelsblad gepubliceerd en dit najaar verscheen het in boekvorm bij uitgeverij De Bezige Bij.

Hoofdpersoon is de achttienjarige Rosiri, kind van gescheiden ouders. Ze voelt zich zo verantwoordelijk voor het geluk van haar vader en moeder, dat ze vergeet zelf te leven. De ene helft van de week woont ze bij haar vader, de andere bij haar moeder. Rosiri vindt intussen afleiding bij een hiphopper uit Heerlen en bij de vader van twee oppaskinderen. Lukt het haar uiteindelijk aan de greep van haar ouders te ontsnappen?

Iris Koppe won in 2004 de BNG Jonge Schrijversprijs Nederland. Ze werd daarna columnist bij de onlinejongerensite Spunk. Ze publiceerde onder andere in NRC Handelsblad en schreef een bijdrage voor het boek Het volle leven. Herinneringen aan Gerard Reve. Iris Koppe rond op dit moment haar studie politicologie aan de UVA af.

Paula van der Oest werd bekend met de film Zus & Zo uit 2001, die genomineerd werd voor een Oscar in de categorie beste niet-engelstalige film. In 2002 maakte ze de film Moonlight. Hierna volgde Madame Jeanette (2004) en de Renate Dorrestein-verfilming Verborgen gebreken (2004). Ze werkt op dit moment aan de film Wijster, over de Molukse treinkaping.



Recensie: Pizzamaffia - Khalid Boudou

Door Mieske van Eck voor Het Parool

Pizza's: het verrassende en exotische is daar natuurlijk allang van af. De pizza heeft zich bijna ontwikkeld tot volksvoedsel nummer één. Wie zich rond etenstijd op straat waagt, wordt van alle kanten belaagd door snelle pizzakoeriers, die 'de weg warm houden', om met Khalid Boudou te spreken.

Boudou had in 2002 meteen een verrassend succes met zijn debuutroman, Het Schnitzelparadijs, over een afwasser in een groot restaurant. Hij won met het boek een Gouden Ezelsoor en de verfilming trok volle bioscoopzalen. Ook de opvolger, de politieke satire De president, werd verfilmd.

Nu ligt de derde roman van Boudou (1974) in de winkel, Pizzamaffia, een even grappig als ernstig verhaal over het wel en wee van een jongen die tegen wil en dank pizzaverkoper wordt. De verfilming staat al vast en als het goed is, is de film vanaf november volgend jaar te zien in de bioscoop.

Zijn twee eerdere boeken waren bedoeld voor volwassenen en hoewel ook deze roman voor veel volwassenen lekker leesvoer zal zijn, richt Boudou zich vooral op jongeren van rond de zestien jaar.

Brahim is middelbare scholier en doet het redelijk goed op school, totdat zijn vader hem na een familieruzie het lot van hun pizzarestaurant in handen legt.

Vanaf dat moment raakt Brahim steeds meer de greep op zijn leven kwijt. De pizza's maken hem bijna gek. Zijn oom en neef openen vlak in de buurt een eigen pizzazaak en er ontstaat dan een moordende concurrentie, waarin geen vuile streek wordt geschuwd. Brahim moet steeds harder werken, waardoor de relatie met zijn vriendin Alice onder druk komt te staan.

Pizzamaffia is raak en snel geschreven en bovendien een lofzang op de betere pizza. Het boek schetst een grappig beeld van de manier waarop pubers voelen en denken, maar gaat vooral ook over familiebanden, trouw, verraad, liefde en eer.


maandag 10 december 2007


De Koran voor Hollandse huisvrouw met rood wijntje

door Roos van der Kruk voor De Stentor

Een dagje islam, zo zou je de lezingen - luchtig en boeiend - kunnen omschrijven. Schrijver Kader Abdolah vertelde over zijn ervaringen met de islam aan zo'n driehonderd Zwollenaren. "Ik doe gewoon verslag, het is geen lezing", laat Abdolah weten. De schrijver werd in Iran geboren, maar vluchtte naar Nederland. Hij kwam in een asielzoekerscentrum in Apeldoorn terecht, en uiteindelijk kreeg hij een huis toegewezen in de Zwolse wijk Westenholte.

Begin maart komt zijn nieuwste boek uit: De Koran en de Boodschapper.
"In Iran zou mijn kop eraf gehakt worden bij het verschijnen van zo'n boek. Ik heb namelijk de volgorde van de hoofdstukken veranderd, en dat was lange tijd verboden. Het is tenslotte heilig."
Poëtisch vertelt hij het publiek, dat muisstil in de fluwelen theaterstoelen zit, over het idee voor zijn nieuwste boek. "Jarenlang deed ik niets meer met de islam. Ik dacht, ik ben weg uit Iran, weg ermee. Che Guevara was mijn held, ik was een communist, ik was links. Ik wilde niets meer met de Koran te maken hebben."

Het vorige manuscript lag nog maar net bij de uitgever, toen Abdolah aan zijn volgende boek begon. Diep van binnen, 'in de kelders van mijn gedachten', lagen herinneringen, flarden van zijn diepgewortelde kennis van de islam en de Koran. "Ik moet iets met de Koran doen in mijn nieuwe boek", dacht Abdolah drie jaar geleden.

"De druk kwam ook vanuit de samenleving", legt de schrijver uit. Bijna niemand leest de Koran volgens de auteur. "Logisch, het begint met zware kost, de tijd dat Mohammed in Medina zit. Het deel daarna is Poëtisch en zacht en lief. Dat is de tijd dat Mohammed in Mekka leeft. Ik heb de boel omgedraaid. Ik wil dat mijn vertaling wordt gelezen door een Nederlandse huisvrouw in een comfortabele stoel. Met in haar linkerhand een wijntje, en in haar rechterhand mijn vertaling van de Koran."

