donderdag 31 januari 2008


Recensie: Over de liefde - Doeschka Meijsing

door Karin Overmars voor Het Parool

In Over de liefde, de nieuwe roman van Doeschka Meijsing, wordt de vrouwelijke hoofdpersoon door haar geliefde, ook een vrouw, in de steek gelaten voor een man.

Het zou een beetje kinderachtig zijn om te doen alsof die intrige uit de lucht komt vallen, dus laten we maar meteen vaststellen dat Pip, de vertelster, het alter ego is van Doeschka Meijsing, terwijl haar overspelige ex-geliefde Jula model staat voor Xandra Schutte, oud-hoofdredacteur van Vrij Nederland. In de roman doet zij iets belangrijks bij de radio.

Meijsing draait er in dit boek niet omheen. Het is zoals het is. En dus heeft Jula de blonde krulletjes en de stralend blauwe ogen van Xandra Schutte, en is haar minnaar een moegestreden figuur 'op het randje van verlepping', achter wie de onlangs gestorven oud-Weekbladpersuitgever H.J. Schoo schuilgaat.

Het is voor de lezer onbelangrijk om te weten wie deze mensen zijn, maar het zegt wel iets over de intentie waarmee deze roman is geschreven. Meijsing laat alle maskers vallen. De tijd van flauwekul is geweest, lijkt de boodschap. Pip heeft niets meer te verliezen. Het allerbelangrijkste - haar geloof in de liefde - is haar al afgenomen.

Een raadselachtige dvd, daarmee begint het allemaal. Pip vindt de dvd in haar brievenbus - een documentaire over de jappenkampen - en kennelijk bevat die een boodschap voor haar. Op het tv-scherm herkent zij tot haar verbijstering haar eerste grote liefde, Buri Vermeer, of 'mevrouw Vermeer', haar voormalige gymlerares. De beelden leiden haar terug naar haar jeugd, en naar die eerste hardnekkige verliefdheid - een liefde op afstand, diep geheim en onbeantwoord. En nu, ruim veertig jaar later, slaat de verliefdheid opnieuw genadeloos toe. De oude pijn en schaamte krijgt ze er gratis bij.

Bovenop die ándere schaamte, die voortkomt uit het gevoel een verliezer te zijn: 'De schaamte om het beeld van de arme, eenzame, homoseksuele vrouw met wie men te doen had: zó zijn en dán nog verlaten worden.' Bovendien heeft haar geliefde twee jaar 'een perfide dubbelleven' geleid. En natuurlijk was zij de enige die van niets wist.

Dankzij een even toevallige als bizarre samenloop van omstandigheden - Pip raakt betrokken bij een ernstig ongeluk met een cementwagen, ze ondergaat een hersenoperatie waaraan zij 'een gat in haar geheugen' overhoudt - komt het na veel omtrekkende bewegingen tot een ontmoeting met Buri Vermeer. Eén gat in haar geheugen is daarmee gedicht. Het tweede gat, simpelweg aangeduid met 'de Liefde van Jula', blijft open.

Over de liefde is nog het beste te omschrijven als een vlechtwerk van fictie, persoonlijke bespiegelingen en autobiografische elementen. Er wordt in dit boek veel overhoop gehaald en onderzocht. De homoseksuele liefde wordt een gehonoreerde afwijking genoemd: 'Omdat, en daar kwam Schopenhauer om de hoek kijken, de aantrekkingskracht tussen twee tegengestelde geslachten niets anders was dan de wil tot macht van het nageslacht. De komende generatie roept u, zij wil geboren worden - zo en zo alleen zat de schepping in elkaar.'

De herinneringen buitelen over elkaar heen. Pip denkt niet alleen terug aan de idyllische tijd op het meisjeslyceum, maar ook aan oude liefdes, overleden vrienden, haar ouders, vakanties, het Italiaanse familiehuis dat zij met haar drie broers bezocht.

Meer nog dan aan de geraffineerde vorm dankt Over de liefde zijn kwaliteit aan de stem van Pip die ernaar verlangt als 'een halfonverschillige' door het leven te gaan, maar dat is haar niet gegeven. De pijn om haar verloren liefde maakt haar weerloos: 'Iemand die om je lacht, waarderend, liefhebbend, dat was het mooiste wat ik in mijn bezit had gehad, daar gaf ik mijn paard en mijn koninkrijk voor, dat was liefde. Dat had ik verloren.'

Dat is waar. Maar dit boek, dat ligt er toch maar. Het is ongetwijfeld een schrale troost, maar met Pip heeft Meijsing een onvergetelijk personage gecreëerd. Met haar knorrige scherpzinnigheid raakt zij de lezer vol in het hart.



Recensie: Paradiso - Kees van Beijnum

door Arie Storm voor Het Parool

De openingsbladzijden van Paradiso, de nieuwe roman van Kees van Beijnum, zijn schitterend.

Dat is bijna letterlijk het geval: alles blinkt en glinstert je tegemoet. Het lijkt erop dat Van Beijnum een stevig statement heeft willen maken, en wel het volgende: Gerbrand Bakker en Ricus van de Coevering en wie allemaal nog meer in staat zijn Nederland zo mooi en weemoedig mogelijk te beschrijven, doe maar weer even een stapje opzij, want hier kom ik!

En het is waar, Nederland ís, in al zijn pracht, van Kees van Beijnum in dit boek, en wel héél Nederland - van de polders, de daar aangelegde dorpen, de dijken, het water, de weilanden en de natuur tot de stad, ja, tot nota bene Amsterdam-Noord, waar de roman begint.

Het prachtige schrijven begint meteen al daar, in Amsterdam-Noord, in de woning van ene Karin. Het is niet zo'n bijzonder optrekje, maar dat wordt het zonder problemen wel in het brein van hoofdpersoon Mart:
'Dit huis, dacht hij, deze muren, gangen, vloeren, stemmen en geuren, lichamen die langs elkaar schoven, stapeltjes schoon wasgoed op de trap, briefjes met ''niet vergeten: vuilnis!'
Van Beijnum schrijft het hele boek door sterk gedetailleerd.

En die schoonheid, wordt voorzichtig gesuggereerd, speelt zich misschien 'slechts' in het hoofd van Mart af: 'Hij probeerde paal en perk te stellen aan zijn verbeelding (…).' Maar dat lukt niet. Mart heeft gewoon te veel oog voor wat mooi is.

Dat geweldige en genietende kijken en schrijven is zeker één van de sterke punten van deze roman.

Natuurlijk schuilt wel een addertje onder het gras, want wat is er aan de hand?

Dit: Mart bevindt zich daar in Amsterdam-Noord niet in zijn eigen huis en Karin is niet zijn eigen vrouw. Al een jaar heeft Mart een geheime relatie met deze Karin.

En nu, al vrij snel na de verbluffende openingsbladzijden, belooft Mart Karin dat hij ze thuis zal vertellen over hun verhouding. Hij is bereid zijn wettige echtgenote en zijn veertienjarige dochter in de steek te laten.

Daar gaat Mart, in zijn auto, de stad uit, de polder in, op weg naar wat nu nog zijn thuis is.
'Hij reed over de rechte, bijna lege weg. Boven de weilanden hing een bleke nevel, sporadisch onderbroken door de roerloze, logge gestalte van een koe. Het witte uur van het vlakke land, zo wonderlijk zacht en lichtend en raadselachtig.'
Van Beijnum blijft alles hartverscheurend mooi opschrijven en het werkt: je raakt als lezer heel erg aangedaan door deze roman.

En dan volgt een, zou je bijna zeggen, typisch Nederlandse plotwending: er blijkt in het dorp waar Mart woont een dijk te zijn doorgebroken. De hele buurt waar hij met zijn gezin woont, is geëvacueerd. Zijn dochter bevindt zich veilig bij een vriendinnetje, maar zijn vrouw is spoorloos verdwenen.

Het zou flauw zijn te onthullen of Mart zijn vrouw terugvindt. Maar ook dit element van het boek blijkt Van Beijnum volledig in de vingers te hebben: hij kan ècht spannend schrijven. Maar dat wisten we eigenlijk al, van zijn eerste boek, Over het IJ (1991), en ook van de latere roman De ordening (1998).

Ja, dat maakt Paradiso tot zo'n bewonderenswaardige roman: Van Beijnum beheerst het metier en wel op een bijna achteloze manier. Hij laat de lezer van de eerste zinnen af aan soepel in het hoofd van hoofdpersoon Mart duiken. We leven met hem mee. We ervaren de schoonheid die hij ervaart. Van binnenuit leren we vervolgens zijn twijfels kennen. En met Mart gaan we onzeker op zoek naar zijn vrouw. En dat alles in een kenmerkende en ijzersterke Hollandse setting. Tot slot: net als Mart veranderen we in de loop van deze roman, we gaan dingen anders zien. Echt héél anders.

Indrukwekkend.

Lees hier een exclusief fragment uit Paradiso


maandag 28 januari 2008


Liefdesdolk levert Lulu Wang literatuurprijs op

Een seksfragment uit het boek Heldere Maan van Lulu Wang is verkozen tot slechtst beschreven seksscène van de afgelopen vijf jaar.

De Slechte Seks Prijs, een initiatief van het Amsterdamse literatuurfestival Weerwoord, werd zondag uitgereikt.
"In mijn nachtelijke verbeeldingen was jij de tijger en ik de gazelle. Ik probeerde je te ontvluchten, maar je haalde mij met een paar sprongen in. Je brulde van de drang om mij volledig tot je te nemen, je kwijlde alvast en je bromde van opwinding toen ik in je handen viel.

Ik wilde dolgraag dat je lippen, tong en je liefdesdolk bij mij binnendrongen, mij van alles beroofden, mijn honger en dorst naar jou inbegrepen. Ik bad tot Boeddha dat jij mij zou vervoeren naar het zalige einde van de zoektocht naar jouw beminnelijkheid.

Toen je uitgeput opzij rolde, kon ik mijn lotsbestemming tegemoet gaan, als een gouden feniks die opsteeg uit de as van alles verterende lusten, en die daarheen vloog waar alleen vrede en tevredenheid heersen."
Wang "won" met een derde van de in totaal 1.500 stemmen. "Ik ben blij verrast en ik bedank iedereen die op mij heeft gestemd", aldus Wang.

De Slechte Seks Prijs is in het leven geroepen door mensen die zich ergeren aan "slecht geschreven proza en aan het gratuite gebruik van seks in de literatuur", aldus de organisatie. De prijs heeft als doel om overbodige, vervelende en slecht geschreven seksscènes in de literatuur te ontmoedigen.

De vier andere genomineerden waren Elsbeth Etty (met een fragment dat deels ontleend was aan De ontdekking van de hemel van Harry Mulisch), Cindy Hoetmer, Vonne van der Meer en Bart Van Lierde, de eerste winnaar.

De uitreiking van die eerste Slechte Seks Prijs leverde vorig jaar in Antwerpen een hilarische avond op met als apotheose de uitreiking van de prijs door Katja Schuurman. Behalve op een magnum fles champagne werd Van Lierde ook getrakteerd op een weekend sauna en bezinning ‘om het af te leren’.


vrijdag 25 januari 2008


Zilveren Vingerafdruk 2007 voor Close-up

Close-up van Esther Verhoef is vandaag bekroond met de Zilveren Vingerafdruk 2007, de publieksprijs voor de beste thriller.

Vorig jaar won Esther Verhoef De Zilveren Vingerafdruk, een initiatief van Crimezone.nl, ook al met Rendez-vous. En ook haar tweede literaire thriller wordt door het publiek verkozen tot beste van het afgelopen jaar. Dit jaar werden voor het eerst twee prijzen uitgereikt: een voor de beste Nederlandstalige thriller en een voor de beste buitenlandse thriller. In deze laatste categorie was Onaantastbaar van Karin Slaughter de winnaar.

Esther Verhoef brak in 2006 door met Rendez-vous. Het boek werd genomineerd voor de NS Publieksprijs en bekroond met De Zilveren Vingerafdruk. Met haar tweede literaire thriller, Close-up, bewees Esther Verhoef tot de top van de Nederlandse thrillerauteurs te behoren. Dit boek werd genomineerd voor de NS Publieksprijs, De Gouden Strop en de Diamanten Kogel en bekroond met De Zilveren Vingerafdruk 2007. Van beide thrillers werden zowel de Duitse als de Engelse vertaalrechten verkocht.
(persbericht)



Recensie: Alleen voor helden - Yolanda Entius

door Daniëlle Serdijn voor de Volkskrant

Rakelings (2005) was een verrassend debuut. Kleurrijke personages, mooi verhaal. Naast een aantal positieve recensies ontving de auteur, Yolanda Entius (1961), er de Selexyz-debuutprijs voor. Heel bemoedigend allemaal. Maar ook een blok aan het been; een goed debuut schept nu eenmaal verwachtingen.

Wat daarna te schrijven? Met haar tweede roman, Alleen voor helden, wekt Entius de indruk alsof ze zich maar al te zeer bewust is van die ongemakkelijke positie, en maar gewoon meteen aan de slag is gegaan. Op hoop van zegen.

Een gloedvolle roman heeft dat besef niet opgeleverd. Eerder is Alleen voor helden dat noodzakelijke boek tussen een eerste en een derde in. Een zwakke echo van het debuut is hoorbaar. Het onderwerp, relaties, passeert nog eens.

Entius vertelt de geschiedenis van drie pubers op weg naar volwassenheid. Twee van hen, broer Boris en zus Lucy, bijna even oud, doen denken aan de zonderlinge tweeling uit Entius’ debuut. Ze groeien op zonder moeder. Vader is aan de drank. Wanneer een nieuwe jongen, David, bij hen op school komt, ontstaat er zo’n hechte relatie tussen de drie, dat de scheidslijnen tussen de domeinen vriendschap, liefde en seksualiteit haast onzichtbaar worden.

Zo gaat dat als je jong bent.

Later lach je erom. Of je hebt spijt. Dat laatste overkomt Lucy. Als een Floortje Bloem blijft ze vasthouden aan die ene gelukkige periode in haar leven. Dat wordt haar fataal.

Het verlangen verziekt haar zodanig, dat ze een fantasiekind creëert en zich op latere leeftijd vergrijpt aan David. Op zich wel origineel, zo’n omgekeerde verkrachtingsscène, het vergt net wat meer inspanning van het voorstellingsvermogen.

Ook de jongens wentelen zich in hun ongeluk nadat de vriendschap is verwaterd. Als het drietal jaren later weer bijeenkomt, wordt de balans opgemaakt.

Dan blijkt dat er veel is misgegaan vanwege onuitgesproken (seksuele) verwachtingen.

De wetmatige spanning binnen een driehoeksverhouding is beslist een boeiend idee.

Maar het lijkt alsof de schrijfster te snel, te makkelijk aan het werk is gegaan. Dat Alleen voor helden niet de overtuigende roman is geworden die Entius had kunnen schrijven, is ronduit jammer.



Recensie: Koetsier Herfst - Charlotte Mutsaers

door Arjan Peters voor de Volkskrant

En dan nu de toekomst in. Het roer moest om voor Charlotte Mutsaers. Nadat zij in de jaren tachtig en negentig haar eigen vorm had gevonden, tussen essay en verhaal in, om haar onvervreemdbare kunstopvatting uiteen te zetten en in één moeite door het resultaat daarvan te tonen, werd het tijd voor iets anders. Een consequentie van haar ideeën was immers dat zij ook zichzelf moest blijven verrassen.

Dat werd penibel, nadat ze met Zeepijn (1999) haar leven en afkomst nog eens had doorgenomen, met inspirerende uitstapjes naar talloze kunstenaars met wie ze zich verwant voelt. Dat boek leek een samenvatting, en nu Mutsaers acht jaar later in haar nieuwe roman een schrijver opvoert met een writers’ block, zou het goed kunnen dat de inzinking van deze Maurice Maillot niet uit de lucht komt vallen. ‘Dit boek bestaat uit ervaringsfeiten’, laat de schrijver in de introductie weten.

Ze had met gemak meer van hetzelfde kunnen maken, maar haar eigenzinnigheid verbood zulks. Dus wilde ze niet opnieuw terug naar haar jeugd, om de verdrietelijkheden van toen te verwerken, ze achteraf draaglijk te maken door ze om te smeden in welhaast martiale feestelijkheid. Haar pleidooi voor verbeelding en illusie, desnoods dwars tegen de modes en codes van de goegemeente in, was inderdaad zo ongeveer afgerond.

Maar levert die houding ook een program op waarmee je je als rijpere kunstenaar in de 21ste eeuw staande kunt houden? Hoe nu verder? Dat was de vraag waar Charlotte Mutsaers zich voor gesteld zag.

Ze verzon een list. Zo eentje die al haar vindingrijkheid weer op stoom zou brengen: de hoofdpersoon in haar verhaal werd een man, Maurice Maillot, een schrijver wiens beste boek na zijn vijftigste nog moet komen, een vleeseter met een hekel aan intellectuelen, die door de vondst van een mobieltje in het Vondelpark (Mutsaers houdt van het toeval, van wat je toevalt als je er niet op bedacht bent) in aanraking komt met een jonge blonde Betty Boop met goddelijke stelten en een Frida Kahlo-snorretje, die zegt dat ze Adolphe heet, wat waarschijnlijk Dora moet zijn, een dierenactiviste die Maurice meeneemt naar Oostende rond de kersttijd. Daar gaan ze hun wittebroodsweken vieren.

Maar terwijl in de voormalige koningin der badsteden de bevolking gehuld in bontjassen koers zet naar de gemoedelijke restaurants om zich daar op arme kreeften te storten, hult Dora zich in sexy latex, bivakmuts op de blonde kop, om als lid van het Lobster Liberation Front de boel op stelten te zetten.