Het doel van zijn nieuwe boek is vooral om mensen zelf een mening te laten vormen over de Koran. "Je mag het daarna best een shit-boek vinden, dat is aan jou", voegt hij er aan toe. "Maar dan heb je het in ieder geval wel zelf gelezen."

De lezingenreeks over de Islam, een onderwerp dat de bezoekers zelf hebben gekozen, is volgens Abdolah zeker nuttig: "Toen ik achttien jaar geleden in Westenholte kwam wonen, wilde iedereen mijn vriend zijn. Ik was interessant, kwam uit een heel ver land en ik was een van de weinige immigranten in deze regio. Dat is nu wel anders. Mensen zijn niet meer nieuwsgierig, ze vinden het bijna eng. Daarom zijn deze lezingen zo belangrijk."

Programmeur Henk Egberts van theater Odeon de Spiegel is tevreden over het verloop van de lezingen. "Straks is er een lunch met hapjes uit islamitische landen, en daarna kan iedereen de Ulu Camii moskee aan het Assendorperplein bezoeken. Stond er deze maand nog een literaire spreker op het podium - er stond ook een stoel, maar Abdolah weigerde om op 'de stoel van Sinterklaas' te blijven zitten - volgende maand volgt er een kritische noot op de islam: "Afshin Ellian is lid van het Comité voor Ex-moslims, en spreekt dan over de islam in de Nederlandse samenleving", vertelt Egberts. In eerste instantie was Eshan Jami uitgenodigd, maar volgens Egberts is hij te radicaal geworden om een algemeen verhaal te houden over de islam. "Ellian is hier wat genuanceerder in."

Deze lezing is op zondag 20 januari om 11 uur in theater De Spiegel. Een kaartje kost tien euro.



Martin Ros wil op TV met christelijke boeken

De 70-jarige boekrecensent Martin Ros geeft na zijn ontslag bij de TROS niet op. Hij wil bij de EO een programma over christelijke boeken.

Ros zegt zondag in De Telegraaf dat hij zijn diensten heeft aangeboden aan Andries Knevel van de Evangelische Omroep. "Ik wil er graag een bevindelijk programma over christelijke boeken maken", aldus de bekendste boekliefhebber van Nederland in de Telegraaf. Ook zou hij een tv-programma over boeken gaan presenteren bij een 'andere landelijke omroep'.

"Knevel heeft al laten weten het aanbod voor de radio serieus te overwegen. Verder krijg ik waarschijnlijk een eigen tv-programma bij weer een andere omroep", zegt Ros in de krant.

De TROS ontslaat Ros, omdat het verder wil met een jongere boekrecensent. Ros heeft de boekenrubriek in het Radio 1-programma Nieuwsshow op zaterdagochtend 21 jaar gedaan. Het is nu tijd voor vernieuwing, vindt de TROS. Ros en de omroep sloten vorige week een schikking. De legendarische boekenverslinder had een kort geding over zijn ontslag aangespannen.



Beurs van kleine uitgevers hoeft niet groter

door Judith Hornman voor De Pers

‘Volgend jaar krimp ik weer een beetje in’, zegt Nico Keuning van uitgeverij Reservaat. ‘Een oplage van 750 is toch wel aan de hoge kant, het moet wel te behappen blijven.’ Misschien niet direct een uitspraak die je van een uitgever zou verwachten, maar het geeft goed weer hoe het eraan toe gaat op de Beurs van kleine uitgevers.

Die werd gisteren voor de dertigste keer gehouden in Paradiso. Zo’n 95 uitgeverijen presenteerden zich daar aan het publiek. Hoe verschillend de uitgeverijen en hun specialismen ook zijn, allemaal hebben ze één ding gemeen: een grote liefde voor boeken in het algemeen en voor uitgeven in het bijzonder. Het is die persoonlijke passie die de uitgevers drijft, want om het geld hoeven ze het niet te doen.

Keuning: ‘Het blijft een beetje parelduiken. Als je een boek goed vindt en er spreekt iets uit van de persoonlijkheid van de schrijver, dan is de kans groot dat je het in het echt goed met diegene kunt vinden. Dan kun je kijken of je iets kunt gaan uitgeven.’ Die persoonlijke manier van werken herkennen ook Belinda Visser en Caroline Boone van stichting uitgeverij Brokaat, uit Middenbeemster. Het uit louter liefhebbers bestaande vijfkoppige bestuur brengt elk najaar één uitgave uit van een auteur die ze zelf selecteren.



Door de uitverkoren schrijver vervolgens veel ruimte en inspraak te geven, onderscheidt Brokaat zich van grotere uitgeverijen. De nauwe samenwerking die zo tussen uitgever en auteur ontstaat, is iets bijzonders, zeggen Visser en Boone. ‘Met een kleine oplage behoud je wel iets speciaals. We kiezen er echt voor om elke uitgave zo mooi mogelijk te maken.’

Elke nieuwe uitgave wordt bekostigd door de verkoop van de uitgave het jaar ervoor. ‘Het boek zelf is deel van het honorarium van de schrijver, juist omdat het zo bijzonder is’, vertelt Boone, in het dagelijks leven ook werkzaam voor een uitgeverij.

Het is echter een misvatting te denken dat alle uitgeverijen op de beurs klein willen blijven. Uitgeverij Douane uit Rotterdam heeft duidelijk grote ambities als het gaat om uitgeven. ‘We willen best de Beurs van kleine uitgevers ontstijgen’, zegt uitgever Arie van der Ent.