Maurice leert ze intussen de geneugten van de vegaburger en een McPita, en eenmaal op de hotelkamer opent ze haar mond om een Golden Shower uit zijn mannelijkheid op te vangen. Vanaf het nachtkastje kijkt een foto van Osama bin Laden toe, ‘baard boven baard’, een beauty, met zijn zachtmoedige blik en dichterlijke inborst, zwijmelt Dora.

Ongepast? Incorrect? Ongeloofwaardig? Radicaal? Het is maar hoe je het bekijkt. De creatieve explosie die Koetsier Herfst heet, naar een melancholiek gedicht van die heerlijke Osama, een titel die ‘vitaliteit met vergankelijkheid verzoent’, is de halsstarrige verdediging van de stelling dat ‘er maar één realiteit is, die van jezelf’, en dat er achter de speelsheid en de onwil tot relativeren die het gedrag van Maurice en Dora kenmerkt, een groot medelijden schuilt met alles wat weerloos is, inzonderheid met de machteloosheid van dieren tegenover de zogenaamd verstandelijke mensen.

‘Radicaliteit bestaat niet’, houdt Dora haar schrijver voor: ‘Er bestaan alleen verschillende standpunten. Kijk maar naar de horizon. Bij het geringste sprongetje gaat hij al omlaag maar de lafaards durven dat sprongetje niet te maken.’ Er bestaat alleen rechtvaardigheid: ‘Is het leven in een klein lichaam minder waard dan in een groot? Dat zou je niet zeggen als je de gebrekkige ouderenzorg afzet tegen de overdreven aandacht voor couveusewormen. Dat zou je echt niet zeggen.’

Verwar daarom ook de lofzang niet die Maillot aanheft op de Nieuwe Leliestraat in de Amsterdamse Jordaan, waar het barst van de aanbiddelijke huisdieren, al dan niet in geborduurde vorm op kussens (‘een bonte kunstnijverheids-zoo, dat is het’) met ongevaarlijke leut. Het is niet minder dan een overlevingsstrategie, wat dacht u daarvan? Alleen door de ‘School des Levens’, de consensus, de goede smaak, de dwang van wat wel mag en wat niet is toegestaan aan je laars te lappen, maak je kans om je eigen illusies en overtuigingen gestand te doen.

Nieuw is het niet wat Charlotte Mutsaers demonstreert, maar onverminderd is haar strijdlust, en het vuurwerk van haar geen moment verflauwende proza werkt geregeld op de lachspieren:
‘Koffie?’, vroeg ze.
‘Graag.’
‘Apfelstrudel?’
‘Graag.’
‘Melk in de koffie?’
‘Graag.’
‘Suiker erbij?’
‘Graag.’
‘Voor een schrijver’, zei ze, ‘is uw woordenschat tamelijk beperkt. Of bent u zenuwachtig?’
Dit soort dialogen durft het gros van Mutsaers’ collega’s, tuk op doorgewerkte dialogen die het aan natuurlijkheid ontbreekt, zich zelden of nooit te permitteren.

Zij trekt zich daar niets van aan – of nee, ze wordt door de conventionaliteit juist aangespoord het eens op háár manier te zeggen. En ieder die haar koddig of snoezig wenst te noemen, kan direct de mond spoelen. Bittere ernst is het, willen we dat wel geloven? Ja, ook als Maurice opmerkt dat je af moet blijven van een man die ligt te pitten in bed: ‘Dan doe je niet stiekem zijn broek omlaag om met je schalkse kop aan zijn zak te lurken.’ Zo is het toch zeker? Net zoals een vrouw let op een fijne geur als het eenmaal zo ver is, ‘als ze met andere woorden een brandschoon en geurig bedje spreidt voor het ejaculaat, dan getuigt dat van stijl, begrip en inlevingsvermogen’.

Zo kun je de herfst, ook de herfst des levens, met een gerust hart verbeiden. Want zo ben je gewapend tegen de terreur van middelmaat, die alle excentriciteit uit het bestaan probeert te bannen. Poëzie van een terrorist, sierkussens in de Jordaan, een mobieltje dat op de bodem van de Bloemgracht ligt en ruisend antwoordt als je het belt, een poedel die met zijn tongetje hulp verleent in het liefdesnest, een asbak in het wonderlijke James Ensor-museum in Oostende, het ‘clownsneusje’ van Do dat ze zielsgraag laat beplassen – het is helemaal niet raar, al is het misschien komisch; het wordt eerst en vooral zomaar mogelijk, het denkbare krijgt vleugels en bestaansrecht, in het mobiele circus van deze oorspronkelijke geest, die vanuit haar bonte koets met vertrouwen de winter tegemoet wuift.


woensdag 23 januari 2008


Xenia Kasper schrijft tweede roman

door Wilma Nanninga voor de Telegraaf

Xenia Kasper zegt het nog een keer duidelijk. Er zijn geen overeenkomsten tussen de vrouw waarover zij schrijft in haar nieuwe roman 32°C: 1 baby, 1 moord & 1 perfecte man en haarzelf of goede klant en vriendin Linda de Mol. "Hoofdpersoon Susa is een samenraapsel van misschien wel alle vrouwen die ik ken. Haar leven is over the top. Het vertelt het verhaal van het jaar waarin zij moest kiezen tussen vier mannen. En hoe moeilijk een keuze is. Ik noem dat een modern vrouwenvraagstuk.”

„Wie zou jij nemen?”, vraagt de van oorsprong Duitse Xenia lachend. „Martin, je ex-man die opeens weer lief en zorgzaam doet, Max, je onbereikbare ideaal van wie je zwanger bent, Ben, de multimiljonair of Henri, de rechercheur die van seksuele spelletjes houdt…”

De meeste vriendinnen van Xenia, inclusief Linda, vinden dat Susa de spannende Henri verdient. Susa wordt door hem ingesmeerd met een heerlijke (!) mix van behangsellijm en glijmiddel en om hem te plezieren wringt ze zich in nauwe latex. Die relatie lijkt de vrouwen die ook van Gooische Vrouwen houden het meest ideaal. Henri is namelijk ook nog humoristisch, zorgzaam en aardig.

Xenia: „In mijn eerste boek zat geen expliciete seks. Daar ben ik nu van afgeweken. Het maakt onderdeel uit van elk vrouwenleven en elke vrouwenfantasie. Dat zie ik ook in de boeken van Saskia Noort en Heleen van Royen. Ik denk dat deze roman beter is dan mijn eerste. Sneller en spannender; er komen ook twee moorden in voor. In mijn eerste boek wierp ik een probleem op: wat er met je gebeurt als je de prins op het witte paard al hebt, en hoe je de relatie dan levendig houdt. Nu gaat het om wat te doen nadat je hebt besloten te scheiden. En ik heb over de uiteindelijke keuze van Susa heftige discussies gehad. Haar keus is misschien niet de meest voor de hand liggende…”


dinsdag 22 januari 2008


Myrna Goossen maakt boek over liefde voor kind

Zelf heeft ze geen kinderen, toch maakte Myrna Goossen boekje over de liefde voor je kind. De gedichtenbundel Zo Mooi, Zo Lief, Zo Klein... is vanaf half februari verkrijgbaar bij drogisterijketen Kruidvat, aldus een woordvoerder dinsdag.

De presentatrice van het tv-programma Aperitivo heeft zelf geen kinderen, maar noemt de geboorte van haar nichtje „het grootste geschenk”. De gevoelens die Goossen toen heeft ervaren, heeft ze aan het papier toevertrouwd. Het gaat om „odes, bedankjes en wensjes voor ieder kind op aarde”.
(uit de Telegraaf)


maandag 21 januari 2008


Joost Zwagerman wint Gouden Ganzenveer

Schrijver, dichter en essayist Joost Zwagerman heeft de Gouden Ganzenveer gewonnen. Dat maakte de jury, met als voorzitter Paul Schnabel, directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau, gisteren bekend.



De jury lauwert Zwagerman als spraakmakende en veelzijdige schrijver „met een sterk gevoel voor maatschappelijke verantwoordelijkheid, als essayist, columnist, debater, presentator en als bruggenbouwer tussen kunst, literatuur en samenleving”. Ook zijn bloemlezingen van de Nederlandse en Vlaamse literatuur oogsten veel lof.

De jaarlijkse prijs, uitgereikt door de Academie De Gouden Ganzenveer, wordt toegekend aan een persoon of instituut met grote betekenis voor het geschreven of gedrukte woord in Nederland.

Op 17 april vindt de uitreiking aan Zwagerman plaats. De prijs bestaat uit een ganzenveer van goud en een jaar lang erelidmaatschap. De prijs ging onder andere naar het Cultureel Supplement van deze krant, en naar Michaël Zeeman, Jan Blokker, Kees van Kooten en Maria Goos. Tom Lanoye was de eerste buitenlander die geëerd werd met de Gouden Ganzeveer.