Doaune heeft in het fonds de serie Nieuwe Russen. Van der Ent, naast uitgever ook vertaler Russisch, probeert met nieuwe Russische schrijvers een groter publiek aan te spreken. ‘Maar ja, een boek maken is makkelijk, een boek verkopen is weer een heel ander verhaal. De jonge schrijvers worden ondergesneeuwd door de klassiekers, wat volkomen onterecht is. Blijkbaar is Rusland uit de mode. Misschien dat het weer onder de aandacht komt als het er heel erg slecht gaat in Rusland. Of heel erg goed’, voegt hij er lachend aan toe.

Of ze nu op zoek zijn naar een groter publiek of niet, het uitgeven lijkt bij alle deelnemers in het bloed te zitten. Zoals Nico Keuning het treffend zegt: ‘Je zou zeggen dat je na tien jaar wel weer eens wat anders wilt proberen, maar als ik mijn eigen boeken op de plank zie staan, begint het toch weer te kriebelen.’


vrijdag 7 december 2007


Recensie: De overtreder - Marente de Moor

door Ewoud Kieft voor het NRC Handelsblad

De bijna uitgestorven krakerswereld van Amsterdam was ooit een levendige verzamelplaats van excentrieke karakters, trekpleister voor zonderlingen uit alle hoeken van de wereld.

In de vroege jaren negentig, vlak na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie, ontstond tussen dit bonte gezelschap een subcultuurtje van Russische migranten. Gelukzoekers van allerlei slag, straatartiesten, muzikanten en kunstenaars bevolkten de uithoeken van het oude havengebied, of lagen aangemeerd in de Azart, het ‘ship of fools’.

Marente de Moor beschrijft in haar roman De overtreder dit mini-universum van Russisch hartzeer, constante wodka-aanvoer en theatrale melancholie. Een aantal feitelijke overeenkomsten van personages en plekken wijzen op de non-fictieve elementen van De overtreder, maar die blijken ook uit De Moors stijl, die in vlijmscherpe observaties haar journalistieke achtergrond verraadt.

Dat laatste blijkt nog meer uit haar voorliefde voor alle extravagante figuren en situaties uit de Russische emigranten- scene. Die krijgen zoveel aandacht dat de hoofdpersoon Vitali en zijn queeste enigszins in de schaduw zijn beland.

En dat is niet erg, want wat Marente de Moor opdient aan sterke verhalen, anekdotes en bonte karakters is zo smakelijk, dat je als lezer graag genoegen neemt met een hoofdpersoon die het grootste deel van de roman aan het observeren is.

De roman begint met Vitali’s komst naar Nederland. Achtervolgd door een terugkerende droom van een soldaat die deserteerde onder zijn verantwoordelijkheid als korporaal, hoopt hij hier een antwoord te vinden op het raadsel van diens identiteit en verdere lotgevallen. Dit doel raakt al snel op de achtergrond als Vitali in contact komt met types die geenszins van plan zijn te ontsnappen aan ‘het clichébeeld van de uitgehongerde Rus die wel móet drinken om geen hoogtevrees te krijgen van de diepte van zijn ziel.’

Zo is daar zijn neef Ilja, die zijn rol van gesjeesde kunstenaar niet lang weet vol te houden en zelfs in de straatverkoop van toeristenkitsch tekortschiet. Of Leopold, een trouw aanhanger van de sap-, olijfolie- en urinekuren en de bioritmische raw food-voorschriften van Malachov, de volksgenezer uit Kamensk, en auteur van Mijn lever – vriend en beschermheer, een bestseller in Rusland.

Zo volgt de ene maffe Rus na de andere.

Allen hebben ze volgens Vitali’s vriend Roman, ondanks al hun voornemens een nieuw leven te beginnen, vooral heimwee naar de geur van sprot en worst, inclusief hijzelf.
‘Amsterdamski, verdomd, dat zijn wij! De Amsterdamskistam, veel te klein en vast van plan om uit te sterven. Laat ons toch, Vitja. Wees niet bang. Al dat geschipper, de compromissen, dat is nou vrijheid. En houd niet op je te verbazen, zoals wij hebben gedaan.’
Aangespoord door Roman en zijn Nederlandse vriendin Jessie besluit Vitali dan eindelijk een serieuze poging te wagen om zijn deserteur te vinden. De enthousiaste Jessie, in Vitali’s ogen typisch Nederlands met haar hang naar gezelligheid en ‘leuke dingen doen’, gaat met hem mee op de boot naar Sint-Petersburg .

Maar hoe dichter Vitali, die in Nederland meegaand en stil was geweest, zijn vaderland nadert, hoe meer zijn karakter aan de oppervlakte komt, en hoe groter de afstand tot Jessie wordt. Vitali beseft nu:
‘Jessie had geen idee van de Leuke Dingen in Rusland. Die stonden op sterk water, smaakten naar bloed op het asfalt, op je hoede moest je zijn, want als Moedertje Rusland te uitbundig lachte, zag je dat haar halve gebit ontbrak.’
Met de mijl wordt hij spraakzamer, keren herinneringen aan zijn jeugd terug, die rauwer en melodramatischer zijn dan Jessie aanstaat. En dat geldt ook voor Vitali zelf. Als de boot Sint-Petersburg binnenvaart is hij tot de conclusie gekomen dat er geen grenzen zijn, dat wil zeggen; een Rus is in Amsterdam nog steeds een Rus.

De overtreder is zo met terugwerkende kracht een schim geworden die niet alleen Vitali in zijn grip had, maar alle personages in het boek.

En met dezelfde terugwerkende kracht laat Marente de Moor op de valreep haar romandebuut boven zichzelf uitstijgen.