Joost Zwagerman is „Ja, ik ben er best wel blij” met de prijs. En niet alleen hijzelf is vereerd, „ook mijn voorgangers mogen zich zeer vereerd voelen dat ik in het rijtje kom te staan.” De gouden veer – op een sokkeltje – die hij uitgereikt krijgt, komt waarschijnlijk bij zijn oudste zoon in de kast, „die houdt nogal van bling bling”.

De voordracht die hij bij de uitreiking in april zal geven, is nog niet helemaal uitgekristalliseerd. Maar hij wil wel alvast een tipje van de sluier oplichten.

„Mijn toespraak, en het onderwerp dat de Academie gaat bediscussiëren, gaat over de ambivalente gevoelens van de intellectuele elite ten opzichte van mensen uit het buitenland die succesvol zijn”, legt hij uit. „Zo lang mensen als Ayaan Hirsi Ali ziek, zwak en misselijk zijn, is er niets aan de hand. Maar zo gauw ze ons de les gaan leren, worden we pissig. In Nederland gaat het toch al snel volgens het gezegde dat wat boven het maaiveld uitsteekt, weggemaaid moet worden.”
(uit het NRC Handelsblad)


vrijdag 18 januari 2008


Sanneke van Hassel wint BNG Nieuwe Literatuurprijs 2007

door Ward Wijndelts voor het NRC Handelsblad

„Alleen ’s nachts", riep schrijfster Sanneke van Hassel. Hanneke Groenteman, die gistermiddag in Amsterdam de uitreiking van de BNG Nieuwe Literatuurprijs 2007 presenteerde, had net gevraagd of er wellicht een genomineerde van de prijs was die zelf de borst gaf. Van Hassel (Rotterdam, 1971) dus, aan haar zoontje van nog geen jaar.

Kort hierna maakte juryvoorzitter Alexander Pechtold bekend dat het Van Hassel was die de prijs van de Bank Nederlandse Gemeenten, groot tienduizend euro, ontving voor haar verhalenbundels IJsregen (2005) en Witte veder (2007, beiden uitgegeven bij De Bezige Bij).

Gezien het kroost in de zaal bleken meer jonge ouders genomineerd te zijn voor de oeuvreprijs voor Nederlandstalige auteurs onder de veertig, die nog niet zijn doorgebroken. Toch was het onmiskenbaar het kindje van Van Hassel dat door het voorlezen van het juryrapport heen kraaide. Pechtold bleef er stoïcijns onder en meldde dat de oogst dit jaar ‘groot en kwalitatief van een zeer hoog niveau’ was.

De jury – naast Pechtold waren dat Arjen Fortuin (NRC Handelsblad), Edith Koenders (de Volkskrant), Maarten Moll (Het Parool) en Fleur Speet (het Financieele Dagblad) – had een shortlist samengesteld waarop naast Van Hassel ook Walter van den Berg, Saskia de Coster, Bart Koubaa, Jan van Mersbergen en Jowi Schmitz stonden.

Van Hassel speelde gisteren een soort thuiswedstrijd: de uitreiking vond plaats in het Theater Instituut Nederland en Van Hassel werkte jaren in de toneelwereld – bij het gezelschap ’t Barre Land. Een paar jaar terug begon ze met het schrijven van korte verhalen, eerst bij de Schrijversvakschool, daarna onder begeleiding van schrijver Thomas Verbogt, die ze in haar dankwoord noemde.

„Ik beschouw mezelf nog steeds als beginner”, vertelde Van Hassel verder. „Het is misschien wel goed: een beginner ziet nog geen beren en wolven op de weg.”

De BNG Nieuwe Literatuurprijs bestaat sinds 2005. Eerdere winnaars waren Esther Gerritsen en Yves Petry. De bank heeft bekendgemaakt dat ze de prijs nog zeker drie jaar zal continueren.
(uit NRC Handelsblad)


donderdag 17 januari 2008


Mooiste omslag voor Sinterklaas

De kaft van het prentenboek Sinterklaas is donderdagavond gekozen tot Mooiste Boekomslag van 2007. Het boek, inclusief kaft, is getekend door de Frans-Nederlandse illustrator Charlotte Dematons. Het is de eerste keer dat een kinderboek de prijs wint.

Op de felrode kaft zijn verschillende zwarte pieten te zien. Ze klimmen in ladders en hangen aan touwen. Ook Sinterklaas is te bewonderen, staande met paraplu in de opening van een klein deurtje.

De prijs is een initiatief van het Boekblad en Stichting De Best Verzorgde Boeken. Nadat zeven boekverkopers twaalf omslagen nomineerden, kozen boekverkopers verspreid over Nederland tussen 20 december en 14 januari hun favoriete omslag. De prijs bestaat uit een beker.

De 50-jarige Dematons werd in het Franse Evreux geboren en vertrok na haar middelbare school naar Amsterdam. Daar studeerde ze aan de Rietveld Academie. Zij illustreerde onder meer boeken van Christine Kliphuis, Simone Schell, Diet Verschoor en Johan Ballegeer. Ook bracht ze een aantal eigen prentenboeken uit.
(namens Novum nieuws)



Recensie: Geboren verliezers - Elvin Post

door Peter Kuijt voor Spanningsblog

Thee getrokken van de bast van de yohimbeboom, verbetert de seksuele prestaties aanzienlijk, zo wordt beweerd. Het zorgt voor een hogere libido en het versterkt en verlengt de erectie. Sean Withers, een beruchte dopedealer in de al even beruchte wijk Washington Heights in New York, kan niet zonder. Zijn drugs hangen dagelijks in een zakje in een theepot.

Withers is een van de hoofdrolspelers in Geboren verliezers', de derde thriller van Elvin Post (1973). Zijn leven is niet het enige dat door – de handel in – drugs wordt bepaald. Neem de broers Russell en Romeo Easley. Russell is in dienst van Sean als loopjongen en uitkijkpost. De 15-jarige Romeo heeft ook voor Sean geklust, maar was toch te soft voor dit type werk. Romeo, die graag leest, verkoopt nu tweedehands tijdschriften op 6th Avenue. Zijn baas is Vernon Baxter, een voormalig crackjunk. De broers Romeo en Russell moeten voor hun eigen kostje zorgen, aangezien hun moeder Pearl zich meer focust op de whisky.

En dan is er nog Vivian Franco, de vriendin van Sean, die hij heeft opgepikt uit een nachtclub. Zij houdt zich onledig met het verzorgen van haar hondje, een Jack Russell dat een blauw jasje draagt en luistert naar de naam Zebra. Vivian is ook een regelmatige bezoekster van bijeenkomsten waarin dromen worden geduid.

Ziedaar de weinig optimistische levensloop van de karakters in de nieuwste thriller van Post. Het zijn zonder uitzondering geboren verliezers, die in de iconen van de entertainmentindustrie hun helden zien: Bruce Willis, Madonna, Jack Nicholson, Oprah Winfrey, ja zelfs de afzichtelijke betweter Dr. Phil. De cover van het boek is een verwijzing naar de filmwereld: daarop toont een vrouw eenzelfde soort masker als in Eyes Wide Shut werd gedragen.

Het leven van de geboren verliezers gaat z’n normale gang, totdat een andere drugsdealer zich in het territorium van Sean Withers waagt. Dat levert risicovolle ogenblikken op voor Withers, maar eveneens voor Russell. En ook achter zijn tijdschriftentafel kan Romeo zich niet langer veilig wanen.

Bloedstollend spannend wordt het niet in Geboren verliezers en het verhaal komt pas laat op stoom. En door al te veel details te verstrekken laat Post weinig aan de verbeelding over. Maar gaandeweg krijgt het verhaal de lezer toch in zijn greep. Dat komt niet alleen door de behoorlijk spitse dialogen, maar vooral door het maatschappijkritische aspect van de thriller. Geboren verliezers is harder, somberder, indringender en daardoor beter dan Posts debuut Groene vrijdag en de opvolger Vals beeld. Wrang én meesterlijk is bijvoorbeeld de terzijde over een moeder die een brief leest waarin haar twee jaar eerder omgekomen zoon wordt opgeroepen voor uitzending naar Irak.

Recensent dezes was destijds niet enthousiast over Groene vrijdag ('houterige stijl') en Vals beeld ('ondraaglijk traag'). De jury van de Gouden Strop dacht daar anders over: het debuut werd bekroond met de prijs, terwijl zijn tweede boek de shortlist haalde.

Met Geboren verliezers lijkt Post geen geboren verliezer voor de Gouden Strop. Begin juni zal blijken hoe de jury daarover denkt.



Recensie: Snijpunt - Nelleke Noordervliet

door Arie Storm voor Het Parool

Al tijdens het lezen van Snijpunt, de nieuwe roman van Nelleke Noordervliet, vroeg ik me af waarom het eigenlijk onzin is een boek als dit literair te noemen.

De thematiek is urgent en belangwekkend genoeg, daar niet van. Ook stikt het van de verwijzingen naar grote, klassieke teksten. Verder is Noordervliet een auteur met een niet geringe reputatie. 'Haar werk is veelvuldig genomineerd en bekroond,' meldt de uitgever trots.