Recensie: Uit het niets - Herman Franke

door Daniëlle Serdijn voor De Volkskrant

Een drukte van jewelste als het gaat om bruikbare zinnen in Uit het niets, de nieuwe roman van Herman Franke (1948). De ene regel is bijkans nog geschikter dan de andere om een betoog over dit boek aan op te hangen: ‘Elke herinnering zit vol verzinsels. En elk verzinsel zit vol herinneringen.’ Of deze: ‘Mysterie is prachtig, maar te veel mysterie slaat dood.’Wei - nig tegen in te brengen. En daardoor ook weinig uitgesproken.

Toch vormt dit soort basale regels de leidraad in wat door Franke wordt omschreven als het eerste deel van zijn doorlopende roman Voorbij ik en waargebeurd. Met die leidraad verantwoordt Franke zich voor verschillende literaire kunstgrepen.

Onwaarschijnlijke personages bijvoorbeeld, zoals een mysterieus doorschijnend meisje. Of onaangekondigde tijdsprongen, of zomaar ineens een gedicht, inclusief Gronings commentaar: ‘De spiegel van mijn ziel/ Dou eeb’n normoal doe’.

Hij legt ook uit waarom bepaalde passages op de werkelijkheid lijken – zoals in de Groningse jeugd van de schrijver –, maar in wezen toch anders zijn verlopen. En soms ook weer niet. Merkwaardig dat Franke nu juist voor dit soort zaken een passende verklaring wil geven. Want als je nou ergens naar hartelust kunt rommelen met continuïteit, waarschijnlijkheid en vermenging van feiten en fictie, dan is het in de romankunst.

Vanwaar dus dat malle pleidooi?

Die duidende zinnen? En wat houden die zinnen vervolgens bijeen; dagdromen, halve verzinsels, flarden van herinneringen aan Groningen, aan vrienden, aan – het hele boek door – ontluikende borstjes, aan een ontmoeting met een oud-klasgenoot, die in de beveiliging is gegaan, en zo nog het een en ander Schrijven kan Franke heus, daar mankeert weinig aan, maar Uit het niets oogt als een gemakzuchtig project. Als iets waaraan je zonder uitgewerkt plan eindeloos kunt blijven doorschrijven – wat Franke in de volgende delen naar alle waarschijnlijkheid ook zal doen.

Het is als met die onbestemde bonenschotel waar je in knikkert wat je toevallig in huis hebt. Smaakt iedere keer een beetje anders, maar zelden excellent.



Documentaire over Jan Siebelink

Filmer Pieter Verhoeff heeft een televisiedocumentaire gemaakt over Jan Siebelink: Het onzegbare. Deze wordt op kerstavond, 24 december, om 21:00 uur op Nederland 1 door de NCRV uitgezonden.

In dit portret probeert Verhoeff antwoord te vinden op de vraag waarom Siebelink zo enorm veel succes heeft met zijn boek Knielen op een bed violen. Hij volgt Siebelink op zijn reizen langs plaatselijke bibliotheken en kleine dorpshuizen, bezoekt samen met hem de plaatsen die een belangrijke rol spelen in zijn roman en laat Siebelink aan het woord over zijn diepste motieven, zijn protestantse achtergrond op de Velpse kwekerij en zijn val van het geloof.
(bron: DeBezigeBij)


donderdag 6 december 2007


Martin Ros ziet af van rechtzaak

Het is nu definitief: op zaterdag 22 december is Martin Ros voor het laatst te beluisteren bij de TROS Nieuwsshow. Hij had een advocaat in de hand genomen om zijn ontslag na meer dan twintig jaar als freelancer aan te vechten, maar ziet nu af van een procesgang.

Naar verluidt heeft hij genoegen genomen met een afkoopsom van 15.000 euro. ‘Alleen de boekenman Martin Ros heeft alle stormen overleefd,’ is op de website te lezen over de geschiedenis van het programma. De opvolger van boekenbespreker Ros is nog niet bekend gemaakt.
(bron: Boekbalie.nl)



Vierde rechtzaak tegen omstreden klokkenluidersboek

Morgenochtend start de vierde rechtzaak om het boek Een man tegen de Staat verboden te krijgen. De journalistieke thriller over de zaak van Fred Spijkers is daarmee een van de meest bestreden publicaties uit de geschiedenis van de Nederlandse non-fictie. De bodemprocedure tegen uitgever Papieren Tijger en auteur Alexander Nijeboer is aangespannen door oud-bevelhebber van de Marechaussee Diederik Fabius, die eerder in kort geding op alle punten verloor. Nijeboer komt in deze zaak met nieuwe, aanvullende bewijzen voor zijn stelling dat Fabius opzettelijk onderzoeksrapporten manipuleerde.

Fred Spijkers is de klokkenluider van de ongelukken met de AP-23 mortiermijnen uit 1983 en 1984, waarbij in totaal acht militairen het leven lieten. Nijeboer stelt in zijn boek dat Fabius als kolonel van de Koninklijke Marechaussee de uitkomsten van een onderzoek zou hebben gemanipuleerd.

Ook zou Fabius bij het onderzoek naar de mijnongelukken bewijsmateriaal voor justitie hebben achtergehouden. In zijn boek stelt Nijeboer dat Fabius hierbij mogelijk valsheid in geschrifte heeft gepleegd om zo Defensie te vrijwaarden van schadeclaims van nabestaanden en om mogelijke strafvervolging van hooggeplaatste militairen en burgerambtenaren af te wenden.

Oud-bevelhebber Fabius bestrijdt deze lezing. Hij eist in de bodemprocedure onder meer een verschijningsverbod, rectificatie middels advertenties in landelijke dagbladen en een schadevergoeding van ruim 10 duizend euro. Al deze eisen werden eerder in kort geding afgewezen. Nijeboer wordt in de juridische strijd gesteund door vakcentrale FNV en journalistenvakbond NVJ.


dinsdag 4 december 2007


Nominaties BNG Nieuwe Literatuur Prijs

De BGN Nieuwe Literatuur Prijs 2007 is een oeuvreprijs ter waarde van 10.000 euro, bedoeld voor Nederlandstalige auteurs van 40 jaar of jonger die twee of meer literaire prozawerken op hun naam hebben staan, die nog niet doorgebroken zijn, die geen grote literaire prijs hebben gewonnen en van wie tussen 1 januari 2007 en 31 december 2007 een nieuw boek is verschenen.

Gisteren zijn de genomineerden van dit jaar bekend gemaakt. Dit zijn: Saskia de Coster, Sanneke van Hassel, Bart Koubaa, Jan van Mersbergen, Walter van den Berg en Jowi Schmitz.

Op donderdag 17 januari 2008 wordt de BNG Nieuwe Literatuur Prijs uitgereikt in het Theater Instituut Nederland.


maandag 3 december 2007


Martine Bijl boos om weggegeven boeken

Martine Bijl is boos op een veilinghuis dat kinderboeken van haar heeft weggegeven. Dat meldt RTL Boulevard maandag.

De actrice, zangeres en presentatrice verzamelde vroeger kinderboeken en gaf deze weg aan een veilinghuis in Amsterdam. Als de boeken niet geveild konden worden, omdat ze bijvoorbeeld niet genoeg op zouden brengen, mochten ze aan een kringloopwinkel worden gegeven. Het veilinghuis zou de boeken echter zomaar weg hebben gegeven aan een winkel, zonder Bijl daarvan op de hoogte te hebben gesteld.

Martine Bijl vertelt in RTL Boulevard niet blij te zijn met de gang van zaken maar geeft aan geen juridische stappen te nemen. "Ik heb geen zin om er met een advocaat achteraan te gaan. Het is ook lastig, want het is jouw woord tegen dat van hun. Volgens het veilinghuis waren de boeken niets waard", zegt ze. "In de kringloop winkel zullen ze er waarschijnlijk wel blij mee zijn."
(bron: DePers)



Recensie: Galerie Onvolmaakt - Ebele Wybenga

door Anne Jongeling voor Nu.nl

Een pedant jong ventje babbelt zich met wat pedante praatjes de brave middelmaat in.

Met Hyper van Jacob van Duijn was mijn vertrouwen hersteld in jonge schrijvers van de patatgeneratie. Van Duijn bewees dat verwende blaaskaken uit het warme badje zich wel degelijk konden roeren op literair gebied. Van Duijn mocht dan nog niet compleet gemangeld en verwrongen zijn door lebensschmerzen, wat hij heeft opgedaan op zakelijk en persoonlijk vlak, wist hij zondermeer interessant te verwoorden in zijn zeer onderhoudende boek Hyper (2005).

Vol hoop dus begonnen in Galerie Onvolmaakt van Ebele Wybenga (20); een hoop die al snel de bodem in werd geslagen. Het geneuzel van een paar groentjes die net om het hoekje komen kijken, was misschien nog een nieuwigheidje waar Ronald Giphart in de nineties mee wist te scoren. Maar dat kabbelende toontje met wat studentikoos gegrap verveelt veel te snel en maakt geen debuutroman waarmee een nieuwe ster is geboren.

Centraal in Galerie Onvolmaakt staat Mees Blaeu. Jong, met hip soapstervriendinnetje, veel vrije tijd (uiteraard) en hij weet beter dan volwassenen (uiteraard) hoe zij de jonge doelgroep moeten aanspreken. Mees vertelt zijn verhaal in zaaltjes voor een gebiologeerd ouder publiek dat verheugd applaudisseert en een stuk wijzer de deur uitloopt. Dankzij Mees. Wat ze nu precies wijzer zijn geworden bestaat uit dermate belegen kulformules dat Mees die ouwe lullen in real life nog maar eens een keertje moet vragen of ze hier echt in zouden trappen.

Een ander plannetje van het pedante Meesje is een soort van groeikunstbedrijfje; doeken verkopen waar de Kunstenaar om de zoveel tijd wat aan toe komt voegen. Zelfs op papier is dat geen leuk idee noch een dat ook maar een splinter brandhout snijdt. Niet dat dit verder iets uit had hoeven maken, want schappen in de bibliotheek puilen uit van verhalen waarin dwaasheden of lijpe ideeën aanleiding vormen tot fabuleuze vertellingen, maar dergelijke fantasie is bij Wybenga ver te zoeken. Het blijft allemaal zonder smaak of sjeu op datzelfde marginale, zelfingenomen vliesje rond trippelen.

Dat krijg je als eendimensionale personages (op de namen na inwisselbaar) het verhaal de diepte noch de hoogte intrekken. Het zijn Sesamstraatpoppen waar de hand uit is gehaald. Er is geen drama, geen spanning, geen conflict dus ook geen apotheose, dus het zal je als lezer worst zijn wat er met deze mensen gebeurt. En worst = nekschot.

Het is niet eens hun middelmatige braafheid die zo saai is; het is eerder alsof hen alles ontgaat wat niet met henzelf te maken heeft, en over hen zelf valt ook vooralsnog weinig te melden. Mocht Wybenga (foto) al iets observeren of voelen, hij heeft het in elk geval niet opgeschreven. Noch heeft hij een stilistische manier om die middelmatigheid an sich weer - literair - interessant te maken. Want ook dat kan hoor. Voorbeelden te over.

Niks dan slechts over deze Spunksurfer die op broze waterski's achter speedbootje 'hype' wordt aangesleurd? Toch wel iets. Want in Wybenga's schrijfstijl valt met wat goede wil nog wel een zekere aanzet tot een eigen stijl te ontdekken. Een vaste, zelfverzekerde hand.