En toch, dacht ik tijdens het lezen, zit een roman als Snijpunt dichter bij het werk van Dan Brown dan bij het oeuvre van Vladimir Nabokov. En dan is de techniek van Noordervliet nog gebrekkiger ook dan die van Brown.

Want daar begint alles mee: beheersing van de techniek. Noordervliet verzuimt de lezer het werk te laten doen. Dat maakt haar proza bijzonder steriel. Vrijwel voortdurend wordt alles uitgelegd, al dan niet door een irritant aanwezige alwetende verteller. Vraagt iemand: 'Van wie heb je dat?' dan volgt als antwoord: 'De wandelgangen.' Niets mis mee. Maar meteen daarna komt het zinnetje: 'Hij hield zich op de vlakte.' Wijsneus!

Andere passage. Meisje komt een huis binnen. Dan staat er: 'Zoals altijd trof haar de geur van haar vaders huis, zo anders dan die van haar moeder.' Nog afgezien van het niet echt correcte Nederlands en mijn afkeer van 'Zoals altijd', wat ik dof proza vind, komt er weer zo'n uitleggerige zin achteraan: 'Ze bepaalde haar oordeel over mensen aan de hand van de geur die in hun huis hing.'

Horendol word je ervan; niets wordt sec opgeschreven.

Op stilistisch gebied zijn er nog veel meer bezwaren. Zo hangt er een waas van sentimentaliteit over de woorden, zich uitend in maffe hysterie: 'Stootte de school haar uit, haar huis deed dat niet. Ze kaatste van muur naar muur, van kamer naar kamer…' Verderop, vele bladzijden later, volgt een vergelijking met een flipperkast.

En dan zijn er de vette bedoelingen. Ik zie de volgende angstaanjagende scène ergens op een middelbare school al voor me. Leraar. Leerling. Mondeling. Leraar: 'Zo, leg de titel maar eens uit?' Leerling: 'De titel Snijpunt verwijst letterlijk naar de messteek die een Marokkaanse leerling zijn lerares toebrengt. Maar een snijpunt is ook een punt waar meer lijnen elkaar kruisen of snijden. Dus verwijst de titel eveneens naar het punt waar de verschillende verhalen in deze roman elkaar kruisen.'

Ja, zo komt de 'literatuur' aan haar slechte naam. Je zou bijna zeggen dat het terecht is dat het onderwijs erin op de scholen meer en meer wordt teruggedrongen.

Zoals te vrezen viel, trouwens, versterken de verhalen die in Snijpunt worden verteld elkaar niet - ze verzwakken elkaar. Het zijn er een stuk of drie, vier (vijf, zes, zeven, acht…).

Er is inderdaad het verhaal van de lerares die door de leerling wordt gestoken. Verder is er een zoektocht naar een als een kluizenaar levende en inmiddels hoogbejaarde cultschrijver. Ook is er het verhaal van een zestienjarig meisje dat haar weg moet vinden in het leven, en dat terwijl haar ouders gescheiden zijn. Die vader heeft trouwens een Italiaanse achtergrond en is gefrustreerd omdat hij geen universitair onderwijs heeft genoten. Hij is op zoek naar respect. Vooral van zijn ex-vrouw. En daar hebben we de zaak zo'n beetje rond, want respect en Marokkanen en Italianen - dat hoort allemaal bij elkaar.

De verhalen worden trouwens niet soepel door elkaar heen verteld. Na het eerste deel horen we vrij weinig over die steekpartij. Het mes wordt dan vrijwel uitsluitend nog metaforisch opgevoerd. Of in spreekwoordelijk taalgebruik: 'Dit is de andere kant van het mes dat aan twee kanten snijdt.'

En dan opeens snijdt die vader zijn eigen ballen eruit. Zelfcastratie! Dat doet hij in Italië, waar we dan al een derde van het boek ronddazen in een schitterend landschap. Laten we dat niet vergeten! Italië is mooi!

Lees hier een fragment uit Snijpunt
of bekijk de trailer van het boek.


woensdag 16 januari 2008


Boek over 'topsporters uit de kast'

Homoseksuele topsporters komen binnenkort uit de kast in een boek waarin zij openhartig vertellen over hun geaardheid. Dat heeft Karin Nederpelt, de voorzitter van de John Blankenstein Foundation, woensdag gemeld.

Scheidsrechter en homoactivist Blankenstein, die anderhalf jaar geleden overleed, was een van de zeer weinige openlijk homoseksuelen in de voetbalwereld.

In het boek, dat de titel Gelijkspel heeft, komen onder meer hockeyers, schaatsers, wielrenners, autocoureurs en springruiters aan het woord. ‘Het is ons alleen nog niet gelukt een voetballer te vinden die zijn verhaal wil vertellen’, legt Nederpelt uit.

Ze wil nog geen namen noemen. ‘Die bewaren we voor als het boek uitkomt. Alle betrokkenen krijgen ook van tevoren nog inzage in het uiteindelijke resultaat.’

Het is niet de bedoeling om sporters te dwingen voor hun geaardheid uit te komen. ‘Maar het is vreemd dat er zo'n taboe op homoseksualiteit rust in de sportwereld’, vindt Nederpelt.

‘Het is geen goed signaal naar jonge sportertjes toe. Voetbal is dan wel een machosport, maar dat betekent niet dat er alleen maar hetero's op het veld rondlopen. Dat is statistisch onmogelijk.’

De John Blankenstein Foundation is opgericht door homobelangenorganisatie COC Nederland, die het boek mede heeft geïnitieerd. ‘Veel homo's hebben geen zin meer om teamsporten te bedrijven’, legt voorzitter Frank van Dalen uit. ‘Omdat ze dan continue grappen en opmerkingen moeten verdragen. Die negatieve grondhouding moet maar eens worden doorbroken.’

Het COC voert op dit moment ook gesprekken met de KNVB om de homofobie uit de voetbalwereld te bannen. ‘Je kan dan bijvoorbeeld denken aan het stoppen van wedstrijden bij homofobe spreekkoren, zoals in Engeland al het geval is.’

Gelijkspel wordt geschreven door Huub ter Haar. Het is de bedoeling dat het boek uitkomt tussen de Olympische Spelen en de start van de nieuwe voetbalcompetitie.
(namens het ANP)



Knetterende Letteren krijgt doorstart op Cultura

Vanaf dinsdag 29 januari krijgen literatuurliefhebbers iedere maand een uitgebreide update van de actuele stand van zaken betreffende boeken en literatuur, op het digitale themakanaal Cultura. Het ter ziele gegane NPS radioprogramma Knetterende Letteren wordt hiertoe voortgezet op digitale televisie en op internet. Presentator Kenneth van Zijl ontvangt schrijvers, leidt een maandelijkse discussie in het Forum en geeft prijzen weg aan kijkers.

In de eerste aflevering is Remco Campert te gast, één van de grootste levende dichters van Nederland. Onlangs werd hij bekroond met de Gedichtendagprijs voor zijn gedicht Op de Overtoom. Daarnaast praat Kenneth van Zijl met Doeschka Meijsing, die begin februari haar nieuwe boek Over de Liefde uitbrengt. Deze autobiografische roman vertelt over de verwerking van een groot drama uit haar leven, waarbij een happy end uitblijft.

Vaste rubriek in Knetterende Letteren is het Forum, waarin maandelijks een actueel thema wordt besproken. Tijdens het openingsforum discussiëren Mai Spijkers, Wouter van Oorschot en Elsbeth Etty over de Boekenberg: onzin of bedreiging?


dinsdag 15 januari 2008


Stevig literair voorjaar op komst

Door Maarten Moll voor Het Parool

Op de vakbeurs Vers voor de Pers werd gisteren de nieuwe Nederlandse literatuur van het voorjaar gepresenteerd. Een kort overzicht:

Deze week verschijnen nieuwe romans van Nelleke Noordervliet (Snijpunt, Augustus) en Charlotte Mutsaers (Koetsier Herfst, De Bezige Bij). Over twee weken komt na jaren stilte de nieuwe roman van Kees van Beijnum uit: Paradiso (De Bezige Bij), over een man die zijn vrouw wil verlaten, tot zij bij een dijkdoorbraak spoorloos raakt. Het literaire voorjaar wordt met die drie romans stevig ingezet. Wat kunt u nog meer verwachten?

Nieuw werk van Harry Mulisch! Zijn als autobiografie aangekondigde Logboek (De Bezige Bij) verschijnt volgende maand. Het is het dagboek dat hij bijhield toen hij De ontdekking van de hemel schreef.

In februari is er ook de nieuwe roman van Rascha Peper, Vingers van marsepein (Nieuw Amsterdam). Het verhaal speelt in de zeventiende en twintigste eeuw en draait om de anatoom Frederik Ruysch.

Jan van Aken schreef met Koning voor een dag (Querido) weer een historische roman, over de dichter Hipponax die leefde in de zesde eeuw voor Christus. En Armando schreef een bundel ultrakorte verhalen onder de titel Nee (Augustus).