Alleen jammer dat hij nog weinig soeps te melden heeft. De ledigheid van de patatgeneratie heeft wel in Van Duijn maar niet in Wybenga een stem gevonden.


zaterdag 1 december 2007


Recensie: Dwars door Soedan - Gerbert van der Aa

door Peter Vermaas voor NRC Handelsblad

Een paar jaar geleden presenteerde het Oost-Afrikaanse Soedan zich voor het eerst op de Vakantiebeurs. Een gewiekste ondernemer prees er duikvakanties aan met de geruststelling dat er onder water in Soedan nog nooit gevochten was. Maar wie wil er nu met vakantie naar het door oorlog verscheurde Soedan?

Journalist Gerbert van der Aa kwam er in 1994 voor het eerst en het viel hem op dat Soedanezen uiterst vriendelijk en gastvrij zijn. Hij kon altijd ergens logeren en ondanks de armoede werd hij overal gefêteerd. Dat sinds de onafhankelijkheid van Soedan (1956) altijd wel ergens gevochten werd, spoorde volgens hem niet met die gemoedelijkheid.

Op zoek naar de oorsprong van die interne conflicten, reisde hij dit jaar opnieuw intensief door het land. In Dwars door Soedan doet Afrika-ganger Van der Aa daar minutieus verslag van en probeert hij antwoord te geven op de vraag waarom de inwoners van een land zo groot als West-Europa elkaar zo vaak te lijf gaan.

Het boek leest als een moderne Kuifje in Afrika. Van der Aa schrijft veel over zichzelf, en de trivia over het reizen in moeilijk toegankelijke landen, zijn vaak de moeite waard. Maar soms werken ontboezemingen op de zenuwen. ‘Ik kijk op mijn lijstje met aantekeningen’, schrijft hij na een interview met een Al-Qaeda-expert. ‘Alles wat ik wilde vragen, heb ik wel zo’n beetje aan de orde gesteld’.

Een coherent antwoord op zijn hoofdvraag geeft Van der Aa niet. Wel wordt duidelijk dat, zoals hij in zijn inleiding schrijft, het ‘multiculturele drama’ in Nederland klein bier is vergeleken met de etnische en religieuze misverstanden en moeilijk te definiëren culturele achtergronden in Soedan. Dat laatste geldt voor de regio Darfur, waar ‘Arabieren’ het op ‘Afrikanen’ hebben gemunt. En voor het nu met een vredesakkoord beslechte conflict tussen het islamitische noorden en het christelijke zuiden, maar ook voor West-Afrikanen die op bedevaart naar Mekka halverwege Soedan of tussen goed-bedoelde ontwikkelingswerkers zijn blijven steken.

Van der Aa laat pijnlijk zien hoe groot het wederzijdse onbegrip is. ‘Misschien’, schrijft hij, ‘heeft die extreme gastvrijheid wel alles te maken met het voortdurende oorlogsgeweld [...]. Soedanezen die zien dat gasten hun eigen eten opeten, zijn daar natuurlijk niet echt blij mee. Maar de traditie gebiedt hen dat te accepteren. Woede wordt opgekropt. Pas als er echt een grens is bereikt, komt hun boosheid in alle hevigheid tot uitbarsting’.

Bevredigend is deze verklaring niet, maar Dwars door Soedan is toch geslaagd. Van der Aa vult de summiere berichtgeving aan over het grootste land van Afrika.


Klik hier om een exclusief fragment uit Dwars door Soedan te lezen.



Recensie: Leeftocht - Adriaan van Dis

door Janet Luis voor het NRC Handelsblad

De televisie stond aan. Ik hoorde een bekende stem, die op geanimeerde toon iets aan het vertellen was. Het was Adriaan van Dis. Hij zag er wat brozer uit dan ik mij hem meende te herinneren, en in zijn haar zat minder krul, maar verder leek hij zijn vertrouwde zelf: vaderlijk en jongensachtig tegelijk. Geaffecteerd, maar ook ontwapenend gewoon. Hij praatte zoals hij ook altijd schrijft, in heldere, toegankelijke, schijnbaar moeiteloze zinnen. Op een tafeltje lag de aanleiding tot het gesprek: Leeftocht, een baksteenachtig boek, waarin Van Dis de beschouwingen, reportages en losse verhalen bundelde die hij de afgelopen 40 jaar schreef voor kranten en tijdschriften.

In een poging het dikke boek kernachtig samen te vatten, kwam de interviewer met het woord schaamte. Van Dis was meteen bereid om te verklaren dat hij zich als kind vaak had geschaamd. De lezers van Nathan Sid (1983), Indische duinen (1994) en Familieziek (2002) zullen hier niet van opkijken. Het gevoel anders te zijn dan anderen, met drie bruine halfzusjes, een vader met een kampsyndroom en opgroeiend in een huis met drie andere, gerepatrieerde gezinnen, is sterk aanwezig in deze romans. Ook in Leeftocht komt het buitenstaander-idee royaal aan bod, vooral in de stukken waarin Van Dis schrijft over zijn geboortedorp Bergen aan Zee.

Ik heb er bij het lezen op gelet of schaamte inderdaad zo’n beslissende rol speelt, maar het viel mij niet op. Eerder is het omgekeerde het geval. Hier is iemand aan het woord die mij de schaamte juist voorbij lijkt. Onbekommerd en met veel smaak vertelt hij over zijn angsten en vrezen, over zijn voortijdig gestaakte wereldreis, over zijn agressieve vader, over zijn uitzonderingspositie als ‘het roze biggetje’ van de familie, over zijn woordblindheid, die zijn kordate stijl heeft bepaald en over zijn generatiegenoten die meer begaan lijken met koopsompolissen dan met de medemens. Ook schrijft hij veelvuldig over zijn eigen verhouding tot die medemens. Hij is begaan met iedereen die anders is en om die reden wordt achtergesteld.