In de rustige maand maart verschijnt de nieuwe roman van Gijs IJlander: Geen zee maar water (Cossee). Een eigentijdse roman over een staatssecretaris die het land wil teruggeven aan de zee, maar op heftig verzet stuit.

De Vlaming Erwin Mortier laat in april weer eens van zich horen met Godenslaap (De Bezige Bij), waarin een stokoude vrouw terugblikt op haar leven. Allard Schröders nieuwe roman heet De econome, (De Bezige Bij) over een vrouw die denkt dat ze wordt gevolgd.

Van Joke. J. Hermsen verschijnt De liefde dus (De Arbeiderspers) - een historische roman. Atoomgeheim (Nijgh & Van Ditmar) heet de derde roman van Marja Pruis - over een ex-activiste, een paaldanseres, angst, verleiding en straf.

In mei komt Ronald Giphart weer bovendrijven. Na het goede Troost komt hij nu met de novelle Scène (Podium); over de kracht van het beeld versus de kracht van het woord. Bij Van Oorschot verschijnt het Verzameld werk van J.M.A. Biesheuvel.

Ook fijn: De wet van Spengler (Contact) van Jaap Scholten - een excentrieke familiegeschiedenis van de Spenglerbroers in romanvorm. En de roman De lucht van zout en teer (Nijgh & Van Ditmar) van Chantal van Dam ziet het licht. Een roman die zich afspeelt tegen de achtergrond van vangstquota en visfraude. Mark Boog schreef Ik begrijp de moordenaar (Cossee), waarin een rechercheur als een laatste klus een dertig jaar oude moord onderzoekt.

En nieuwe poëzie komt van Leo Vroman, H.H. ter Balkt, Ilja Leonard Pfeijffer, Peter Verhelst, Toon Tellegen, Astrid Lampe, Ingmar Heytze, Margreet Schouwenaar en Willem Thies. Voorwaar geen slecht literair voorjaar.


maandag 14 januari 2008


Internationaal succes voor Simone van der Vlugt

Het boek De Reünie van schrijfster Simone van der Vlugt gaat naar het buitenland. De Australische uitgeverij Text Publishing Melbourne heeft de Engelstalige rechten van het boek verworven.

De Reünie zal vanaf april worden uitgebracht in Australië, Amerika, Canada, Engeland, Ierland en Schotland. Dat heeft de schrijfster maandag bekendgemaakt. Eerder werd het boek al in het Duits uitgebracht. De psychologische thriller vertelt over een vrouw bij wie een reünie van haar middelbare school een traumatische gebeurtenis uit haar jeugd oprakelt. Van het boek gingen in Nederland meer dan 200.000 exemplaren over de toonbank.

Half februari verschijnt in Nederland de vierde thriller van Van der Vlugt, Blauw Water.
(uit de PCZ)



2007: Record aantal boeken verkocht

In 2007 zijn meer boeken gekocht dan in het jaar daarvoor. Vorig jaar werden ruim 45 miljoen boeken aangeschaft, een stijging van 4,6 procent, blijkt maandag uit jaarcijfers van de CPNB.

Lezers gaven het afgelopen jaar ook meer geld uit aan boeken. De 568 miljoen euro die zij spendeerden was 7,5 procent meer dat het jaar ervoor.

De gemiddelde prijs van een boek was 12,60 euro, een stijging van bijna drie procent. Dat bewijst volgens de CPNB dat de populariteit van boeken toeneemt, omdat mensen bereid zijn meer te betalen.


vrijdag 11 januari 2008


Hella Haasse krijgt online museum

Toen ze begon met schrijven was de kroontjespen nog in gebruik. Nu krijgt Hella Haasse, die op 2 februari negentig wordt, een virtueel museum. Het museum, www.hellahaassemuseum.nl, is het eerste digitale schrijversmuseum ter wereld.

Behalve boekfragmenten, interviews en documentaires, zal het museum ook eigen documenten van de schrijfster bevatten, zoals familiefoto’s, brieven, dagboekaantekeningen en manuscripten.

Bezoekers kunnen een gerichte zoekopdracht geven of dwalen van het ene boek naar de andere publicatie, van het ene jaartal naar het andere, van brieven naar interviews. Bijvoorbeeld via een foto van een jonge Hella Haasse in Nederlands-Indië doorklikken naar de eerste druk van Heren van de thee.

Hella Haasse is geen groot fan van internet, zo onthulde ze eens in een interview met Hugo Camps voor Elsevier. ‘Ik heb een apparaat waarop ik kan e-mailen in bruikleen gekregen van mijn jongste dochter. Ik weet hoe je een e-mail kunt ontvangen en versturen. Op internet heb ik nooit gekeken. Zoals ik werk en research pleeg, volg ik liever mijn eigen zoeksysteem: in de bibliotheek.'

Ze prefereert brieven boven e-mails. 'Voor mijn roman over Charlotte Sophie Bentinck moest ik mij door een enorm archief worstelen. Toen ik haar brieven openvouwde, viel het zand waarmee die brief vroeger is afgevloeid in mijn handen. Voor zulke details ben ik erg gevoelig. Jammer, brieven zijn in diskrediet geraakt, door e-mail en de mobiele telefoon.'

Haasse zal het museum zelf openen op 5 februari, drie dagen na haar verjaardag. Vanaf die dag is het ook gratis toegankelijk voor publiek.
(afkomstig van Elsevier.nl)



Daphne Deckers wordt niet vervolgd

Daphne Deckers wordt niet vervolgd voor het verwonden van verslaggever Guido den Aansteller Aantrekker. Het Amsterdamse Openbaar Ministerie (OM) heeft de zaak tegen de schrijfster/presentatrice geseponeerd omdat er niet valt te bewijzen dat er opzet in het spel was.

Het oud-model raakte de Story-verslaggever half november op een feestje met een kapot champagneglas. Den Aantrekker moest de wond op zijn kin laten 'lijmen' door een arts. Deckers zegt dat ze een 'wegwerpgebaar' wilde maken richting de verslaggever. Den Aantrekker hield toen net zijn champagneglas voor zijn borst en deed in een reflex zijn hand omhoog. Ze heeft meteen haar excuses aangeboden, aldus haar verklaring.

De Story-verslaggever vond dat er wraak in het spel was en deed aangifte wegens mishandeling. Deckers was kwaad omdat hij een verhaal had geschreven naar aanleiding van een interview met haar ex Maurice van Zeist. Volgens Den Aantrekker sloeg Deckers opzettelijk in zijn gezicht terwijl hij net een slok van zijn champagne wilde nemen.

De lezingen van Deckers en Den Aantrekker staan tegenover elkaar, maar het OM heeft geen getuigen kunnen vinden die duidelijkheid kunnen brengen. Justitie gaat daarom vooralsnog uit van een ongelukkige samenloop van omstandigheden, zoals Deckers claimt.
(van RTLnieuws.nl)


woensdag 9 januari 2008


Möring wordt 'schrijver op lokatie'

De Vrije Universiteit (VU) Amsterdam heeft voor het tweede jaar op rij een 'schrijver op locatie'. Het aankomende jaar zal Marcel Möring, bekend van Het grote verlangen en Dis, over de universiteit zwerven en schrijven over wat hij ziet en hoort.

Abdelkader Benali, vorig jaar de eerste 'schrijver op locatie' aan de VU, heeft Marcel Möring al wegwijs gemaakt. Een kort videoverslag hiervan werd gisteren vertoond bij de nieuwjaarsreceptie van de VU.

In het verslag lopen de schrijvers over de Vrije Universiteit en merken zij op dat de samenstelling van studenten erg gemengd is. ''Wel even wat anders dan de mannenbroeders van weleer,'' zegt Möring ''Dit is toch de plaats waar vroeger kleine christelijke lieden kwamen om een stapje verder te komen. Het telde waar je vandaan kwam hier, dat is een interessant gegeven in het moderne tijdperk''.

Vijf schrijvers over een periode van vijf jaar doen mee aan 'Schrijver op Locatie'. Het is vooral de bedoeling dat zij veel schrijven tijdens hun verblijf, onder meer op een weblog en in columns. Aan het einde van het jaar komen zij met een langere publicatie die wordt uitgegeven door de universiteit. Bij Benali was dit een korte kerstnovelle getiteld De Soefi.

Elke schrijver werkt rond een maatschappelijk thema. Benali had als thema 'diversiteit'. Hij was verbaasd over hoe positief studenten met een islamitische achtergrond omgingen met hun identiteit.

''Zelfs in de bidruimte die ik bezocht, die zo afgelegen ligt dat ik die pas na een jaar zoeken vond, was er geen sprake van chagrijn.''

Möring wil zich het komende jaar focussen op het thema waardepluralisme. ''Om wetenschappers te confronteren met het feit dat er meerdere waarheden naast elkaar kunnen bestaan''.

Het concept van een writer in residence is afkomstig uit Engeland en Amerika. Schrijvers verblijven hierbij enkele weken of maanden bij allerlei soorten bedrijven en instituten. Het doel van hun aanwezigheid is om het creatieve klimaat binnen deze organisatie te stimuleren. Dit wil de VU ook graag, zegt voorzitter van het College van Bestuur René Smit.

''Het is een mooie toevoeging aan de cultuur op onze universiteit. Een schrijver kijkt op een literaire manier naar onze wereld. Door kritisch te zijn, prikkelt hij ons om te reflecteren over wat wij aan het doen zijn.''

De nieuwe huisschrijver van de VU Marcel Möring zegt vooral uit te kijken naar 'het contact en de discussie met de studenten en wetenschappers in hun eigen wereld en zodoende in hun hoofd te kunnen kruipen'.

Hij wil een bijdrage leveren aan het leerproces. ''Maar als ik schrijftalent tegenkom is het eerste wat ik tegen ze zeg dat ze moeten stoppen met hun studie.'' Möring stopte voortijdig met zijn studie Nederlandse Literatuur om schrijver te worden.
(uit Het Parool)


dinsdag 8 januari 2008


Nederland Leest' Twee vrouwen van Harry Mulisch

Het boek Twee vrouwen van Harry Mulisch is uitgekozen voor de derde editie van Nederland Leest (17 oktober - 14 november 2008). Dat heeft de Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB), dinsdag bekendgemaakt.

De CPNB hoopt dat zoveel mogelijk mensen dit boek tegelijk lezen en er dan met elkaar over gaan praten. De roman wordt daarom gratis uitgedeeld aan de leden van de openbare bibliotheken. Een luxe editie komt in de boekhandel.

De roman Twee vrouwen (1975) draait om de oudere Laura en de jonge Sylvia. Het in het Amsterdam van de jaren zeventig gesitueerde verhaal werd sinds de publicatie in tien talen uitgebracht. In 1979 verfilmde regisseur George Sluizer het boek met onder anderen Anthony Perkins.

Vorig jaar was De Gelukkige Klas van Theo Thijssen het centrale boek van Nederland Leest. Van dat boek werden bijna 1 miljoen exemplaren uitgedeeld.



Literaire Prijs voor Wanda Reisel

Het boek Witte Liefde van Wanda Reisel (foto) is bekroond met de Anna Bijns Prijs 2007. Dat is bekendgemaakt in het AVRO-radioprogramma Opium.

De Anna Bijns Prijs van 10.000 euro gaat om de twee jaar afwisselend naar proza en poëzie, geschreven door een vrouw. De prijs wordt op 3 februari in De Balie in Amsterdam uitgereikt.

De Anna Bijns Stichting kent de prijs sinds 1985 toe als weerwoord tegen de P.C. Hooftprijs, die tot dat jaar slechts vier van de vijfendertig keer naar een vrouwelijk auteur was gegaan. „Nog steeds wordt kwalitatief hoogstaande Nederlandstalige literatuur van vrouwen nauwelijks opgemerkt door literaire jury's.”

„Er is veel, heel veel - om niet te zeggen álles - goed aan deze roman van Wanda Reisel”, aldus het juryrapport. „Het vertelperspectief is gedurfd: we kijken door de ogen van een dode. Sterk contrasteert daarmee de montere en nuchtere verteltrant van deze dode, die verhaalt over een buitenechtelijke liefdesaffaire waar ze als hoofdrolspeelster bij betrokken was in de jaren vijftig op Curaçao.”
(uit de Telegraaf)


maandag 7 januari 2008


Renske de Greef "gaat negers helpen"

Schrijfster Renske de Greef en Spunk-hoofdredacteur Jan Hoek vertrekken op 15 januari naar Tanzania om een tijdschrift op te starten. In de hoofdstad Dar es Salaam "willen we met een lokale redactie een blad maken om de bezoeker van Dar es Salaam het èchte Dar te laten zien", aldus De Greef.

Het blad moet de lezer meenmenen mee langs de beste clubs, de meest getalenteerde muzikanten en de verhalen van de straat.

Aanstaande vrijdag geven ze het afscheidsfeest getiteld "Rot op en ga negers helpen" op Club 8 in Amsterdam. De entree is € 7,50 en gaat naar het goede doel.

"Met psychologische guerilla-technieken heb ik mijn best gedaan zoveel mogelijk getalenteerde vrienden te laten optreden," aldus De Greef die onlangs nog de roman Was alles maar konijnen presenteerde. Op het programma staan inmiddels dj's Toby Paul, Bin, Salvador, dj Felix en optredens van De Knapsters, Jugend Zu Heute, striptekenaar Hanco Kolk, Flo, Laura Estévez en Ava Mees.

"Neem iedereen mee, ook enge naar Limburgse zweetkaasjes ruikende achterneven, want ook die gaan we missen daar."


zaterdag 5 januari 2008


Wolkers-museum al in 2006 geschetst

De aanzet tot een museum in Leiden voor de overleden schrijver Jan Wolkers was er al in 2006. Vorige week zei de weduwe van Wolkers dat haar man graag in Leiden een museum wilde hebben.

Oud-museumdirecteur Rudi Fuchs had al op aandringen van familie en vrienden van Wolkers een schets gemaakt. De schrijver heeft daarvan voor zijn dood kennis genomen, zegt Fuchs.

In Het Wolkers Huis moesten foto’s komen uit de jeugd van de schrijver, naast beeltenissen van de geschiedenis van Leiden. Gesprekken waren er al over met de wethouders van Leiden, maar die moesten opeens het veld ruimen na het debacle rond de RijnGouwelijn, de tram-verbinding tussen Gouda, Leiden en de kust.
(van RTV West)


vrijdag 4 januari 2008


Van Dis in Afrika: grote witte man in pak

door Maud Effting voor de Volkskrant

Vanaf zondag is hij terug op tv: Adriaan van Dis. En ditmaal met een 7-delige documentairereeks over zuidelijk Afrika. Twee maanden trok hij samen met regisseur Hans Pool door de regio waar hij sinds de jaren zeventig een band mee heeft; hij studeerde er Zuid-Afrikaanse taal- en letterkunde, spreekt vloeiend Afrikaans, en schrijft er boeken over.

Van Dis moest even wennen dat hij niet in een studio zat, zegt regisseur Pool. ‘In eerste instantie zei hij: let maar op mij, ik let niet op jou. Ja, dat kan natuurlijk niet als je daar ’s nachts in het halfdonker in een kerk met duizend vluchtelingen staat. Maar hij paste zich snel aan.

‘Adriaan stapte ook heel makkelijk op dingen af. Dat heeft te maken met een soort onbezonnen naïviteit. Hij vertrouwt heel erg op de goedheid van de mens, en in die overtuiging gaat hij naar ze toe. Daardoor had hij heel open gesprekken. Mensen vonden het grappig: zo’n grote witte man in een net pak. Er overkomt hem ook niets, terwijl we best op gevaarlijke plaatsen waren.’

Bang was Van Dis volgens Pool dan ook niet. Nou ja, één keer dan. ‘Hij is bijna verzopen in Durban. We hadden die dag vreselijke dingen meegemaakt, mensen met aids gezien, en Adriaan zei: ik spoel de ellende even van me af in zee. Binnen twee minuten was hij weg. Hij probeerde terug te zwemmen, maar dat lukte niet. En ineens hoorde ik heel zwak: help, help. Ik dacht: o god, dit gaat niet goed. We zijn twee weken weg, en daar ligt de presentator te verzuipen in de Indische Oceaan.'



'Kan ik straks naar huis met Adriaan in een body bag. Ik heb de camera uitgezet. Maar ineens kwam er een zwarte surfer naar hem toe. Door hem kwam hij uiteindelijk terug. Op het laatst kwakte hij ook nog met een enorme golf op het strand – hij was meer dood dan levend. Zelf zou ik dagenlang van slag zijn door zoiets, maar hij zat twee uur later alweer moppen tappend aan tafel. Dat is typerend voor hem: Adriaan heeft vertrouwen in het leven.’

De ongelijkheid en armoede in Zuid-Afrika was extreem, vindt Pool. ‘Onderweg in het vliegtuig hoor je mensen tegen elkaar zeggen: ooh, het is fan-tás-tisch in Zuid-Afrika, ze hebben daar betere ziekenhuizen dan in Nederland. De werkelijkheid is anders.’

Het meest werden ze geraakt door een klein bedelaartje, zegt hij. ‘Adriaan gaf hem een colablikje en raakte aan de praat. Hij zal hem ook wel geld hebben gegeven; Adriaan is een boterzachte man. Het was een jongetje van 10 dat geen ouders meer had. Alleen twee broers die hem sloegen. Hij wilde rijk worden, zei hij. Terwijl je wel zag dat het nooit meer iets kon worden. Als je zo’n jongetje in het Nederlands hoort praten, dan komt het wel heel dichtbij.’