Onder de noemer Afrika vinden we de reisverhalen en reportages die Van Dis, naast boeken als Het beloofde land (1990) en In Afrika (1991), schreef naar aanleiding van zijn bezoeken aan Nigeria, Senegal, Zambia, Botswana, Malawi, Zaïre en vooral Zuid-Afrika. Als hij in een van die beschouwingen vaststelt dat maar 9 procent van de wereldbevolking blank is, terwijl het mondiale denkpatroon door die minderheid wordt bepaald, steekt hij de hand in eigen boezem.

Hij vraagt zich af in hoeverre hij zelf profiteert van andermans gebrek en of hij voor dat gebrek persoonlijk verantwoordelijk mag worden gehouden.

Op die laatste vraag geeft hij antwoord in zijn roman De wandelaar, die zich in Parijs afspeelt en die eerder dit jaar verscheen. Hoofdpersoon Mulder zien wij gaandeweg, in het kielzog van een bijzondere hond, veranderen van een bange rentenier in een man die oog krijgt voor de noden van de zwervers, illegalen en vluchtelingen in zijn directe omgeving. Aan het eind van de roman, als hij zich heeft ingespannen voor een Chinees, een Sri Lankese en een man uit Tsjaad, stelt hij tevreden vast dat hij zich niet helemaal onbetuigd heeft gelaten: ‘Veel is het niet, maar wel iets.’

De charme van Leeftocht zit voor een deel ook in dat ‘iets’, dat net het verschil kan maken. Er komt veel in aan de orde.

De vele verhuizingen van Van Dis, het boekenprogramma dat zijn naam ooit vestigde, zijn studie Afrikaans en zijn hang naar schoonheid. Steeds doemt daarachter de grote, boze wereld op met zijn oorlogen, aids-epidemieën, overstromingen, apartheidspolitiek, terreuraanslagen en milieuproblemen. Van Dis weet zijn toon licht en luchtig te houden, zijn handelsmerk, maar lang niet al zijn reportages stemmen vrolijk. Van het interview met de Zuid-Afrikaanse dichter Breyten Breytenbach uit 1982 zal mij vooral bijblijven dat er ononverkomelijke verdeeldheid heerste tussen zwarte en witte bestrijders van de apartheid. De ontmoeting die Van Dis in 1989 had met bosjesmannen in Botswana, in de hoop dat ze nog steeds ‘in volstrekte harmonie’ met de natuur zouden leven, verliep teleurstellend. De bosjesmannen bleken minder onthecht dan verwacht en zetten het op een zuipen zodra hun een gelegenheid werd geboden. Een gesprek met vroegoude zwerfjongeren in Durban, Zuid-Afrika, in 2007, geeft al evenmin reden tot blijdschap. Van deze kinderen, zo valt te vrezen, zal waarschijnlijk niets terechtkomen, ook al bezoeken ze een soort school. Tenzij ze misschien, net als Van Dis zelf ooit, hun ellende en hun schaamte over die ellende te boven weten te komen door erover te gaan vertellen.

Dat lijkt me de uitkomst van deze bundel.

Van Dis haalt zijn leeftocht, zijn geestelijke voedsel, uit de wereld die hij de afgelopen 40 jaar heeft bereisd, maar vooral haalt hij die ook uit zichzelf, uit zijn drang om te vertellen. En zo kan hij op zijn 61ste opgewekt vaststellen dat hij optimistischer is dan ooit. Een zelfverkozen buitenstaanderschap stelt hem in staat zichzelf al schrijvend uit te tillen boven de misère van alledag. Dat klinkt aanstekelijk. Het is ook precies de kracht van Leeftocht , waarin Van Dis naarstig op zoek blijft naar lichtpuntjes, naar wat hij ‘een bezielde wereld’ noemt, en waarin taal een beslissende rol speelt.

Net als in zijn verhalen en romans keert hij ook in zijn beschouwingen regelmatig terug naar zijn geboorteplaats, waar hij door die zo moeizaam verworven taal werd aangestoken. Hij ziet Bergen aan Zee als zijn ‘letterbron’.
‘Als ik schrijf zie ik kleuren, hoor ik stemmen en klanken in mijn hoofd’, merkt hij op, ‘maar als ik mijn geboortedorp Bergen tot onderwerp neem [...], dan breekt er een waar pandemonium los.’
Zelfs in Parijs, waar hij in 2003 ging wonen en waar hij naar eigen zeggen door schoonheid wordt omringd, heeft hij nog wel eens heimwee naar ‘de geelgroene duinen’ en naar ‘het schrikbewind van de Noord-Hollandse wolken’. Met het echte dorp houdt het pandemonium in zijn hoofd intussen weinig verband. Dat is, zo bleek Van Dis, toen hij het een paar jaar geleden weer eens bezocht, ‘te lelijk voor woorden’. Het is het dorp ‘onder mijn schedeldak’ waar het allemaal om draait. Ook de liniaal waarmee zijn snel aangebrande vader het alfabet er bij de kleine Ad inramde, zal wel met enige literaire distantie moeten worden bezien.

Als wij Van Dis mogen geloven, werkten de taallessen van vader averechts, want hij leerde zijn zoon verkeerde, veel te ouderwetse woorden, een verkeerd, want schuin handschrift en een verkeerde, want Indische klemtoon. ‘En toch’, zo schrijft hij in 2003, ‘heeft hij op mij als leermeester de grootste invloed gehad. Misschien omdat hij aan tafel zo geweldig vertellen kon.’