Recensie: Drie - Maarten Schinkel

door Edith Koenders voor de Volkskrant

De tijd van de goede voornemens is weer aangebroken, maar stel dat de mens helemaal niet vrij is, ‘maar de slaaf van de noodzakelijkheid’? Om deze vraag, of je je gedrag en dus je leven kunt veranderen, draait de debuutroman Drie van Maarten Schinkel, journalist van NRC Handelsblad.

Zijn boek had ook ‘Vijf ’, ‘Ze - ven’ of ‘Elf ’ kunnen heten, naar de elf dimensies die er volgens de snaartheorie zijn, maar dan had hij minstens duizend pagina’s nodig gehad en drie versies van één persoon volstaan om zijn bedoeling te illustreren.

De roman opent met de eerste versie van hoofdpersoon Walter Bardinsky, de wetenschapsjournalist die altijd had ‘gehunkerd naar een Plan, een zelf uitgedacht pad voor zijn leven’.

Hij verblijft een week in het Institute for Theoretical Physics and Multidimensional Analysis in Twente om van binnenuit verslag te doen van een baanbrekend experiment. Algauw merkt hij dat hij zelf deel uitmaakt van het onderzoek.

Versie twee heet Berry, en Schinkel zet hem neer als een geslepen heroïnejunk die van shot naar shot leeft en tussendoor steelt om aan geld te komen.

Nummer drie is de succesvolle, egoïstische zanger Spike die beroemd is om zijn protestliederen.

In het begin is het onduidelijk wat de levens van deze mannen met elkaar te maken hebben; om en om beschrijft Schinkel hun doen en laten, tot ze in het onderzoekscentrum in één ruimte belanden en beseffen dat ze een en dezelfde persoon zijn, maar dat ze hun leven een andere wending hebben gegeven.

Of konden ze niet anders? Hoe we dit allemaal moeten duiden, is niet zo eenvoudig uit te leggen. Schinkel heeft er zelf ook heel wat theorieën en filosofieën voor nodig, die hij weliswaar helder uiteenzet en zo aanschouwelijk mogelijk maakt, maar parallelle werelden zijn nu eenmaal niet zo toegankelijk.

Drie is vlot geschreven en de sciencefiction-achtige sfeer maakt de roman best spannend.

Maarten Schinkels zoektocht naar ‘een Theorie van Alles’ is boeiend, maar zijn drie Bardinsky’s zijn helaas wat vlak van karakter. Spike, met zijn ‘talentvolle luiheid’ zegeviert, maar naar het hoe en waarom blijft het gissen. Net als in het echte leven.



Recensie: Helder - Mart Smeets

door Rob de Haan voor Nu.nl

'Helder is een belangwekkend boek voor iedere sportliefhebber', meldt de achterkant van dit nieuwe boek van Mart Smeets. Dat lijkt mij een misverstand. Helder is alleen een belangwekkend boek voor liefhebbers van Mart Smeets.

Natuurlijk figureren in dit boek topsporters als Sven Kramer, Fransisco Elson, Michael Boogerd en Frank Vandenbroucke. Maar vaak worden die slechts gebruikt, om te illustreren wat een speciale persoonlijke band zulke beroemde sporters hebben met de Grote Mart Smeets.

Nog vaker zijn de sportverhalen in Helder slechts kapstokken voor moralistische levenslessen. Mart Smeets vierde dit jaar zijn 60e verjaardag en is dus al 60 jaar het absolute middelpunt van het universum. Wie zou nou beter kunnen weten hoe deze wereld in elkaar zit, dan hij?

Smeets hoeft niet zo nodig gehuldigd te worden, zo meldt hij aan het begin van het verhaal ‘Huldiging’. Maar vervolgens gunt hij zijn trouwe lezers gelukkig wel een verhaal van vele pagina’s, waarin zij mee kunnen genieten van zijn vele huldigingen, waaruit blijkt wat een legendarische journalist hij is.

Smeets is rechtvaardig en barmhartig. Om dit te bewijzen, schrijft hij in Helder regelmatig dat hij taxichauffeurs een grote fooi geeft.

Smeets lijdt voor de mensheid. Nadat hij in Amerika een reportage over de NBA-ster Fransisco Elson maakte, had hij op de terugreis te kampen met vliegtuigvertragingen. De lezers hebben de eer om al zijn emoties mee te beleven als Smeets hoort dat zijn vliegtuig van British Airways vertraagd is.
‘Ik zakte heel langzaam en met een diepe zucht van overgave achter in mijn stoel weg: dit kon godverdegodver niet waar zijn. Luizige, ongelofelijke tyfus-Britten van BA. Nooit op tijd, altijd een kutexcuus, nooit doen wat je belooft, maar wel dat o zo keurige image hooghouden. De tering konden ze krijgen.’
Smeets is gelukkig populair. Hij weet waarvoor hij lijdt: wij lezers krijgen de eer om te lezen over alle complimenten die hij voor die Elson-reportage kreeg.

Smeets is als schrijver een vakman. Zelden is er een boek verschenen, waarin de schrijver zo slordig formuleert, waarin zoveel feiten niet kloppen, waarin het halen van de deadline ‘voor de feestdagen’ zoveel belangrijker bleek dan het maken van een mooi boek, maar dat toch steeds tamelijk vlot leesbaar blijft.

Smeets kan tevreden zijn: hij is de komende weken weer alom aanwezig in duizenden Hollandse huiskamers, op tv, onder de kerstboom, in de schoen en in de boekenkast. Ja, met Helder heeft Smeets een mijlpaal geplaatst in de geschiedenis van de Nederlandstalige literatuur. Dit is een egodocument waarbij zelfs het egocentrisme uit Het Ik van Lodewijk van Deyssel en Ik, Jan Cremer verbleken.

Eigenlijk is Helder een soort psychisch-literair experiment, met als wetenschappelijke hoofdvraag: Hoeveel zelfingenomenheid past er in een boek van 207 pagina’s? Het extreme eindresultaat van dit experiment is helaas niet geschikt voor lezers van alle leeftijden en alle psychische gesteldheden. Gelukkig had de uitgeverij dat ook door.

Daarom siert op de voorpagina de heer Smeets in al zijn glorie in een zwembad. Een uitstekende test: Wie er in slaagt om een halve minuut naar deze foto te kijken, kan ook de rest van dit boek aan. Wie deze foto al niet aankan, kan dit boek beter ongelezen laten.


woensdag 2 januari 2008


Truijens niet naar TROS Nieuwsshow

Aleid Truijens van de Volkskrant gaat toch geen boeken bespreken voor de TROS Nieuwsshow (Radio 1). De omroep noemde haar onlangs als een van de vier opvolgers van Martin Ros bij het radioprogramma op de zaterdagochtend, maar Truijens heeft vorige week besloten niet mee te doen. Ze wil zich concentreren op haar werk voor de Volkskrant en op een biografie van de schrijver F.B.Hotz.

De TROS Nieuwsshow gaat nu verder verder met drie boekenrecensenten: Arie Storm van Het Parool, Ingrid Hoogervorst (voorheen De Telegraaf) en Pieter Steinz (NRC Handelsblad). Het trio gaat bij toerbeurt boeken bespreken en stelde zich afgelopen zaterdag voor in de uitzending.
(uit de Volkskrant)



Deze website verzamelt het laatste nieuws over Nederlandse boeken en schrijvers en geeft dit weer in één overzicht. Daarnaast vindt u hier ook videobeelden, recensies, fragmenten uit èn beschrijvingen van de laatste nieuwe boeken en verslagen van boekpresentaties. Word ook lid van de wekelijkse BoekennieuwsBrief en blijf helemaal op de hoogte!

Overzicht laatste nieuws:

www.assistme.nl advertentie


BoekennieuwsBrief
Wilt u op de hoogte blijven van het nieuws op deze site via e-mail? Word dan lid van de (wekelijkse) BoekennieuwsBrief! Naast het laatste nieuws treft u hierin ook voorpublicaties, recensies en/of fragmenten van nieuwe boeken.


Nog warme boeken:
Fragmenten:



Gebruik de RSS-feed
Blijf met Boekennieuws.com van moment tot moment op de hoogte van het actuele nieuws of wijzigingen op deze website. Per onderdeel wordt RSS-feed (ook wel XML-feed genoemd) aangeboden.

U kunt voor Windows FeedReader gebruiken. Deze reader is gratis, en werkt op alle Windows-platforms. Browst u over het internet met de Firefox-browser, dan ziet u een rss-knopje rechts in de adresbalk, waarmee u een abonnement op een feed kan starten. Mac-gebruikers kunnen kiezen voor NetNewsWire Lite. Ook deze is gratis. Niet alle RSS-programma's plakken onderstaande links automatisch in de lijst met favorieten. Klik met de rechtermuis op de link, kies voor Snelkoppeling kopiëren en plak deze in uw RSS-programma.

Laatste Boekennieuws
Laatste nieuwe boeken
Laatste nieuwe fragmenten

website monitoring

 Reageer
Tips? Nieuws? Commentaar? Complimenten?
Een mail naar is zó verstuurd.