Ere wie ere toekomt. Want het is het inderdaad geweldige verhaal van deze vader, in drie bladzijden naverteld door zijn zoon, dat mij he tmeest trof van allemaal.

De vader, ooit kapitein van de Neel Compaen, herinnert zich hoe hij op een regenachtige, winderige dag, ongeveer een jaar voor de geboorte van Adriaan, uitgleed op het glibberige dek en overboord sloeg. En hoe hij vervolgens werd opgepikt door een zeeschildpad die hem tussen de haaien door veilig terugbracht naar het schip, waarna het trouwhartige dier een nóg grotere reddingsactie beraamde.

Een geestige, ontroerende en hoogst onwaarschijnlijke geschiedenis: te mooi om niet in te geloven.



Judith Visser veel te pikant voor Zuidland

Judith Visser, de Rotterdamse schrijfster die vorig jaar met haar debuut Tegengif veel opschudding veroorzaakte onder hoerenlopers, is niet welkom bij de bibliotheek van Zuidland (een dorp op het eiland Voorne-Putten). Visser (29) zou een gratis lezing geven in Zuidland, maar bibliotheekmedewerkers vinden haar werk ver beneden hun stand.

Onlangs verscheen het tweede boek van Judith Visser, Tinseltown. Het eerste exemplaar liet zij op 6 oktober vanaf de Centrale Bibliotheek in Rotterdam op met heteluchtballonnen. Bij de vinder zou zij te zijner tijd een gratis lezing komen geven. De vinder bleek een bejaarde man uit Zuidland, die tijdens het uitlaten van zijn hond een pakketje zag drijven in het recreatiegebied Bernisse. Hij bracht het eerste exemplaar van Tinseltown naar de plaatselijke bibliotheek.

,,Een leuk idee,’’ was de eerste reactie van de Zuidlandse bibliotheekmedewerkster M.C. Smits. Een recent bezoek van Judith Visser aan het Penta college CSG Blaise Pascal in het nabijgelegen Spijkenisse bracht haar aan het twijfelen. Visser: ,,Om het publiek wakker te schudden begin ik mijn lezing met een pikante passage uit Tegengif.’’

,,De vijfdeklassers zaten met rode oortjes,’’ hoorde Smits van een kennis. ,,’Ik weet echt niet of het wat voor jullie is’ waarschuwde die ons.’’

Reden voor Smits om Tegengif eens op te pakken: ,,Ik ben tot bladzijde zestig gekomen. Toen werd ik er echt misselijk van. Het boek gaat alleen maar over seks. En dan nog breeduit gemeten ook.’’

De bibliotheek heeft vervolgens bedankt voor de gratis lezing, verhaalt Visser: ,,Ze durven het kennelijk niet over seks te hebben in Zuidland. Want wat doe ik nou? Ik lees voor uit mijn werk. Ik sta niet te strippen of mezelf te bevredigen op het podium.’’

,,We zijn echt niet preuts,’’ reageert Smits. ,,Marjan Berk hebben we hier gehad, die is ook niet voor de poes. Maar dat boek van Visser gaat nergens over. Het is gewoon beneden onze stand.’’ Smits wil nog wel met Visser praten over de lezing, maar dan moet die wel inhoud hebben.

,,Een biebmedewerkster die een boek beoordeelt op blz 60 van de 300...,'' schrijft Visser op haar website. ,,Dat zegt genoeg over die biebmedewerkster. En ook dat ze geschokt is over de sex. En dat Marjan Berk dan geen probleem is! Hallo, die is bejaard!''

Vissers uitgeverij, Passage, is ondertussen met de bibliotheek van Spijkenisse in onderhandeling om daar een gratis lezing te geven aan scholieren. ,,Zij zijn niet zo snel gechoqueerd,’’ aldus de schrijfster.
(bron: AD)

Bekijk hier de reportage die op 3 december werd uitgezonden op RTV Rijnmond.



Deze website verzamelt het laatste nieuws over Nederlandse boeken en schrijvers en geeft dit weer in één overzicht. Daarnaast vindt u hier ook videobeelden, recensies, fragmenten uit èn beschrijvingen van de laatste nieuwe boeken en verslagen van boekpresentaties. Word ook lid van de wekelijkse BoekennieuwsBrief en blijf helemaal op de hoogte!

Overzicht laatste nieuws:

www.assistme.nl advertentie


BoekennieuwsBrief
Wilt u op de hoogte blijven van het nieuws op deze site via e-mail? Word dan lid van de (wekelijkse) BoekennieuwsBrief! Naast het laatste nieuws treft u hierin ook voorpublicaties, recensies en/of fragmenten van nieuwe boeken.


Nog warme boeken:
Fragmenten:



Gebruik de RSS-feed
Blijf met Boekennieuws.com van moment tot moment op de hoogte van het actuele nieuws of wijzigingen op deze website. Per onderdeel wordt RSS-feed (ook wel XML-feed genoemd) aangeboden.

U kunt voor Windows FeedReader gebruiken. Deze reader is gratis, en werkt op alle Windows-platforms. Browst u over het internet met de Firefox-browser, dan ziet u een rss-knopje rechts in de adresbalk, waarmee u een abonnement op een feed kan starten. Mac-gebruikers kunnen kiezen voor NetNewsWire Lite. Ook deze is gratis. Niet alle RSS-programma's plakken onderstaande links automatisch in de lijst met favorieten. Klik met de rechtermuis op de link, kies voor Snelkoppeling kopiëren en plak deze in uw RSS-programma.

Laatste Boekennieuws
Laatste nieuwe boeken
Laatste nieuwe fragmenten

website monitoring

 Reageer
Tips? Nieuws? Commentaar? Complimenten?
Een mail naar is zó verstuurd.